maandag 28 februari 2011

Buikgriep

Paar dagen buiten strijd.

____

vrijdag 25 februari 2011

Het laatste woord en andere verhalen - Graham Greene

Het laatste woord en andere verhalen is het laatste boek van Graham Greene dat bij leven gepubliceerd werd. Wat de titel hoogst ironisch maakt. De bundel bevat twaalf verhalen die de hele schrijverscarrière van Greene bestrijken: van 1923 tot 1989. Slechts vier verhalen waren eerder in boekvorm verschenen en geen enkel had een of andere editie van de Verzamelde verhalen gehaald — te gedateerd, ongeloofwaardig, of domweg een doorslagje van een betere roman.

Ik weet zelf ook niet of dit bundeltje zo'n geschikte inleiding is tot het werk van Graham Greene. Het kortverhaal is al een ondergewaardeerd genre, en er valt niet zoveel te kluiven bij Greene als bij een Updike of Munro. Technisch blijft hij altijd en overal een uitstekende schrijver, met formuleringen die ik meteen wil uitbeelden in de praktijk — "Zijn lach leek op het schrapen van een droge keel" — maar op de korte baan heeft Greene te weinig tijd om mij als lezer te winnen voor zijn personages.

Zo is het titelverhaal, uit 1988, onbedoeld een nogal pathetische slotnoot in het anders toch zo evenwichtige oeuvre van Greene. Centraal in deze Orwelliaanse fabel staat een oude man, die zich beetje bij beetje weer herinnert dat hij Johannes XXIX is: de laatste paus op aarde die twintig jaar geleden monddood werd gemaakt door een totalitair regime dat het katholicisme met wortel en al wou uitroeien.

Zolang u nog volgelingen had, vertegenwoordigde u een alternatief. Zolang er een alternatief was, zou er altijd oorlog blijven.
De paus leidt een marginaal bestaan en mag geen religieuze voorwerpen bij zich houden — op één niet nader vernoemd boek na, allicht de bijbel. Omdat hij de laatste levende christen is, mag hij nog één keer op de foto ("Deze gewaden zijn voor de gelegenheid uitgeleend door het Wereldmuseum van Mythen") om daarna geëxecuteerd te worden. Het komt tot een confrontatie met de Generaal, het hoofd van het bewind.

De paus staat duidelijk symbool voor Greenes eigen teleurstelling om het tanende geloof in Europa. De kitsch zit 'm in de slotzin. Tussen het overhalen van de trekker en de explosie van de kogel komt er een beangstigende twijfel op bij de generaal: "Is het mogelijk dat het waar is wat deze man gelooft?" Mwah. Het verhaal lijkt geschreven op een vel waarin de schrijver uit frustratie zijn balpen zo hard heeft doorgedrukt dat het papier ervan gaat krullen.

Het is niet het enige onvolwassen product in de bundel. Een even botte afloop kent het oudste verhaal, 'Het nieuwe huis' (1923), waarin een architect door zijn opdrachtgever een gebrek aan visie wordt verweten en daar nogal makkelijk voor plooit. Ook plat vond ik 'Het geheugen van een oude man', een korte meditatie over terrorisme. Het verhaal speelt in de toekomst, in 1994: het jaar waarin de Kanaaltunnel inderdaad zou worden voltooid.

Greene was weigerachtig om de oorlogsverhalen in Het laatste woord op te nemen in eerdere bundels omdat er te veel gedateerde en voor het grote publieke onbegrijpelijke elementen in staken. Maar dat vond ik wel meevallen. In 'Het nieuws in het Engels' luistert een vrouw van een Engelse soldaat hoe haar man, achtergelaten in vijandelijk gebied, Duitse propaganda maakt op de radio. Of lijkt het alleen maar propaganda?

Het verhaal 'De luitenant stierf als laatste' las ik als een patriotistisch grapje van Greene. Het verscheen in 1940. Een tiental Duitse parachutisten zijn in volstrekt isolement geland bij het dorpje Potter, "in een hoekje van wat we in Engeland Metroland noemen — het district waar forenzen in keurige villa’s op loopafstand van het station wonen". De Duitsers maken alleen een kans als ze de hele dorpsbevolking gegijzeld houden. Maar dat is zonder de stroper gerekend — Greene speelt met dat oerengelse symbool, de jacht.

Zelfbedrog is natuurlijk een bekend thema bij Greene. Maar het hoeft niet altijd zwaar op de hand te worden uitgevoerd. 'De man die de Eiffeltoren stal' heeft de vorm van een divertimento. Koppig zet Greene zijn bekende realistische schriftuur in om, althans in het hoofd van een of andere gek, het onmogelijke geloofwaardig te maken. "Het was niet zozeer de diefstal van de Eiffeltoren die me moeite kostte; het was moeilijker om hem terug te zetten voor iemand het in de gaten had."

Maar in 'Het moment van de waarheid' is het ernst. Een ober krijgt te horen dat hij lijdt aan een ongeneeslijke kanker. Daarop zoekt hij op subtiele wijze steun bij een echtpaar dat vaste klant geworden is in het restaurant. Immers: "De nadering van de dood is als een misdaad waarvoor je je schaamt en die je niet aan vrienden of collega’s durft te bekennen, en toch blijf je ernaar verlangen iemand in vertrouwen te nemen — een vreemde op straat misschien." Het verhaal toont hoe de beste bedoelingen van de één de desillusie van de ander kan worden.

Het best bij de les bleef ik bij de speurdersverhalen. De speurder, de detective, de spion — het zijn Greenes alibi's om met scherpere oren en ogen het beestje mens en zijn biotoop te kunnen bestuderen. Ook het gevoel van superieure eenzaamheid die zo'n politieman vaak aan de dag legt, is zeer aan mij besteed.

Al zijn in Het laatste woord en andere verhalen verdacht veel jonkies van de partij. 'Een tak van de dienst' is een halve klucht. Iemand van de Britse inlichtingendienst moet zich uitgeven voor een Michelin-achtige inspecteur die voor een restaurantengids werkt. Een diarree-aanval speelt hem echter parten bij zijn spionagejob.


Cover (uitsnede) van The last word and other stories, Penguin, Twentieth Century Classics (1999)

Het beste verhaal uit de bundel heet 'Moord om de verkeerde reden', uit 1929. Het loopt vooruit op de levenslange fascinatie die Greene zal hebben voor het detectiveverhaal. Een rechercheur treft een lijk aan in een keurige villawijk en belt om versterking. In afwachting daarvan roept hij er ook de toevallige wijkagent bij. Samen gissen ze op de plaats delict wie de moord heeft gepleegd, hoe het is gebeurd en waarom. De wijkagent ruikt zijn kans op promotie en probeert vóór de snelle auto van Scotland Yard arriveert het raadsel op te lossen. De rechercheur, van zijn kant, overbluft het groentje met schrandere Holmesiaanse deducties.

Greene speelt dus met de conventies van het genre. Bovendien gooit hij er een flinke kwak melodrama tegenaan: de rechercheur kent toevallig één van de verdachten en die woont ook nog eens in de buurt. Het blijkt te gaan om een bittere vrouwenkwestie (twee mannen voor één vrouw) en er is corruptie en chantage in het spel. De ontknoping is van een Dostojevskiaanse stoutmoedigheid en zag ik absoluut niet aankomen. Greene zélf wist na al die jaren niet meer hoe de vork in de steel zat, en besloot daarom dat oude verhaal nog eens te publiceren. 'Moord om de verkeerde reden' is Greene op zijn sterkst: persoonlijke bekommernissen verdiepen én compliceren de beroepsactiviteiten van de hoofdpersoon.

Ook in 'Een afspraak met de generaal' is dat het geval. Een Franse journaliste wordt door haar nieuwe werkgever naar 'een kleine republiek' in Latijns Amerika gestuurd om uit te zoeken of het socialisme van de generaal, een vrouwengek, wel authentiek is. De vrouw staat op het punt van haar man te scheiden na de zoveelste "definitieve" ruzie — de vierde in vier jaar. In dit verhaal viel me Greenes talent op voor het op maat van de situatie gesneden beeld...
Ze stond omringd door half-Indiaanse gezichten in de kleine achtertuin van een witte villa in een buitenwijk. De mannen droegen allemaal een revolver aan hun riem en een had een walkie-talkie die hij dicht tegen zijn oor gedrukt hield alsof hij met de intensiteit van een priester wachtte tot een van zijn Indiaanse goden iets zou afkondigen.
... en, zoals gezegd, de manier waarop hij privé-besognes een tafereel laat kleuren. Bijvoorbeeld wanneer de vrouw haar bandrecorder moet afgeven.
‘Het is maar een recorder. Ik heb nooit steno geleerd. Ziet hij eruit als een bom?’
‘Nee. Maar het is toch beter. Alstublieft.’
Ze legde hem neer. Ze dacht, ik zal op mijn geheugen moeten vertrouwen, dat verdomde geheugen, het geheugen dat ik haat.’
De bewuste generaal is natuurlijk een dubieus figuur. Al komen we van hem alleen iets te weten bij monde van zijn sergeant. Alle politieke tegenstanders mogen een poosje meereizen met dezelfde trein als waarin de generaal, zegt deze. Maar de generaal is degene die de trein bestuurt. Hij beslist bij welk station gestopt wordt, en niet zijn passagiers. Zeker, het is toegestaan om communist te zijn in de republiek...
'Maar we hebben geen partijen.’
‘Niet één?’
‘Niet een. Iedereen mag denken wat hij wil. Geldt dat ook in een partij?’
Meer indruk maakte 'Het loterijbriefje'. Thriplow, een zeer welgestelde vrijgezel van zo’n tweeënveertig, is een verlegen man. Maar zijn verlegenheid neemt een eigenaardige vorm aan: ze brengt hem ertoe als hij in het buitenland op vakantie gaat om allerlei ongemakken op te zoeken. Sociale contacten kan hij niet verdragen en daarom kiest hij voor het decor van zijn vlucht die delen van de wereld waar zijn medetoeristen niet samenstromen. Deze keer trekt hij naar een somber tropisch Mexicaans deelstaatje.

Daar, met meikevers in de hotelkamer en enkel gewapend met een taalgids Spaans "voor zijn eerste levensbehoeften", wint hij een groot bedrag met de loterij. Hij voelt zich een uitbuiter en wil het geld terug in de gemeenschap investeren. Maar in zijn poging om een Carnegie-achtige weldoener te spelen, ontwricht hij de lokale politieke verhoudingen.

Zijn geld wordt door de plaatselijke despoot — de zoveelste in deze bundel — gebruikt om de regeringstroepen te betalen. En dat is handig in een tijd dat de rebellen voor de deur staan. Er valt een dodelijk slachtoffer en Thriplow moet zijn dochter onder ogen komen.
Ze bezat het soort clichématig psychologisch inzicht dat je vaak aantreft bij nonnen. Hij haalde zijn portefeuille te voorschijn en gaf haar alles wat hij had. De daad die ingegeven werd door haat was als een daad van liefde. Ze zei: ‘Het is meer dan ik nodig heb — maar misschien kan ik iemand omkopen en een priester laten komen om hem te begraven — uit een andere staat. Hier, moet u weten, sterven we als honden. Dank u.’ Ze was vastbesloten om het hem makkelijk te maken. Ze had zich verschrikkelijk ver teruggetrokken op de toppen van haar religieuze berusting en keek toe hoe arme duivels, net als kevers, hun fouten begingen. Ze zei: ‘Ik zie dat u een vriendelijk mens bent. Alleen naïef… wat het leven betreft, bedoel ik,’ voegde ze eraan toe en met de vernietigende trots en eenvoud van het klooster.
> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken

Graham Greene, Het laatste woord en andere verhalen
141 p.
Uitgeverij Bert Bakker, 1991
Oorspr. The last word and other stories (1990)
Vertaald door Tineke Funhoff


____

donderdag 24 februari 2011

TheBrowser

"TheBrowser is creating a 21st century library of Writing Worth Reading. We aim to help our readers discover the best writing available by recommending articles, interviews and books that are of interest to the intellectually curious reader. Recommendations on TheBrowser are made by humans not software. We rely on the opinions of recognised experts (independent authorities and our in-house editors) when selecting the content we feature.TheBrowser is not a news website. Our priority is to curate writing of lasting value — whatever its length or form.

> http://thebrowser.com/

____

Public Domain Day

"Here is a full list of authors who are entering the Public Domain in 2011, along with authors who entered the Public Domain in 2010."

> http://publicdomainday.org/

____

Words without Borders

"Words without Borders translates, publishes, and promotes the finest contemporary international literature. Our publications and programs open doors for readers of English around the world to the multiplicity of viewpoints, richness of experience, and literary perspective on world events offered by writers in other languages."

> http://wordswithoutborders.org/book-reviews/

____

Skeptical Inquirer Archives

"The mission of the Committee for Skeptical Inquiry is to promote scientific inquiry, critical investigation, and the use of reason in examining controversial and extraordinary claims."

> http://www.csicop.org/si/archive

____

Paleofuture

"The Paleofuture blog was started by Matt Novak in January of 2007. Matt has since become an accidental expert on past visions of the future, and has amassed an enormous library of media related to the study of retro-futurism."

> http://www.paleofuture.com/ [via]

____

woensdag 23 februari 2011

De jacht op de Veluwepoema - Peter Burger

Een broodjeaapverhaal, stadssage of urban legend is een verzonnen verhaal over een bizarre gebeurtenis, vaak van recente datum, dat als waar gebeurd wordt doorverteld. Vooral door de manier waarop ze verteld worden, winnen broodjeaapverhalen aan overtuigingskracht. Peter Burger is zeker niet de eerste die ze verzamelt, maar dit boek maakt mooi duidelijk dat de sterkste verhalen niet uitsterven — ze beginnen een nieuw leven onder een andere naam.

De reguliere media helpen dapper mee aan het verspreiden van onware verhalen. Dat was een van de eerste bemerkingen die me trof in De jacht op de Veluwepoema. Puur bedrog is zeldzaam. Het gebeurt vaker dat een redacteur persbureaukopij uit autoriteitsgeloof, gemakzucht of gebrek aan tijd en expertise niet checkt. Neem nóóit ANP-berichten (Algemeen Nederlands Persbureau) over: dat is de belangrijkste tip die Peter Burger overneemt van de cursussen voor aankomende journalisten die wetenschapsjournalist Hans van Maanen geeft.

Misschien is dat wel tevergeefse raad. Broodjeaapverhalen zijn immers gefundenes Fressen voor journalisten. De reden is niet ver te zoeken. Volgens het Basisboek journalistiek, het standaardleerboek voor journalisten-in-spe, zijn nieuwsberichten verhalen die aan een aantal van de volgende criteria voldoen: ze draaien om een conflict, zijn actueel, van belang voor de lezer of kijker, wijken af van het normale en gaan over bekende personen, landen, plaatsen en zaken. Het is duidelijk dat die criteria gelden ook voor moderne sagen: verhalen over gebeurtenissen die zich kort geleden en dicht bij de lezer of luisteraar hebben afgespeeld, die sterk afwijken van de alledaagse gang van zaken en die belangrijk zijn omdat ze — bijvoorbeeld — waarschuwen voor dreigend gevaar.

Ook een opmerkelijke vaststelling in De jacht op de Veluwepoema: geletterdheid heeft ons niet minder, maar juist meer vatbaar gemaakt voor dergelijke verhalen. Al in 1945 bleek dat Amerikaanse krantenlezers meer geruchten kenden dan mensen die geen krant lazen. Bovendien maakt het voor de verspreiding weinig uit of de media onjuiste verhalen bevestigen of ontkennen. Toen in 1986 in Frankrijk het gerucht ging dat Isabelle Adjani aan aids of kanker leed, of zelfs al was overleden, kwam de actrice in het televisiejournaal vertellen dat ze niets mankeerde. Door die ontkenning steeg zowel het aantal mensen dat het gerucht kende, als het aantal dat het geloofde.

Nieuwsmedia missen ook domweg het gezag om een gerucht te verjagen. Voeg daarbij nog de massa mensen die denken dat media bepaalde verhalen uit politieke correctheid stilhouden. Het is een belangrijke troef van samenzweringstheorieën op internet, aldus Burger: deze verhalen vertegenwoordigen de achterkant van het nieuws: opgeroepen door een wijdverbreid wantrouwen tegen de verhalen van de gevestigde macht en de oude media pretenderen ze de ware toedracht te onthullen van wereldschokkende gebeurtenissen. "Het is graffiti op de muren van de traditionele media."

In zijn boek heeft Peter Burger een groot aantal onware verhalen bijeengebracht. Elk hoofdstukje leest als een kort dossier waarin de route van een broodjeaapverhaal wordt teruggevolgd naar de bron. De varianten komen aan bod, de manier waarop de verzinsels worden doorgegeven, en de rol die de media spelen in dat proces. Midden jaren vijftig deed in Seattle het gerucht de ronde dat er putjes in de autoruiten kwamen ten gevolge van nucleaire fall-out. Plots gingen vele mensen inderdaad dergelijke putjes waarnemen. Later bleek dat het ging om oneffenheden die er altijd al waren geweest: overvloedige media-aandacht had een massawaan veroorzaakt en de perceptie van de mensen beïnvloed.

De vermeende poema uit de titel die men in juni 2005 op de Ginkelse hei had gesignaleerd, is ook zo'n prachtige casestudy. Tongue-in-cheek beschrijft Burger alle partijen die als in een rituele optocht voorbijkwamen, op de televisie en in de krant. De drijfjagers natuurlijk, de toeristenindustrie, Groen-Linkse politici die protesteren tegen het voornemen het dier af te knallen, de biologen, de roofdieren'experten', noem maar op. We krijgen daar niet snel genoeg van.

‘Mensen hebben behoefte aan lekker griezelen over verschijnselen die niet echt gevaarlijk zijn,’ analyseerde bioloog en schrijver Maarten ’t Hart in NRC Handelsblad (25 juni 2006). ‘Het is net zoiets als naar een sm-club gaan en daar geslagen worden: het is niet echt gevaarlijk. Als bekend werd dat er op de Veluwe een dodelijk virus rondwaart, kwam er niemand meer.’
Sceptici zijn in dit soort affaires vaak de laatsten wier mening aan bod komt. Daarna dooft de kwestie uit — niet omdat het publiek nu ook de sceptische mening is toegedaan, maar omdat het verzadigd is. De nieuwswaarde is tot de laatste druppel uitgeperst. Als sceptici al aan bod komen, worden hun woorden vaak suggestief weergegeven. Burger beschrijft de manier waarop hijzelf om commentaar gevraagd werd door Het Parool in verband met het zoveelste terrorismealarm.
‘Dus het is echt niet waar?’ drong de verslaggever aan. ‘Tja,’ zei ik, ‘ik ben niet van de AIVD en ik heb ook geen vrienden onder extremistische moslims, dus ik kan niet zeggen dat er géén aanslag komt op Koninginnedag.’ Toen ik de volgende dag Het Parool opensloeg, las ik als eerste zin: ‘Ook universitair docent journalistiek Peter Burger, kenner van het betere broodjeaapverhaal, sluit de mogelijkheid van een aanslag door moslimextremisten op Koninginnedag niet uit.’
Het geval van de zogenaamde Smileybende toont dan weer mooi aan hoe hardnekkige geruchten zich vlotjes aanpassen aan de actualiteit. De Smileybende, zo ging het verhaal, benaderde meisjes met de keuze tussen een groepsverkrachting of een 'eeuwige glimlach'. De meisjes die kozen voor de 'smiley' krijgen twee messneden in de mondhoeken. De jongens strooiden vervolgens zout in de wonden om een eeuwig litteken te veroorzaken. Het frappante is dat in Nederland de Smileybende steevast uit Marokkaanse jongens scheen te bestaan, terwijl elders Vlaamse racisten, Engelse skinheads en Franse hooligans de hoofdrol speelden. De Hollandse versie van de stadssage gedijde, kortom, op de angst voor jeugdbendes van Marokkanen en andere allochtonen.

Ook hier hielpen de media het verhaal te verspreiden, zonder dat ze achteraf jongeren ervan konden overtuigen dat de Smileybende nep was. Dat bleek uit de Grote Geruchten Enquête van het tijdschrift Quest.
Dat liet in juli 2004, een halfjaar nadat het rumoer over de Smiley-bende was bedaard, duizend Nederlanders ondervragen over geruchten. Daaruit bleek dat 22 procent van degenen tussen de 18 en de 34 jaar oud het nog steeds zeker of waarschijnlijk achtte dat de Smileybende bestond.
Onthullender nog waren de antwoorden van degenen die wilden toelichten waarom ze het verhaal wel of niet geloofden. Van de 21 die vertelden waarom ze het geloofden, beriepen er 6 zich op de nieuwsmedia — hoewel die om strijd hadden verzekerd dat het om een broodje aap ging. Van degenen die het verhaal níet geloofden, zeiden slechts 2 van de 153 dat ze uit de nieuwsmedia hadden begrepen dat het niet waar was. De overige 151 hadden het hele verhaal nooit gehoord en geloofden het daarom niet, of ze vonden het onwaarschijnlijk. Met andere woorden: het effect van de nieuwsberichten was vrijwel nihil, en het lijkt erop dat nieuws over de Smileybende het geloof erin juist heeft aangewakkerd. Het verhaal was sterker dan de ontkenningen.
Ook politiediensten zijn zeker niet immuun voor geruchten. Burger geeft als voorbeeld het verhaal over geheime dieventekens op huizen. In een artikel uit 1994 concludeert de Franse hoogleraar sociologie Jean-Bruna Renard, gespecialiseerd in geruchten, dat de tekens in de jaren twintig en dertig misschien nog werden gebruikt door zwervers (‘Hier zijn ze goedgeefs’; ‘Hier krijg je iets als je ervoor werkt’). [Ook Cela vermeldt ze, in een van zijn reisverhalen.] Maar voor recent gebruik door dieven vond ook Renard geen aanwijzingen. Ook in Nederland is er nog nooit een inbreker betrapt die geheime tekens op een gevel kraste. Waarom geloven politiemensen dan toch dat inbrekers dat doen? Omdat ze dat weer horen van andere politiemensen.

Alle bovenstaande voorbeelden zijn varianten op volksverhalen die al sinds mensenheugenis worden verteld over kinderrovers, complotten en oorlogsgruwelen. Ze draaien om onze diepste angsten en meestal volgen ze een sjabloon. Het principe van de omgekeerde wereld, bijvoorbeeld — type 'hond doodt jager'.

Jack London, bekend van stoere romans over goudzoekers en sledehonden, publiceerde in juli 1902 ‘Moon-face’, een staaltje zwarte humor over een man die zijn vijand ombrengt door hem een jachthond cadeau te doen. Als het slachtoffer gaat vissen met dynamiet, apporteert de hond trouw het explosief. Gênant genoeg voor Londen was diezelfde maand in een ander Amerikaans tijdschrift een verhaal verschenen van Frank Norris met een identieke plot en had de schrijver Charles Forrest McLean het gegeven een jaar daarvoor ook al gebruikt.
Jack London, die wel vaker van plagiaat is beschuldigd, verdedigde zich door te zeggen dat al deze auteurs zich kennelijk op hetzelfde krantenbericht hadden gebaseerd. Dat is niet onmogelijk, want zulke verhalen staan al eeuwen tussen de gemengde berichten.

Een ander sjabloon is de kinderroof-in-het-pretpark. Kinderdieven rukken kinderen weg bij hun ouders in de Efteling, doen de onschuldige bloedjes een onherkenbare vermomming aan en smokkelen hen zo uit het park. Meer dan een gerucht is het niet, en het verhaal is al zo oud als de straat, zegt Burger. Drie van de vijf meest geliefde sprookjes van Nederlanders, zo bleek in 1999 uit een enquête door de Efteling en onderzoeksbureau Inter/View, zijn ‘Sneeuwwitje’, ‘Roodkapje’ en ‘Hans en Grietje’ — drie klassiekers over kinderleed.

Interessanter is de vraag waarom zo’n verhaal uitgerekend over het bekendste kinderparadijs de Efteling wordt verteld. Het antwoord luidt dat dit verhaal de tol van de roem is: het bevestigt, paradoxaal genoeg, de bijzondere plaats die dit sprookjespark inneemt in de harten van Nederlanders. En hoe luider een bedrijf het paradijs belooft, "hoe harder het publiek gaat zoeken naar de slang". De marktleiders vangen de grootste geruchten, nemen ze zelfs over van kleinere bedrijven: het Goliath-effect.


De 'Veluwepoema'

Broodjes aap zijn dus niets nieuws. Wel nieuw is de kracht waarmee deze folklore wordt verspreid door de massamedia. De opkomst van de digitale media heeft een aantal cultuurpessimisten zelfs somber gemaakt over de overload aan nonsensberichten en hun makkelijke verspreiding. Tegenwoordig beschikken we over e-mail, nieuwssites, online discussiefora en weblogs — allemaal media die niet per se werken volgens de journalistieke principes van hoor en wederhoor, check en dubbelcheck. Maar, benadrukt Burger, het mechanisme is niet nieuw. Sagen hebben zich altijd al voortgeplant, in iedere nieuwe omgeving.
De eerste producten die van de drukpers rolden, waren behalve romans en religieuze en politieke traktaten pamfletten over vrouwen met een slang in hun ingewanden of wondervissen met een voorspelling op de buik. En toen enkele eeuwen later de kopieermachine aan iedereen een drukpers verschafte, verspreidden kantoormedewerkers en anderen op grote schaal ‘Xeroxlore’: gekopieerde broodjes aap, cartoons en andere folklore. Het opduiken van sagen en geruchten in een nieuw medium is even voorspelbaar als de ophef over de beschavingsondermijnende invloed van nieuwe media.
Burger gelooft niet dat met de komst van de nieuwe media het klassieke geroddel in de krant, op verjaardagsfeestjes en rond de koffieautomaat gaat stoppen. Toch, zegt hij, heeft internet de vorm en verspreiding van sagen en geruchten ingrijpend veranderd. De verhalen zijn suggestiever. Denk aan e-mails met aangehechte bewijsfoto’s: zijn ze echt, gephotoshopt, vertonen ze wat ze beweren te vertonen? Ook de mogelijkheid om met een paar muisklikken tekst te kopiëren en door te sturen naar duizend anderen, heeft de sagen beïnvloed. Het knip- en plakgemak heeft de levensduur bevorderd van sagen die eigenlijk te ingewikkeld zin om na te vertellen.

Natuurlijk heeft het internet ook de snelheid opgevoerd waarmee informatie zich verspreidt. Maar: ook de waarheid reist met de snelheid van het licht. "Roep eens een forum op dat iedereen mode van Tommy Hilfiger moet boycotten omdat de ontwerper bij Oprah Winfrey heeft gezegd dat hij liever niet ziet dat zwarten zijn kleren dragen. De kans is groot dat een lezer meteen een link post naar een pagina waarop Winfrey zelf dit gerucht bestrijdt." Jammer genoeg zijn ontkenningen eerder het begin van de discussie dan het einde.
En discussie is het wezen van deze verhalen. Sagen zijn verhalen die de grenzen aftasten van het menselijk bestaan: verhalen over uitersten op het gebied van gevaar, toeval, seksualiteit en sociale conventies.
Het internet heeft het werk van stadssagenjagers sowieso eenvoudiger gemaakt. Alledaagse gesprekken die ze anders niet te horen kregen, kunnen ze nu volgen op online fora, downloaden en analyseren. Met het doorploegen van de geruchten op de ontmoetingssites van jonge allochtonen heeft Burger zelfs een nieuw onderzoeksdomein blootgelegd waar hij een apart hoofdstuk aan wijdt. 'Islamitische' broodjes aap over angst, verteld door jonge, onzekere moslims en moslima's die piekeren over hoe ze moeten leven volgens de Koran en bang zijn voor bovenaardse gevolgen als ze dat niet doen.

Mooi boek. Essentieel om er echt bij betrokken te raken is wel een krom verhaal waar je zelf bent ingetuind. In mijn geval kwam dat vroeg genoeg in de tekst. Ook ik heb tot aan dit boek het kroeggerucht geloofd als zou de mix van een glas tonic en een glaasje van het koffielikeur Baileys darmkrampen, maagperforaties en zelfs de dood tot gevolg hebben. Absolute kul, blijkt nu. Wat ongemakkelijk maakt, is niet dát ik het geloofde, maar dat ik me überhaupt nooit de vraag had gesteld of het wel waar was.

> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken
> uitgebreide, selectieve bibliografie in de commentaren hieronder

Peter Burger, De jacht op de Veluwepoema
Sagen en geruchten uit het moderne leven

231 p.
Uitgeverij Bert Bakker, 2006



Topics:

De Iranese vrouw die het leven schenkt aan een kikker: 12
Beestachtig geweld in de Superdome na Katrina: 13
Vrouw vastgezogen op vliegtuigtoilet: 15
Vergiftigde Halloweentraktaties: 22
De Mad Gasser van Mattoon: 25
Putjes in autoruiten ten gevolge van nucleaire fall-out: 27
De Waaslandwolf: 30
De Veluwepoema: 34
De ontsnapte panda: 45
Politiemensen die de hete aardappel doorschuiven: 47
Nieuwe methode van carjacking: 48
Geheime dieventekens op huizen: 49
Brandstichtersbendes: 58
Hortensiadiefstallen: 64
9/11 als joods complot: 71
Juichende Palestijnen na 9/11: 75
Nostradamus voorspelde 9/11: 78
Q33 NY: 82
De vuurvaste bijbel in het Pentagon: 84
Peter Guzli, de laatste toerist op de Twin Towers: 87
Dankbare terroristen die waarschuwen voor aanslagen: 92
Terreurannonces: 98
De Smileybende: 108
Kinderroof in het pretpark: 118
Zigeuners als kinderrovers: 122
Jan Haerynck, 'creatief schrijver': 128
Gekidnapt uit de ballenbak van de Ikea: 133
Tekenen van Allah: 137
Varkensbloed in Pepsi: 148
Vervloekt; foto's van Patricia Piccinini: 154
Goddelijke bescherming: 158
Nietjes in honden: 166
Swiffers gevaarlijk voor huisdieren: 167
Papegaai verraadt overspel: 174
Seksueel bevredigd door huisdier: 178
Hond dood jager: 182
Koeien uit de hemel: 185
Kunstgebit in kabeljauw: 187
Kangoeroe besteelt wielrenner: 192


dinsdag 22 februari 2011

De gevaren van joggen - Maarten 't Hart

De gevaren van joggen is een bundeling columns van goed vijfhonderd woorden uit de late jaren negentig. Wat voor Een havik onder Delft gold, geldt nog meer voor dit boek. De meeste stukjes van Maarten 't Hart zijn aardig om één keer te lezen en daarna nooit meer. Zijn onderwerpskeuze is niet overweldigend interessant en veel stilistische brille heeft hij niet in zijn lijf zitten. Wie zijn stukjes graag leest, zoals ik, doet dat om hun helderheid en eenvoud én om de geestige banvloeken.

Banvloeken van een goddeloze hond, that is. En dat is wat me telkens weer treft. Maarten 't Hart heeft het geloof ver achter zich gelaten en laat geen moment onverlet om het kritische denken en de wetenschap te prijzen. Alleen blijkt zo'n rationele beslissing niet zo snel uitwerking te hebben op iemands temperament. Bij 't Hart spelen geregeld aspecten op die ik eerder met protestantse boetepredikers associeer dan met vrijdenkerij.

De imposante vaderfiguur:

Hij wou zelfs met klompen aan begraven worden. ‘Zelfs al tuimelen de mussen doodgevroren uit de lucht, dan nog gloeien je voeten in klompen als een potkacheltje,’ zei hij altijd. ‘En ’s zomers ook geen centje pijn. Nooit van die stinkende zweetvoeten. En geen gesodemieter met veters in de knoop, geen getob met een schoenlepel. Je doet ze in een wibussie aan, je doet ze in een wibussie uit, en als de een of andere sloeber kwaad wil heb je altijd een stuk hout bij de hand waarmee je een flinke jens kan geven.’
Het misprijzen van overdaad:
Majesteit, ik begrijp dat uw zoon al meerderjarig is en dat u dus wellicht niet zoveel vat meer op hem hebt. Niettemin zou u hem om te beginnen eens een straf vegetarisch dieet van rauw geraspte winterwortelen en tarwezemelen moeten aanraden. Als hij zo blijft uitdijen, knallen de knopen straks van elk uniform af dat hij aantrekt en zakt hij op een keer pardoes door de bodem van de Gouden Koets. Het zou toch niet leuk zijn als hij straks in het rijtje van Karel de Kale, Willem de Veroveraar, Jan Zonderland, Catharina de Wrede, Karel de Grote en Willem de Zwijger zal figuren als Alexander de Bolle.
Onderdrukte agressie:
Het eigenaardige is: mij komt het niet vreemd voor dat zovelen blijkbaar geneigd zijn zich uit te leven op glas. Als ik zo’n bui krijg waarin ik glaswerk wil horen rinkelen, begeef ik mij met lege flessen naar de glasbak. Vol wellust smijt ik die flessen naar binnen. Groot is mijn voldoening als ik het glas hoor breken.
Maar vooral: de drang om te oordelen en veroordelen. Zelfs voor een columnist heeft 't Hart sterk de behoefte om bepaalde zaken héél goed te vinden, en andere héél slecht.

En omdat zijn ergernissen me ondertussen bekend zijn — films, popmuziek, wijsbegeerte, de afzetters van de autorijschool — is het alleen wachten op de prettige formulering. Benzineaccijns om het autogebruik te ontmoedigen? "Alsof je een mammoettanker met schoenveters aan de kade vast kunt leggen!" Stropdassen? "Dick Hillenius zei altijd dat de stropdas dateerde uit de tijd van de invallen der Denen en Noormannen. Toen werden de mannen alhier verplicht een stropdas te dragen zodat ze, indien nodig, terstond verhangen konden worden." Schaken? "Mijn vader zei altijd: ‘Dammen is democratie, alle stenen zijn gelijkwaardig. Schaken stamt nog uit de Middeleeuwen, toen je kastelen, ridders, voetvolk en raadsheren had. Schaken is een verfoeilijk, ondemocratisch spel. Schaken: dat doen de hogere standen.’"

Ook de drang om zich in vrouwenkleren te hullen is weer present. 't Hart diept een verrassend inzicht op uit een boek Marjorie Garber met als titel Vested interests. Zij zegt dat travestie vandaag de dag vrij goed mogelijk is vanwege het feit dat de meeste vrouwen make-up gebruiken, van fraaie kapsels, glamourschoenen en mooie kleren houden. "Haast alle vrouwen zijn travestieten, en sommige mannen. Wie dat goed tot zich laat doordringen, zal het verschijnsel niet langer als buitenissig afdoen."

Opmerkelijk is dat dit boek een paar keer vooruitloopt op Het dovemansorendieet, Maartens kritische overzicht van alle afslankguru's. Zo is er een terzijde over de Zwitserse arts dr. M.O. Bircher Benner, die leefde van 1867 tot 1939, een man die zijn tijd ver vooruit was. Al wat je bij Bircher Benner vindt, komt in sterk verdunde vorm terug bij Montignac. "Het lijkt erop alsof Montignac de geschriften van zijn grote voorganger goed bestudeerd heeft en toen bedacht heeft dat hij, als hij de scherpe kantjes van Bircher Benners afsleep en ze bovendien van een zonnig Frans tintje voorzag, een kleine revolutie op dieetgebied zou kunnen veroorzaken." Het eten van vlees wijst Bircher Benner onvoorwaardelijk af. Hij propageert rauwkost. Peulvruchten, veel fruit, verse groene groente, veel vitamine A en C, en brood van ‘den volle korrel’. Van hem is ook de befaamde muesli afkomstig.

De gevaren van joggen brengt niet zoveel literatuur als gehoopt. 't Hart vertelt wat over zijn leesgewoontes. Hij leest meerdere boeken tegelijk en zet de stoelpoot tussen de bladzijden waar hij gekomen is. Soms staan er in de woonkamer acht boeken tegen acht stoelpoten, en de schrijver prijst zijn vrouw omdat ze nooit op het idee komt zo’n boek op te pakken, en het weer op een andere bladzijde geopend terug te zetten.

Er is een kostelijke column over die keer dat Maarten een boek wou jatten, en een leuk stukje over het boekenbal — een evenement dat wordt omschreven als een "uiterst lange pauze". Ga je naar de schouwburg, naar een concert of naar de opera, dan is het vroeg of laat pauze. Dan drentelen de mensen een beetje rond door de gangen nadat ze iets te drinken hebben besteld. Ze bestijgen een trap en dalen een trap af. "Welnu, dat geschiedt van negen uur ’s avonds tot drie uur ’s morgens tijdens het boekenbal."

Hugo Claus krijgt een veeg uit de pan en wordt als "jatmoos" weggezet. Hem is het om een of andere reden niet vergund wat Shakespeare wel mocht: "dochters uit slecht gezelschap weghalen om ze in een goed gezelschap binnen te leiden".
Hoe anders vroeger over plagiaat gedacht werd, laat zich fraai illustreren met een citaat van Goethe: ‘Of ik uit het leven of uit een boek genomen heb, doet er niet toe, het komt erop aan dat ik het terecht heb gebruikt. Walter Scott heeft een toneel uit mijn Egmont gebruikt, en daartoe had hij het recht, en daar het verstandig gebeurde is het lofwaardig. Zo zingt mijn Mephistopheles een lied uit Shakespeare, en waarom zou hij dat niet doen.’ En Molière zei eenvoudig; ‘Je prends mon bien où je le trouve.’
Derderangs Franse dichters uit de vorige eeuw waren er juist trots op als een eersterangs dichter als Hugo een regeltje bij ze wegstal. Dat waarborgde immers dat dat regeltje onsterfelijk werd. In de oksel van een adelaar steeg zo’n dichter op, zoals Wim Zaal eens fraai gezegd heeft.
De gedachte uit het boek die me het meest aansprak, is ook weer het gevolg van een nog niet vernoemd protestants trekje: het onvermogen om zorgeloos te genieten. Om zichzelf toch af en toe een pleziertje toe te staan moet 't Hart de meest onmogelijke rituelen verzinnen om zijn geweten om de tuin te leiden. Of er moet een serieuze inspanning aan voorafgaan. Hoe meer tijd er is om naar eigen inzicht te besteden, zegt de schrijver, hoe minder kostbaar die tijd blijkt te zijn, en hoe meer tijd je verlummelt. Dus moeten we leren onszelf taken te stellen.
Liefst iets wat moeilijk is. Sanskriet leren, de Boole-algebra onder de knie krijgen, het hele werk van Roger Martin du Gard lezen, het tweede scherzo van Chopin instuderen. Probeer daarbij volledig de gedachte uit te bannen dat je van dat alles zou dienen te genieten. Genot is iets wat een mens onverhoeds kan toevallen, nooit en te nimmer iets wat een mens moet nastreven.
Ik weet nog dat ik op de middelbare school altijd zo snel mogelijk al mijn huiswerk maakte teneinde tijd over te houden om te lezen. Wat genoot ik enorm van die schaarse leesuurtjes! Maar in de lange schoolvakanties, als ik al mijn tijd vrij had om te lezen, was lezen zo leuk niet. Alleen wat schaars is, blijkt kostbaar.
(Gebaseerd op notities van 16 mei 2004.)

> beknopte, selectieve bibliografie in de commentaren hieronder

Maarten 't Hart, De gevaren van joggen : dwarse boutades
279 p.
Uitgeverij De Arbeiderspers, 1999


Topics:


De bladwijzer: 26
Chopin bij het Kruitvat: 34
De popgroep Normaal: 39
Boeken stelen: 44
Agenda's: 54
Joggen: 74
Klonen: 88
Lichtdrukmalen: 97
Naar de dichtsbijzijnde ster: 107
Muggen in het hoge Noorden: 114
Rolling Stones: 191
Omkopen van recensenten: 199
Voorjaarsverliefdheden: 215
Video's: 222
Verlanding in Nederland: 234
De jaren zestig: 253
De zwevende kiezer: 260
Reïncarnatie: 264

____

maandag 21 februari 2011

The cynic’s dictionary - Aubrey Dillon-Malone

Cynisme is een woord met geschiedenis. De filosofie met die naam werd gesticht in de vierde eeuw voor Christus door Antisthenes, een leerling van Socrates, en bleef tot diep tijdens het Romeinse rijk bestaan. De cynici wezen in hun zoektocht naar echte wijsheid het streven naar luxe, bezit of geld af, waardoor ze in de marge van de toenmalige maatschappij kwamen te staan. Ook alle conventies inzake religie, etiquette, behuizing en kledij werden overboord gegooid.

Deugd school volgens de cynici enkel in een sobere, niet-materialistische levensstijl, waarbij men zo min mogelijk afhankelijk was van anderen: autarkie. De meest tot de verbeelding sprekende cynicus is zonder twijfel Diogenes van Sinope, de filosoof in de ton (hoewel de ton pas later zou uitgevonden worden).

In de vroege achttiende, begin negentiende eeuw kwam de betekenis van het woord cynisme meer op de negatieve aspecten van de filosofie te liggen. Met cynisme in zijn milde vorm wordt dan stilaan de achterdocht bedoeld jegens de motieven die mensen opgeven voor hun daden. In zijn sterke vorm staat cynisme voor het totale ongeloof in de goedheid van de mens.

Cynici zijn ervan overtuigd dat alle mensen, dus niet alleen politici en zakenmannen, eerst en vooral gedreven worden door eigenbelang. Daarom hebben dieren soms een ontwapenende werking op cynici. Dieren kennen geen cynisme. Denk aan Speedy, wijlen het hondje dat figureerde in de boeken van Herman Brusselmans: een lieve, niet-bezitterige, niet-veeleisende compagnon, die zijn baasje schijnbaar belangeloos liefde geeft.

Een van de vroege 'theoretici' van het cynisme in deze betekenis, was La Rochefoucauld. De zeventiende-eeuwse Franse hertog geloofde niet in de christelijke en adellijke deugden van zijn tijd, maar al evenmin in heidense deugden of een stoïcijnse levenshouding. De mens laat zich niet leiden door ethiek, maar door blinde driften: ijdelheid, luiheid, angst, trots, lusteloosheid en amour-propre — van oorsprong een religieuze term.

Zijn Maximen geven telkens opnieuw blijk van de overtuiging dat elke zogenaamde deugd kan herleid worden tot een van deze ondeugden. Liefde voor rechtvaardigheid is vrees om te lijden onder onrechtvaardigheid. Verstand wordt altijd om de tuin geleid door gevoel. Lof is vleierij. Goedheid komt bijna altijd neer op luiheid of lamlendigheid. Vrijgevigheid is ijdelheid. Bescheidenheid wordt opgelegd door de middelmatigen. Goedheid is zwakheid of inschikkelijkheid. Onrecht verwerpen we, niet omdat we er een afkeer van hebben, maar omdat we er schade van ondervinden. En trots bespaart ons de pijn van al deze onvolkomenheden onder ogen te zien.

In zijn bekende boek Kritiek van de cynische rede definieerde Peter Sloterdijk cynici als "borderline melancholici" — mensen die de klassieke symptomen van depressie nog onder controle kunnen houden en zo blijven functioneren. Sloterdijk verbond het begrip daarnaast met de moderne materialistische manier van leven die enkel gericht is op winstmaximalisatie.

Rest nog de vraag waaróm iemand cynisch wordt. Vaak heeft het te maken met huizenhoge idealen en verwachtingen ten aanzien van de mens en de maatschappij die bruusk doorprikt worden. Er kunnen ook persoonlijker motieven meespelen: een maatschappij die jou eeuwig miskent maar wel 'de klootzakken' beloont. Vaak gaan die gevoelens van bitterheid samen met een behoefte om zich van de maatschappij af te keren. Of met de geslepenheid die nodig is om je voortaan zo vlot mogelijk en zonder verdere kleerscheuren door die maatschappij te kunnen bewegen. Het handorakel van Baltasar Gracián is waarschijnlijk het best bekende handboek met tips in die richting.

Zelf denk ik dat cynisme ook te maken heeft met levenservaring, met expertise. Op de duur weet je hoe dingen en mensen in elkaar zitten, of je denkt het te weten, zodat je nooit meer verrast kan worden. Van die troosteloze kennis (hoe dingen en mensen werken) is het maar een kleine stap naar opportunisme, waarbij je die kennis zonder scrupules gaat gebruiken voor eigen gewin. Wanneer mensen dus, naar het woord van Kant, geen doel meer zijn, maar een middel worden. Stand-up comedian George Carlin, die zelf vaak van cynisme werd beschuldigd, gebruikte het woord uitdrukkelijk in die zin: mensen die willens en wetens de kluit bedonderen, dát zijn de ware cynici.

Cynisme is trouwens niet helemaal hetzelfde als pessimisme. Pessimisme is de overtuiging dat iets slechter zal gaan; cynisme de overtuiging dat alles en iedereen onverbeterlijk is. Cynisme heeft in se ook weinig te maken met een kritische, sceptische houding. Cynici vooronderstellen het slechtste in dingen en mensen. Sceptici proberen er zo weinig mogelijk vooronderstellingen op na te houden.

Maar bon. De Ierse bloemlezer Aubrey Dillon-Malone stelde een citatenboekje samen met cynische definities, en ik had daar een dubbel gevoel bij. Ik heb me uitstekend vermaakt en meermaals hardop gelachen. De auteur lijkt me ook wel een geschikte peer. Hij heeft boeken samengesteld over de geschiedenis van de pubs in Dublin, over Elvis, boekjes met trivia rond schrijvers, celebrities en Hollywood. Juist daarom is het zo verwonderlijk dat zijn woordenboek betrekkelijk weinig uitspraken bevat van hedendaagse beroemdheden. Maar áls er een popicoon in staat, dan is het met een quote die een heel leven tekent.

Stardom. The ability to get insulted in places the average negro could never hope to get insulted.
Sammy Davis Jnr
Het gebrek aan actuele quotes doet vermoeden dat Dillon-Malone veel heeft zitten overschrijven van andere citatenboeken. Dat moet ook voor een deel. The cynic’s dictionary kan niet serieus genomen worden wanneer figuren als Oscar Wilde, Mark Twain of George Bernard Shaw ontbreken. Ook voornoemde Rochefoucauld is present, al is zijn aandeel naar mijn smaak te klein. Schopenhauer komt onbegrijpelijkerwijs helemaal niet in het stuk voor. Daar staan dan weer geestige opmerkingen van Ronald Reagan tegenover.

The cynic's dictionary bevat geen mini-biootjes of bronvermelding, zoals de betere citatenboeken wel hebben. Dus moet je vaak het internet op. Want wie zijn in godsnaam Fletcher Knebel, Robert Zend en N.F. Simpson?

Echt nieuwe helden heb ik er niet bij, al ben ik Dillon-Malone dankbaar eindelijk Herbert Prochnow te hebben leren kennen.

Maar ook hij, Prochnow, kan niet tippen aan de twee grootmeesters in het genre. Beiden Amerikaan. Beiden krantenmannen. Beiden nog met één voet in de negentiende eeuw. Hun stijl is quasi-inwisselbaar, hun vermogen om afgrondelijke zwartgalligheid te ballen in een woord of twaalf, ongeëvenaard.

Ambrose Bierce:
Encourage. To confirm a fool in a folly that is beginning to hurt him.

Erudition. Dust shaken out of a book into an empty skull.

Funeral. A pageant where we show our respect for the dead by enriching the undertaker.

Heathen. A benighted creature who has the folly to worship something he can see and feel.

Saint. A dead sinner, revised and edited.
H.L. Mencken:
Hygiene. The corruption of medicine by morality.

Idealist. One who, on noticing that a rose smells better than a cabbage, concludes it will also make better soup.

Judge. A law student who marks his own examination papers.

Theology. The effort to explain the unknowable in terms of the not worth knowing.

Puritanism. The haunting fear that someone, somewhere may be happy.
Vergelijk die beknoptheid met het gestrompel van mindere goden. Zij die te veel woorden gebruiken, te veel lettergrepen, die de bitterheid alleen maar aanlengen.
Kiss. What originated when the first male reptile licked the first female reptile, implying in a subtle, complicated way that she was as succulent as the small reptile he had had for dinner the night before.
F. Scott Fitzgerald
Er zijn mensen die dit soort boekjes doornemen om een leuke opener achter de hand te hebben voor een speech, of om een wisecracks rond te strooien in een gezelschap dat geïmponeerd moet worden. Ikzelf ben een zeer stille genieter van het genre. Ik lees om geamuseerd te worden, maar ook voor de levenswijsheid.

Cynisme, als het goed en met overtuiging wordt beoefend, laat immers niets of niemand ongemoeid. Rick Bayan, auteur van een rivaliserend woordenboek voor cynici, heeft een lijst opgesteld met 714 things to be cynical about.

> lees fragmenten uit dit boek op Prins van Denemarken
> http://en.wikiquote.org/wiki/Cynicism
> Bertrand Russell on youthful cynicism

Aubrey Dillon-Malone, The cynic’s dictionary
310 p.
Uitgeverij Prion, 1998


Ambrose Bierce in 1892; afbeelding via Wikimedia Commons


Anthology. What tears the soul out of a work, then labels its squirming parts.
Frank Jennings

Antique. Something that has been useless so long, it’s still in pretty good condition.
Franklin P. Jones

Civilisation. Barbarism made strong and luxurious by mechanical power.
C.S. Lewis

Common sense. The collection of prejudices acquired by the age of eighteen.
Albert Einstein

Critic. A bunch of biases held loosely together by a sense of taste.
Witney Balliett

Diagnosis. The physician’s activity of determining the condition of the patient’s purse in order to decide how sick to make him.
Ambrose Bierce

Doctoral thesis. The transference of bones from one graveyard to another.
Frank Dobie

Drug. A substance which, if injected into a guinea pig, produces a scientific paper.
Paul Williams

Englishman. A creature who thinks he’s being virtous when he’s merely being uncomfortable.
George Bernard Shaw

Existentialist. Someone who swims with the tide — but faster.
Quentin Crisp

Expert. Someone who has made all the mistakes that can be made, but in a very narrow field.
Niels Bohr

Faith. An illogical belief in the occurrence of the improbable.
H.L. Mencken

Fame. Being pecked to death by a thousand pigeons.
Bob Hoskins

Good behaviours. The last refuge of mediocrity.
Henry S. Haskins

Heaven. An English policeman, a French cook, a German engineer, an Italian lover — and everything organised by the Swiss.
John Elliott

Hell. An English cook, a French engineer, a German policeman, a Swiss lover — and everything organised by the Italians.
John Elliott

History. An account, mostly false, of events, mostly unimportant, which were brought about by rulers, mostly knaves, and soldiers, mostly fools.
Ambrose Bierce

Hypocrisy. The homage paid by vice to virtue.
Duc de la Rochefoucauld

Inspiration. Inhaling the memory of an act never experienced.
Ned Rorem

Intellectual. A man who takes more words than necessary to tell more than he knows.
Dwight Eisenhower

Interpretation. Revenge of the intellect upon art.
Susan Sontag

Life. A sexually transmitted disease — and the mortality rate is 100 per cent.
R.D. Laing

Marriage. Legalised rape.
Andrea Dworkin

Masses. Breeding grounds of psychic epidemics.
Carl Jung

Mediocrities. People who are always at their best.
William Somerset Maugham

Metaphysics. An attempt to prove the incredible by an appeal to the unintelligible.
H.L. Mencken

Modern novels. Literary creations with a beginning, a muddle, and an end.
Philip Larkin

Myths. Gossip grown old.
R.P. Blackmuir

News. What a chap who doesn’t care much about anything wants to read.
Evelyn Waugh

Nickname. The heaviest stone that the devil can throw at a man.
William Hazlitt

Novelist. A historian of conscience.
Frederic Raphael

Optimist. Someone who tells you to cheer up when things are going this way.
Edward Murrow

Patriotism. The conviction that your country is superior to all others because you were born in it.
George Bernard Shaw

Philosopher. Someone with a problem for every solution.
Robert Zend

Poetry. An activity like dropping a rose petal into the Grand Canyon and waiting for the echo.
Don Marquis

Reality. An illusion created by the lack of alcohol.
N.F. Simpson

Reason. Emotion for the sexless.
Alfred North Whitehead

Research. The process of going up alleys to see if they’re blind.
Marston Bates

Revolution. An attempt to substitute misrule for bad government.
Anthony Butler

Self-evalution. The skin rash of the emotionally insecure.
John MacDonald

Sentimentalist. One who desires to have the luxury of an emotion without paying for it.
Oscar Wilde

Smoking. One of the leading causes of statistics.
Fletcher Knebel

Technology. The knack of so arranging the world that we don’t have to experience it.
Max Frisch

Women. The only exploited group in history who have been idealised into powerlessness.
Erica Jong

____

zondag 20 februari 2011

Uit de feedreader [17]

Maandenoud leesvoer.

> Will human composers soon be obsolete?

> Not for sale - Roger Scruton

> The Pirahã: people who define happiness without God

> Theology: is it all just pointless talk about a non-existent being?

> Atheism and the assumptions of science and religion

> The acceptance of and resistance to evolutionary psychology [.pdf]

> A woman's walk: attractiveness in motion [.pdf]

> When good men are hard to find [.pdf]

> A Scandinavian hit sets publishers seeking more

> Slavoj Žižek: interview

> Martien Pennings contra Paul Scheffer

> The iPad Revolution

> Keith Thomas on historians

> Flowers for the Führer in Landsberg prison

> Nabokov in Berlin

> Does a lover really have first claim on breasts?

> Is English special gecause it's "globish"?

> Israel’s blockheadedness

> George Orwell, a Tory anarchist

> George Orwell, socialist, anarchist or what...?

> A life in books: Piers Paul Read

> Pleidooi voor ontlettering - Johan Sanctorum

> Wet betreffende het auteursrecht en de naburige rechten (België, 1994)

> Eagleton en Scruton: both harbour neurotic blind-spots

> José Saramago, nobel prize-winning Portuguese writer, dies at 87

> How does the character of the scientist differ from that of the humanist?

> The cognitive origin and evolution of religion

> The food movement, rising

> Eagleton on Christopher Hitchens

> Literary storm rages as critic Lee Siegel pronounces the American novel dead

> Why Lee Siegel is wrong to declare the novel dead

> Fiction: 20 under 40

> Koestler: the literary and political odyssey of a twentieth century skeptic

> Remembering D-Day, 66 years ago

> The fine art of the introduction

> Why video games matter

> The sounds of silence - John Cage and 4'33"

> Bibliografie van Johan Goudsblom

> Why so many colleges are teaching The Wire

> Enlightenment fundamentalism or racism of the anti-racists? - Pascal Bruckner

> The complete Simplicissimus series available as individual .pdf files

> What can’t the novelist David Mitchell do? - James Wood

> Adam Mickiewicz: the life of a romantic

> Afghanistan’s first media mogul

> One-liners collected by Vegard Skjefstad

> Who was Charles Dickens?

> Take solace from the fictional woes of the characters in our literary bad days quiz

> Christianity, the first three thousand years

> John Updike’s archive: a great writer at work

> Scenes from the Gulf of Mexico

> Whackypedia

> What about all the beautiful things that new technologies will take away from us?

> John Gray on science fiction

> The best faces of the Enlightenment

> From Venice to Vegas: the back stories of buildings

> De technofobie van koningin Beatrix

> Outblurb the Grossman fans

> The unknown promise of internet freedom

> The haunting science fiction of J.G. Ballard - Christopher Hitchens

> Can you judge a book by its cover?

> Walter Scott : the master of historical fiction

> Why authors' archive like Updike’s just aren’t that useful

> Yes, people still read, but now it's social

> Burying Freud

> Evenementen bij Brusselmans

> Among leopards and princes

> Chewing on the classic conundrums

> Jane Austen’s literary heirs are innumerable

> Teksten over kritiek op deReactor

> The poetry of Tadeusz Rozewicz

> The Twilight franchise

> How North Koreans see themselves, and why that matters - B.R. Myers

> Borges on 'Pleasure island'

> What the iPad can’t do

> What is the future of poetry?

> Alain Robbe-Grillet's provocative essays

> Derrida : an autothanatography

> Words in pictures: Philip Larkin

> Where did all the Christian writers go?

> The two Raymond Carvers

> Bret Easton Ellis on the misreading of 'American psycho'

> Twilight: the franchise that ate feminism

> 2010 World Cup comes to a close

> The Hague convicts his comrades, Mladic enjoys Himself

> Transgressing the boundaries: towards a transformative hermeneutics of quantum gravity [hoax]

> The Oxford international encyclopedia of peace

> Who would be a goalkeeper?

> The necessity of atheism - Percy Bysshe Shelley

> Absence of mind: the dispelling of inwardness from the modern myth of the self

> Het ABC van de cultuur van Nieuwzuid

> Not so natural selection

> Holocaust on stage

> Being Christopher Hitchens

> Will the real avatar please stand up - Woody Allen

> Is “stand-up philosopher” Slavoj Žižek serious? asks John Clark

> Nicholas Lezard enjoys 'The Book of disquiet'

> Tocqueville in America - James Wood

> Panoramafreiheit

> Experiments in delinkification

> We still need libraries in the digital age

> 100 most often mispelled words in English

> Why does Michiko Kakutani hate fiction so much?

> The beauty of typography: writing systems and calligraphy of the world

> Debating nuclear deterrence

> The intellectual classes descend on soccer

> Stores see Google as ally in e-book market

> Matt Ridley: 'We can overcome disease, poverty and climate change'

> Is nuclear deterrence obsolete?

> The rise and fall of the sonnet

> Silence, please

> Misguided compassion hurts the poor

> Why it is the inescapable duty of every decent citizen to express no interest in or enthusiasm for football and the World Cup

> Letter to John Updike

> The true story of American soccer

> To be truly happy we must be pessimistic, says Roger Scruton

> Humanity’s database

> Kill the Kindle

> Vuvuzelas : annoying you since 1660

> Why is there so much movie violence against women?

> Why she abandoned Islam

> The brothers Grim

> Soccer and philosophy

> Why has Britain become so rude?

> Keynes, recovered

> A natural-historical look at our love-hate relationship with dead people

> Ardor and the abyss : Emily Dickinson

> Is there a deeper collapse of European self-confidence?

> Of snobbery and soccer - Theodore Dalrymple

> When Goethe met Napoleon

> Buruma on Christopher Hitchens

> Are climate skeptics lousy scientists?

> Do you speak foreign?

> Germaine Greer on storytelling

> Oprah Winfrey: bright (but gullible) billionaire

> In her new book 'Nomad' Hirsi Ali tells of escaping to America

> Taking ambivalent measure of the legacy of modern feminism

> Is there anything left to be said about anti-semitism?

> On the Swift-Johnson dialectic

> How to survive as a small publisher

> Why intellectuals espouse preposterous ideas

> What went wrong for T. S. Eliot

> In praise of Francine Prose

> Identifying with their class

> Hayek: the back story

> Ed’s rules for interviewing

> The Guardian on Stieg Larsson

> Humans: why they triumphed

> The Norman [Mailer] conquests

> Book bloggers catch on with publishers

> Fake authenticity

> The case for wisdom journalism

> The future of news

> Google's publishing free for all undermines our literary tradition

> Introducing the pre-obituary: a few choice words before you go

> The narcissism of minor differences: how America and Europe are alike

> Conversations with literary websites: The Quarterly Conversation

> Breaking up with books

> Pineapple culture: A history of the tropical and temperate Zones

> Theater as moral trial

> Why the film industry is so good at getting business wrong

> Fallibilism is true!

> Are magazines really dying out?

> Monetizing digital content

> Why do these magazines continue to publish poems?

> The literary bastions at Yale, Harvard and Princeton Universities

> My opinion of a book is based on more than just merit — it can be seriously altered by circumstances

> Fifty contemporary political ideologies

> Italian philosophy

> Social networks on the internet

> Technology changes how art is created and perceived

> Does the internet make you smarter?

> The death and life of the book review

> Some of the world's bright ideas that just didn't work out

> Amateur barbarians

> Dialectical thinking

> The pleasures of imagination

> Human rights in Latin American and Iberian cultures

> A guide to literary magazines

> How the paperback novel changed popular literature

> Noises off

> Roger Scruton: A pessimist's guide to life

> The humanitarian's dilemma: should westerners help needy Africans?

> For goodness’ sake - Frans de Waal

> The 2010 core graphic novels list [100 more]

> Introducing the pre-obituary: a few choice words before you go

> 'The Secret Lives of Somerset Maugham' - Selina Hastings

> African foreign policy : a question of methodology [.pdf]

> The discourse of deconstruction

> Journalists cannot remain neutral about parties that lack a stable grounding in democratic values

> Why nobody seems to know what exactly social capital is

> Science fiction was once driven by a faith in human ability to change the world

> The top ten lessons of the global economic meltdown

> Neuroscientists can predict your behavior better than you can

> Wisdom: from philosophy to neuroscience

> Profile: Wilhelm Dilthey

> Intellectuals and society

> The Watchtower: the most widely read magazine in the world

> Who is Ayn Rand?

> I watched 146 minutes of Sex and the City 2 and all I got was this religious fundamentalism

> Henri Matisse : black is also a color

> Bauhaus : the powerhouse of the new

> Why Ray Bradbury's stories have seeped into the culture

> This whole “New Atheism” movement is only a passing fad

> Ralph Ellison's never-ending novel

> Trevor-Roper and Gibbon: a tale of two historians

> How childhood has evolved

> The playboy and his western world : Hugh Hefner

> Britain: a false dawn?

> Schumpeter 2.0

> The new war between science and religion

> I'm quitting the internet

> What was so mysterious about mystery cults in the ancient world?

> One thing every publisher should do (and doesn’t cost a penny)

> In the name of the Father, the Sons... - Christopher Hitchens

> Americans do not read enough foreign fiction

> What the new success books don't tell you about superachievement

> Communism, rising and falling

> Women of The Daily Show speak

> Being offline makes it easier to be a Mets fan

> Typography guru Erik Spiekermann and his wife, designer Susanna Dulkinys, hate clutter

> Michael Jackson in the scholarly literature [.pdf]

> An almost epic tale of moguls, movies, and a company called dreamWorks

> Nuclear Explosions, 1945-1998 by Isao Hashimoto

> If the Earth stood still

> Pico Iyer explores the lives and work of writers Jan Morris and V.S. Naipaul

> Julian Assange’s mission for total transparency

> The development of the title page, 1470–1900

> Why all soccer fans should root for Holland to lose to Spain

> Daniel Clowes: 'You've got to be obsessed'

> Can the internet bring change to Cuba?

> Medieval lands

> Dichters en schrijvers op internet

> A young psycholinguist confesses her strong attraction to pronouns

> Theory, literature, hoax

> Your book as a database: a primer

> The cult of the Renaissance sketch

> Nicholas Carr: the web shatters focus, rewires brains

> Assessing the research on penalty kicks and pressure

> Mind Over mass media

> The resurrection of Diego Maradona

> The psychological development of Harry Potter

> Save the world on your own time

> Theories with wonderful names are emerging to describe our post-postmodern culture and society

> The Shaw-Tarantino connection

> Rethinking critical theory

> The novel: an alternative history – beginnings to 1600

> Then: Dickens and Dostoevsky; Now: People and Us Weekly

> Most humanities 'research' is the self-indulgent pursuit of obscure hobbies

> The Classics . . . You know, like Greek and Latin

> Post-Communism’, radicalism, and the intellectual Left: a comparative approach

> The crisis & the Euro - George Soros

> Designing the cover

> Six degrees of separation in literature

> A history of anarchists - and their enemies

> Examining Books with the Caustic Cover Critic

> It is misleading — and dangerous — to think that religions are different paths to the same wisdom

> Science warriors' ego trips

> How corporate America turned Naomi Klein’s anti-branding manifesto on its head

> Game theory and the unification of the behavioral sciences

> Adam Smith wasn’t the free-market fundamentalist he is thought to have been

> Norway's Nobel Nazi

> Reading in a digital age

> Why I hate 3-D (and you should too)

> What the pill gave birth to

> Why do we love a loser?

> No self-respecting professor of philosophy wants to discuss the soul in class

> Feed me, I’m hungry! New Yorkers skim, freak, purge as RSS reading mounts

> The Jewish question: Martin Heidegger

> Jorge Luis Borges: an interview

> Relationships among poets are about much more than anxiety

> Volcanic ash is the new swine flu panic

> Hitler reading : is there much to be learned from a portion of his books?

> Can the iPad topple the Kindle, and save the book business?

> Philosophy for the all-too-common man

> The repudiation by liberal intellectuals of their values and ideals

> Meet the last generation of typewriter repairmen

> The master of historical fiction

> The bitter history of sugar

> Christian morals - Sir Thomas Brown

> The 50 worst inventions

> How did sport get so big?

> Football literature

> 100 best books for humanitarians

> How to survive as an independent bookshop

> 'Vanity' press goes digital

> Word Cup: best soccer books

> Authors’ agent Andrew Wylie aims for the high end—financial and literary

> Pippi Longstocking, with dragon tattoo

> The trouble with humanitarianism

> The Nobel Laureate's unstoppable blog

> Do Americans hate soccer?

> Tom's book of days

> How to get a book published

> The joy of (outdated) facts

> How TV serials achieved the status of art

> Absence of evidence, evidence of absence, and the atheist’s teapot

> Desire between women in literature

> Let's do an anthology

> Nabokov’s definitions of a good reader

> The slow media manifesto

> Between ‘New Atheism’ and believers, apatheism forges a different path

> The making and unmaking of prejudice [.pdf]

> The definition of atheism - Paul Cliteur [.pdf]

> The necessity of belief, or, the trouble with atheism [.pdf]

> The end of movable type in China

> Interview with James Murphy

> José Saramago, master of what-ifs

> The censor and the censored, linked by literature

> World Cup winners

> Why men don't read: how publishing is alienating half the population

> A short history of "feminist" anti-feminists

> The war on cliché. (That’s such a cliché.)

> Don't judge a book by its cover, particularly in France

> Chronology and architecture at the service of Horace Walpole

> Bookshops between hard covers

> Blowback - Chalmers Johnson

> The Arabs and the Holocaust: the Arab-Israeli war of narratives


____

Related Posts with Thumbnails