Vier jaar De Papieren Man : literatuur als gerucht
Bijna drie jaar geleden schreef ik een enthousiast stuk over De Papieren Man. Ik sta nog steeds achter die tekst. De Papieren Man bestond toen één jaar, en in die begindagen was het een degelijk liefhebbersinitiatief waarvoor je alleen waardering kon hebben.
Ook toen al had ik kritiek op wat DPM precies interessant vond — de waan van de dag, het literaire prijzencircuit, al die canonfähige schrijvers. Maar dat waren persoonlijke bedenkingen in de marge; DPM vulde met rustige vastheid een leemte in de Nederlandstalige blogosfeer en moest vooral blijven doen wat-ie leuk vond. Dat zou het langste duren. Ik eindigde mijn stukje dan ook met de wens dat DPM snel het hoofd onder de subsidiekraan zou mogen steken.
Inmiddels koerst De Papieren Man af op zijn vierde verjaardag, en is het weblog inderdaad een stevig bestaatstoelaagd instituut geworden. DPM is nog altijd dagelijkse prik aan mijn ontbijttafel en ziet er beter uit dan ooit. De nieuwe rubriek Literair supplement is voortreffelijk, en alles wat door Dirk Leyman en de zijnen over digitalisering wordt gemeld, lees ik nog steeds met grote aandacht.
Toch is mijn ergernis over DPM met de jaren fel toegenomen. De sympathieke onemanshow is een gesubsidieerde redactie geworden, en dat brengt verwachtingen met zich mee die hoegenaamd niet worden ingelost.
Literatuur draait in mijn optiek om goede boeken, en wat daar aan waardevols in staat. Een 'literair' weblog moet dus ook in de eerste plaats gaan over boeken, met twee belangrijke invalshoeken: 1. de reden waarom iemand deze of gene titel zou moeten lezen, 2. persoonlijke bemerkingen rond een gelezen boek. De eindeloze speelruimte die het internet biedt, kan daarnaast een aansporing zijn om het over titels te hebben die onder de radar van de reguliere printmedia verdwijnen.
DPM nu, hoewel het zich een verschaffer noemt van "literaire berichtgeving", draait om alles in het literaire wereldje, behalve om boeken. Boeken komen vaak ter sprake, maar op een korte inhoud na (soms) en hier en daar een sjabloonmatige volzin uit een recensie of juryrapport, kom je nooit iets over die boeken te weten, en al helemaal niet over de waarde en betekenis die zij kunnen hebben voor een lezer.
Boeken lijken vooral een alibi om het over schrijvers te hebben. Schrijvers, niet boeken, zijn de bouwstenen van de berichtgeving van De Papieren Man. Waarbij ook nog een onvolwassen beeld van de schrijver wordt gehuldigd: schrijvers als helden van wie geen papiersnipper onbesproken mag blijven. Deze puberale kijk, gecombineerd met een grote bekommernis om de waan van de dag, zorgt ervoor dat je bij Leyman en co eerder iets zal vernemen over een pas opgedoken boodschappenlijstje van Mark Twain, ik roep maar wat, dan over de verdiensten van diens grote boeken. Alleen als een schrijver overlijdt, is er plaats voor een korte synthese van zijn werk.
De Papieren Man wordt stilaan De Rode Loper voor de zelfverklaarde literatuurminnaar. De literaire festivalletjes die trouw worden gecoverd, zijn in de letteren wat societyfeestjes zijn voor BV's en BN'ers. De manier waarop literaire prijzen worden aangekaart, verschilt in niets van de gemiddelde awardshow op televisie: namen en rangordes zijn belangrijker dan de werkstukken zelf. De ongewone belangstelling voor schrijvershuizen heeft meer uitstaans met MTV Cribs dan met literatuur. De vele veilingberichten van DPM doen dan weer denken aan de weinige keren waarop in journaals over kunst wordt gerapporteerd: alleen in termen van geldopbrengst.
Literatuur is niet meer dan een gerucht op De Papieren Man. Je komt er niets over te weten, behalve dat zij iets is wat door schrijvers wordt geproduceerd. Dat schrijvers, uitgevers, boekhandels en alle andere actoren in het literaire veld op deze manier hun o zo belangrijke subcultuur prettig bevestigd zien, het zal best. Dat lezers van hun kant graag een potje meeroddelen zonder dat voorkennis (een gelezen boek) is verondersteld, prima. Maar geef mij, een lezer die boeken wil lezen, ook eens wat mij toekomt.
Maar DPM klopt zich graag op de borst. Zo had Dirk Leyman het vorige week over zijn "opvallend vaak geïmiteerde" rubriek met links.
Ik besloot onder het bericht te reageren. En schreef:
Ik word een beetje lacherig van dat 'opvallend vaak geïmiteerde rubriek'. Het is een vorm van zelffelicitatie die ik niet begrijp. Netjes ingeklede lijsten met relevante links bestaan al zo lang als het fenomeen weblog zelf. Misschien heeft De Papieren Man zijn rubriek wel geïmiteerd van The literary saloon?Mijn reactie raakte niet tot op de site. Weggemodereerd.
* Update 29 juli 2010: mijn reactie werd nu toegelaten, zie ik vandaag. Waarschijnlijk was Dirk Leyman toevallig een paar dagen verhinderd om aan het weblog te werken, zoals hier na enkele dagen in de reacties helemaal onderaan werd vermoed. Ik trek mijn beschuldiging dienaangaande in.
____


26 reactie(s):
Het Nederlandse equivalent voor "De Rode loper" heet 'RTL Boulevard".
U verwijt terecht dat "De Papieren Man" slechts met regelmaat twee soorten berichten brengt.
De eerste soort heet agendanieuws, en dit kan werkelijk iedereen brengen die zich door alleman de persberichten laat toesturen.
De tweede is het doorkakelnieuws, waarbij de grootste inspanning er uit bestaat dat niet alles daarvan via de sneltoetscommando's kopiëren en plakken te schrijven zal zijn.
Daar is allicht publiek voor. Alles wat online maar met grote regelmaat beweegt, en doorlinkt naar aantrekkelijker webadressen elders, krijgt vanzelf publiek.
Kwaliteit leveren kost altijd een inspanning.
Mij staan niet eens zo zeer de beperkingen in het aanbod van DPM tegen, mij treft eerder de luiheid.
Waarbij dus nog maar eens wordt aangetoond dat het aannemen van subsidies altijd het einde betekent van de kwaliteit. Leve de amateurs.
De Papieren Man is een literaire nieuwsrubriek. Niets meer, niets minder. Als zodanig is het waardevolle informatiebron, die in zijn volledigheid, actualiteit en overzichtelijkheid (nog steeds) vergelijkbare sites als literatuurplein.nl en literairnederland.nl naar de kroon steekt.
Een beetje flauw om de website te bekritiseren op basis van maatstaven die helemaal niets hebben te maken met de gekozen opzet van de site. Als ik "persoonlijke bemerkingen rond een gelezen boek" wil lezen, dan surf ik wel naar Achille van den Branden, wat ik overigens regelmatig en met enthousiasme doe.
Niks flauw. Hele fundamentele kritiek. Ik verwijt DPM niet dat hij een literaire nieuwsrubriek is, ik bekritiseer alleen zijn definitie van literair nieuws, die jammer genoeg in niets verschilt van de gezapige printmedia.
Mijn stelling: prijzen, festivals, veilingen etc. hebben weinig met literatuur te maken, en kan je dus bezwaarlijk 'literair' nieuws noemen. Dat de meeste mensen daar in hun vastgeroestheid anders over denken, kan me niet bommen.
Literair nieuws in mijn optiek is: het signaleren van nieuwe belangrijke en waardevolle boeken, met deskundige verduidelijking waarom ze juist nieuw (= iets nieuws brengen), belangrijk en waardevol zijn.
Dat, eventueel aangevuld met belangrijke structuréle ontwikkelingen in het boekenvak, bv. nieuws rond digitalisering.
Al de rest is stof voor bij de koffieklets.
Dat DPM behoorlijk volledig zou zijn, is overigens niet meer dan een prettige illusie. DPM voert a) een zeer mainstream beleid, met b) als duidelijke en beperkende invalshoek: literatuur als verstrooiing.
Er worden in binnen -en buitenland nogal wat belangwekkende literaire essays geschreven waar DPM systematisch zou kunnen naar verwijzen, maar dat wordt door hem nagelaten.
Tweedens: kwalitatieve non-fictie komt nauwelijks aan bod, wat niet duidt op een rotsvast geloof in de waarde van het geschreven woord. Opnieuw: boeken als verstrooiing.
Op dat laatste punt kom ik overigens nog uitgebreid terug, in een andere post.
Achille, als je stelt dat het je niet kan bommen dat bepaalde mensen - zoals ik - wél graag op de hoogte worden gebracht over prijzen, festivals, veilingen etc, dan sla je bij voorbaat elke discussie dood. Maar goed, dan maar tegen beter weten in: je kunt een appel niet verwijten een appel te zijn, noch een peer berispen een peer te wezen. De literaire blogosfeer is mijns bedunkens inmiddels behoorlijk volwassen geworden, en er zijn genoeg websites die in verschillende behoeften voorzien. De jouwe is er één van. Daarnaast heb je prima literaire websites die elk zo'n hun eigen accenten leggen. Zoals nederl.blogspot.com, nrcboeken.nl, cadoc.nl, boekendingen.nl, tzum.info, decontrabas.com, recensieweb.nl, dereactor.org, om slechts een paar van mijn favorieten te noemen. Voor elk wat wils. Dat neemt niet weg dat De Papieren Man zich onderscheidt door het brengen van algmeen literair nieuws. Waar vind je dat (tegenwoordig) elders, mét inbegrip van gedrukte media? Inderdaad, met een nadruk op fictie. Maar wat is daar mis mee? 'Het signaleren van nieuwe belangrijke en waardevolle boeken, met deskundige verduidelijking waarom ze juist nieuw (= iets nieuws brengen), belangrijk en waardevol zijn' valt naar mijn mening onder literaire kritiek, en dat is weer een heel andere tak van sport.
Het ergerlijke vind ik dat de overheid feitelijk hier het kopieren en plakken van persberichten subsidieert. Eigen inhoud heeft die Papieren Man feitelijk niet. Het mechanisme bestaat al sinds 'Rottend Staal': persberichten kopieren en plakken, het 'literair nieuws' noemen en wat ambtenaren bij elkaar zoeken die dat graag geloven.
Dat laatste heeft Rottend Staal nooit gedaan...
"Het ergerlijke vind ik dat de overheid feitelijk hier het kopiëren en plakken van persberichten subsidieert."
Ook waar.
En omdat DPM ook een ietsiepietsie van mijn geld betaald wordt, eis ik het recht op mijn geluid te laten horen. Nogmaals, zoals ik ook in het oorspronkelijke stukje aangeef: was dit zomaar een liefhebbersinitiatief gebleven, stond ik niet zo te roepen. Maar sinds er subsidies aan te pas komen, betekent dat dat er een bepaalde literatuuropvatting wordt beloond. Het enige wat ik wil, is die opvatting blootleggen en aanvechten.
Het appelen & peren-argument gaat hier dan ook niet op, Peter. Appelen en peren zijn wat ze zijn, mensen hebben de keuze om zichzelf te bepalen. Fruit is ook waardenvrij, de activiteiten van mensen zijn dat niet. Als mensen nu eenmaal doen wat ze doen, punt, aan de lijn, dan kunnen we de hele kritiek wel opdoeken.
Dat "niet kunnen bommen" sloeg juist niet op een poging elke discussie te smoren. Ik wou er net de opvatting mee tegengaan dat DPM "algemeen literair nieuws" brengt zoals de meeste mensen dat begrip invullen -- dus tot plezier van velen, dus einde discussie.
Waarom iemand prijzen, festivals, veilingen interessant zou kunnen vinden, behalve dan omdat trivia altijd leuk zijn, is mij niet duidelijk.
Bij veilingen gaat het over de economische waarde van artefacten, niet de intrinsieke waarde van teksten. Literaire festivals zijn een cultureel correcte vorm van aapjes kijken (niet eens mijn woorden, maar die van Luc Coorevits van Behoud de Begeerte). Een literaire prijs (hier en daar een serieuze oeuvreprijs uitgezonderd) is de neerslag van de consensus van een handvol beroepslezers. Nominatielijsten beschouw ik dan ook als sociologische data: een microbibliografie van boeken die om tal van redenen 'hot' zijn bij de incrowd.
Mag ik ook in herinnering brengen dat een rustig geformuleerde kritiek van mijn kant niet werd toegelaten op de site van DPM? Zonder een persoonlijke schoffering tot buitensporige proporties te willen opblazen, kan je je afvragen wie hier precies de discussie doodslaat. Een criticus (Dirk Leyman recenseert ook voor De Morgen) die niet met kritiek overweg kan; hoe vind je dat?
"Dat neemt niet weg dat De Papieren Man zich onderscheidt door het brengen van algemeen literair nieuws. Inderdaad, met een nadruk op fictie. Maar wat is daar mis mee?"
Waarom zal wel voer voor psychologen zijn, maar ik heb een grote hekel aan subculturen en hun zelfgenoegzaamheid -- het klimaat van comfortabele wederzijdse bevestiging. In het verlengde daarvan heb ik het moeilijk met het afschermen van literaire fictie van de rest van de wereld. Dat vind ik geen intellectuele houding en een door en door kleinburgerlijke literatuuropvatting. Romans en poëzie louter als verstrooiing, als wijkplaats, als tijdverdrijf voor enk'le fijne luiden.
Laat literatuur landen in het echte leven, zei Hans Goedkoop al in Een verhaal dat het leven moet veranderen . Eén manier om iets over de feiten van het echte leven te weten te komen is, naast je persoonlijke ervaring (die ontoereikend is), non-fictie lezen. Daarom moeten fictie en non-fictie samen in bad van mij. Op dit weblog probeer ik dat op mijn manier te doen; al ben ik nog lang niet tevreden over de mate van interactie tussen die twee.
Daarom ook, met alle waardering voor elk privé-initiatief rond literatuur, en alle mensen die zich in hun vrije tijd weren voor het goede boek, vind ik de sites die Peter opnoemt (met uitzondering van grote stukken van De Contrabas, en deReactor) niet interessant. Omdat het eilandjes van bellettrie zijn. Coterieën. Ons kent ons. De waarde van literatuur wordt er meestal afgemeten aan andere literatuur, in plaats van aan de wereld. Helemaal erg wordt het als literatuurbeschouwers denken dat ze ook een soort wetenschappers zijn.
Jarenlang was ik ook zo'n halve lezer, die alleen maar fictie verstouwde. Toen ik op weblogs als deze eenmaal leerde hoe je fictie, non-fictie en het echte leven elkaar kon laten versterken, voelde ik me bekocht door al die mensen die me ooit een kneuterig beeld van de literatuur hadden laten zien. Het hele weblog Achille van den Branden is een poging om voor mij het evenwicht te herstellen.
Tot slot vind ik dat een intellectueel zijn publiek een beetje moet opvoeden. Niet door iemand meningen door de strot te duwen, maar door onvoorspelbaar te zijn. Je moet je lezerspubliek af en toe eens van je site durven te vervreemden. Bij De Papieren Man kan je daar nog lang opwachten. DPM is een rentmeester die de brave middenklasse op haar wenken bedient, en in de waan laat dat de griezelromans van Houellebecq het ergste zijn wat een lezer kan overkomen.
Ook daarover later meer.
Hear, hear. Helemaal mee eens. Ik word (als Gentenaar) bijvoorbeeld erg kribbig als ik de vele opiniestukken van prof. dr. Yves T'Sjoen lees waarin hij het stadbestuur gispt omdat dat te weinig investeert in "het literaire klimaat" in de stad. Versta: lezingen, festivals, gedichten op muren, symposia (featuring de prof. dr. in kwestie ongetwijfeld), leesmarathons, dat soort zever. Ik ben een enthousiaste en studieuze lezer, maar ik weet niet goed wat ik me moet voorstellen bij een "literair klimaat" en ik blij dat mijn centen niet naar dergelijke hobbyclubjes gaan. Als het stadsbestuur de collectie van de stadsbibliotheek op peil blijft houden, ben ik allang tevreden. (Evident is dat helaas allang niet meer.) Ook helemaal akkoord met je opmerkingen over non-fictie. Mensen die hun leesdieet beperken tot romans of (godbetert) poëzie (of nog erger: het getheoretiseer erover) veroordelen zichzelf tot hopeloze wereldvreemdheid. Als dilettant-lezer heb ik altijd opgekeken naar mensen zoals Hans Magnus Enzensberger, 80 intussen, als lezer en als uitgever (zijn fantastische collectie Die Andere Bibliothek!) een onverbeterlijke veelvraat en omnivoor. En met veel instemming las ik het stuk van Geoff Dyer over hedendaagse (oorlogs)reportageboeken die zowel qua stijl als qua inhoud romans in de schaduw stellen...
(www.guardian.co.uk/books/2010/jun/12/geoff-dyer-war-reporting)
"En omdat DPM ook een ietsiepietsie van mijn geld betaald wordt, eis ik het recht op mijn geluid te laten horen."
Ik vind het nogal wat als een uit publieke middelen betaald medium bepaalde kritieke geluiden censureert. Men doet altijd maar alsof dat een volstrekt normale gang van zaken is, maar ik vind dat juist bij een non-commerciele publiek betaalde dienst men er vanuit mag gaan dat deze publieke middelen niet gebruikt worden om bepaalde kritieksoorten het zwijgen op te leggen.
Ik heb soortgelijke bezwaren bij het Fonds der Letteren, die een vervalste vorm van 'peer review' hanteren precies om die reden: het is dezelfde stuurbare vorm van nihilisme die je ook wel in Irak ziet: een doelbewuste puinhoop verpakt in het eeuwige ideaalbeeld van de kwaliteit: makkelijk aan te sturen omdat een puinhoop alleen zichzelf als principe kent.
Ik lees hier een vreemde contradictie in een paar van jullie reacties. Jullie willen niet dat de overheid investeert in literaire activiteiten en festivals, hoewel die de literatuur net dichter bij de lezer brengen en (akkoord soms volgens de criteria van de massa) die verteerbaarder maken. Tegelijk zijn een paar van jullie tegen "mensen die hun leesdieet beperken tot romans of poëzie of nog erger getheoretiseer daarover" en die zich zo van de wereld vervreemden. Dat is toch van tweeën één? Of niet soms? Als de overheid geld geeft aan DPM die "literair nieuws" in een verteerbare (doch niet platgekauwde) vorm brengt is het niet goed en als het Letterenfonds geld geeft aan schrijvers met een beperkte lezerskring is het ook niet goed. Wat stel je dan wel voor? Zo'n reacties ruiken naar kritiek willen geven op alles.
Ikzelf ben niet het soort lezer met een motto als "anything goes", maar ik pleit er graag voor dat beide manieren van literatuurbeleving recht van bestaan hebben, simpelweg omdat er voor beide publiek is. Voor de ene al wat meer dan de andere, maar moeten we dan alles door de massa en de markt laten beslissen?
Dit is een korte en niet onderbouwde reactie, ik weet het. (Maar daarin verschilt ze niet veel van andere reacties waarin appels met peren en peren met bananen vergeleken worden.) Ik hoop er weldra, als de examentijd voorbij is, een eigen stukje over te schrijven op mijn blog.
Achille, jouw warme pleidooi voor het belang van non-fictie kan ik van harte onderschrijven. Sterker nog, welk weldenkend mens zou het met je oneens zijn? Maar waarom verwacht je nu uitgerekend van de DPM dat hij op internet die functie vervult die de papieren media, met hun duurbetaalde krachten, al jarenlang aan het verkwanselen zijn? Het gat dat door hen onder de literaire kritiek gegraven is, kan noch met een beetje goede wil, noch met een schamele achtduizend euro subsidie gedicht worden.
In de grote supermarkten (de Volksrant, NRC, Vrij Nederland, HP/De Tijd, enzovoorts) tast ik steeds vaker mis, dus doe ik mijn literaire boodschappen met genoegen bij al die kleine, digitale nerinkjes die weliswaar niet op zichzelf, maar tezamen tegenwoordig een rijk en gevarieerd literair palet bieden. Die fragmentatie zie ik helemaal niet als nadeel. Met een goede rss-reader is een groot deel van het digitaal-literaire winkelcentrum met een muisklik binnen handbereik (zie bijvoorbeeld hier).
Het geeft intussen geen pas om bij de bakker binnen te lopen en dan stennis te gaan maken als blijkt dat hij geen wasmachines verkoopt.
Blijft over: de kwaliteit van het brood. Vandaag in de aanbieding: "Günter Grass schrijft roman over gebroeders Grimm" en "Verfilming 'The Catcher in the Rye' eindelijk in de maak?" Tja, inderdaad géén diepgravende verhandeling over de betekenis van Grass voor de na-oorlogse literatuur, noch een doorwrocht essay over de relatie tussen boek en film. Misschien iets voor jou, Achille?
Maar om nu deze volstrekt onschuldige, maar op zichzelf lezenswaardige berichtgeving langs een vulgair-marxistische meetlat te leggen en vervolgens weg te zetten als voorbeeld van "een kleinburgerlijke literatuuropvatting" en de DPM zelfs te typeren als "een rentmeester die de brave middenklasse op haar wenken bedient" lijkt me zwaar overdreven. Het zijn maar broodjes, Achille. Misschien lust je ze niet, maar ze zijn niet vergiftigd.
Aangezien ik niks gezegd heb over 'lezers dichter bij boeken brengen' noch iets gezegd heb over 'geld verstrekken aan schrijvers met beperkte leeskring' heb ik geen idee met wie je hier een discussie wilt voeren. Je valt mensen op vermeende standpunten aan, een bekende retorische truuk waar alleen een beginner intrapt.
Neemt niet weg dat ik de zogenaamde tegenstelling niet zie. Waarom zou je een stencilblaadje subsidieren alleen omdat dat 'mensen dichter bij boeken brengt'? Waarom zou je een schrijver subsidieren alleen omdat hij een klein publiek heeft? Ik kan het niet volgen hoor, en een tegenstelling zie ik al helemaal niet.
Mag ik het ook jammer vinden dat pas bij dit soort berichten blijkt welke interessante lezers AvdB heeft? Want van beide kanten wordt hier stevig maar ernstig geargumenteerd.
Ik ben niet echt een regelmatig bezoeker van dit weblog hoewel ik wel vind dat AvdB groot respect verdiend, ik lees het af en toe maar mij ontbreekt de tijd om de man helemaal bij te houden, laat staan wat hij allemaal leest ook te gaan lezen.
Het argument dat de overheid mensen moet gaan 'stimuleren' meer boeken te lezen lijkt me contraproductief, dat werkt net zo efficient als die plaatjes bij de tandarts waarop je een appeltje wordt aangeprezen.
De feitelijke taak van de overheid lijkt me eerder de randvoorwaarden te scheppen die ervoor zorgen dat mensen intelligent genoeg blijven om interesse voor literatuur te behouden. Een focus op goed onderwijs en goede voeding lijkt me veel efficienter: met slecht onderwijs en slechte voeding degenereert het brein in zulke mate dat elke literatuur promotie of productie totaal zinloos wordt.
Ik ben een man van keurige boekbesprekingen, en boekbesprekingen wekken nooit en nergens veel reacties los, omdat je om te beginnen al het boek gelezen moet hebben.
Misschien moet ik meer van dit soort standpunten innemen, maar dan moet ik mezelf, die geen polemische natuur bezit, geweld aan doen.
Valt het iedereen trouwens op dat De Papieren Man zelf uitblinkt door afwezigheid in deze discussie? Terwijl hier bij mijn weten voor het eerst ernstig wordt gepraat over zijn webstek, die in veel lijstjes wordt betiteld als "de belangrijkste" en "de meest toonaangevende" literaire weblog.
Het lijkt mijn eerdere stelling te bevestigen dat literatuur voor DPM in de eerste plaats een knus tijdverdrijf is, een mooi plaatje waarop scherpe pennen alleen maar nare krasjes aanbrengen.
Loom leunen op gevestigde waarden, alles wat de officiële status van literatuur heeft omarmen, en oproeikraaiers in de marge links laten liggen.
Dit is geen apologie voor de amateur; wel een pleidooi voor kwaliteit en kritische zin, uit welke hoek die ook komt.
Ook ik ben wel benieuwd wat DPM er zelf over te zeggen heeft, eerlijk gezegd. Maar ja, dwingen kunnen we 'm niet...
"Ik ben een man van keurige boekbesprekingen, en boekbesprekingen wekken nooit en nergens veel reacties los, omdat je om te beginnen al het boek gelezen moet hebben."
Dat mag zo zijn, maar je opmerkingen over de boeken die je gelezen hebt hebben vaak wel iets polemisch - ze zijn vaak redelijk scherp op de snede. Ik heb je site maar in mijn favorieten gezet nu want ik las vandaag enkele beschouwingen van welke ik dacht dat die mij ook wel van pas komen - ik ben immers ook een roman aan het schrijven nu en de opmerkingen van een goed lezer zijn dan op zijn minst leerzaam.
Ik denk dat er inmiddels voldoende wegwijzers zijn uitgezet in deze draad, opdat iedereen het zijne ervan kan denken. Het punt dat we in rondjes gaan draaien ligt niet meer veraf.
Maar goed. De reden waarom ik net DPM scherp aanpak, Peter, en dan nog alleen for the time being (ik wil er geen halszaak van maken), is eenvoudigweg omdat hij een belangrijke norm geworden is in het digitale landschap. Hij wordt door velen gelezen, hij wordt gesubsidieerd, en in ons taalgebied heeft hij zowat het monopolie op literaire nieuwsgaring in de blogosfeer.
Het gaat me bij een zichzelf nieuwsrubriek noemende website niet om de lengte en doorwrochtheid van de berichten, maar om een panoramische en een kritische blik. Neutraliteit is niet meer dan een mooie droom. Wie perscommuniqés natikt, bevestigt de waarde en de nieuwswaarde van wat daarin gezegd wordt, en misschien wel ten onrechte. Wie kritiekloos brengt wat iemand anders al bracht, is een kopiïst, geen journalist.
Ik wou ook nog even reageren op het woordje "vulgair-marxistisch", dat me raakte. Iemand kan het heel wel hebben over "kleinburgerlijk" en "middenklasse" zonder daar een extreem-linkse invulling aan te geven. Ik ben een fel voorstander van het goede, burgerlijke leven. Waarin "burgerlijk" in mijn optiek verschilt van "kleinburgerlijk", daarover graag een andere keer. Er staan trouwens een paar boekbesprekingen op stapel waarin ik me beken tot het humanisme (al klinkt dat hier potsierlijk, zo zonder context.)
Wie de loftrompet steekt over een conservatieve burgerman en moralist als Theodore Dalrymple kan moeilijk een marxistisch wereldbeeld verweten worden, me dunkt. Elders heb ik me al laatdunkend uitgelaten over Alain Badiou, en ik plan een kritisch stukje over Slavoj Žižek.
Ik word ziek van alle vormen van extremisme, en vooral de manier waarop salonintellectuelen zich bedienen van grote woorden om belangrijker te lijken dan ze zijn. Vorige week nog was ik hevig ontroerd door de wijze waarop Orwell net dit type verwende politieke activist typeerde in zijn pre-WOII roman Coming up for air.
Ik laat hier graag de betreffende passage volgen, nu in het Engels. 'Democratie' kan je er makkelijk in vervangen door 'Communisme' of 'Milieufundamentalisme'.
"The lecturer was rather a mean-looking little chap, but a good speaker. White face, very mobile mouth, and the rather grating voice that they get from constant speaking. Of course he was pitching into Hitler and the Nazis. I wasn't particularly keen to hear what he was saying--get the same stuff in the News Chronicle every morning--but his voice came across to me as a kind of burr-burr-burr, with now and again a phrase that struck out and caught my attention.
'Bestial atrocities. . . . Hideous outbursts of sadism. . . . Rubber truncheons. . . . Concentration camps. . . . Iniquitous persecution of the Jews. . . . Back to the Dark Ages. . . . European civilization. . . . Act before it is too late. . . . Indignation of all decent peoples. . . . Alliance of the democratic nations. . . . Firm stand. . . . Defence of democracy. . . . Democracy. . . . Fascism. . . . Democracy. . . . Fascism. . . . Democracy. . . .'
You know the line of talk. These chaps can churn it out by the hour. Just like a gramophone. Turn the handle, press the button, and it starts. Democracy, Fascism, Democracy. But somehow it interested me to watch him. A rather mean little man, with a white face and a bald head, standing on a platform, shooting out slogans. What's he doing? Quite deliberately, and quite openly, he's stirring up hatred. Doing his damnedest to make you hate certain foreigners called Fascists. It's a queer thing, I thought, to be known as 'Mr So-and-so, the well-known anti-Fascist'. A queer trade, anti-Fascism. This fellow, I suppose, makes his living by writing books against Hitler. But what did he do before Hitler came along? And what'll he do if Hitler ever disappears? Same question applies to doctors, detectives, rat-catchers, and so forth, of course. But the grating voice went on and on, and another thought struck me. He MEANS it. Not faking at all-feels every word he's saying. He's trying to work up hatred in the audience, but that's nothing to the hatred he feels himself. Every slogan's gospel truth to him. If you cut him open all you'd find inside would be Democracy-Fascism-Democracy. Interesting to know a chap like that in private life. But does he have a private life? Or does he only go round from platform to platform, working up hatred? Perhaps even his dreams are slogans."
Inderdaad Achille, eindeloos discussiëren kan altijd, over welk onderwerp dan ook, maar ik ben het met je eens dat de stellingen wel zo'n beetje betrokken zijn - hoewel dat misschien wat grote woorden zijn voor dit onderwerp.
Dat gold ook voor jouw woorden, die ik (nu blijkt ten onrechte) als marxistisch heb aangeduid, maar in ieder geval naar mijn mening wat overdreven waren.
Niet om per se het laatste woord te willen opeisen, maar sta me nog één opmerking toe.
"Hij wordt door velen gelezen, hij wordt gesubsidieerd, en in ons taalgebied heeft hij zowat het monopolie op literaire nieuwsgaring in de blogosfeer."
Wat mij nu juist verbaast, is dat hij niet alleen het monopolie heeft in de blogosfeer, maar in het gehele literaire landschap. Geen enkel ander medium, noch op het internet, noch op dode boom, biedt zo'n volledig overzicht van wat ik nu toch maar voor het gemak "het literaire nieuws" noem. Het is toch veelzeggend dat de NRC veel van zijn berichten overneemt. Of het nu een vorm van copy-paste-journalistiek is of niet, DPM is in een schandalige leemte gestapt. Als DPM al beperkt is in zijn visie op wat literair nieuws is dan is hij in ieder geval vollediger dan menig ander. Ik ben er in ieder geval blij om dat ik op de hoogte gehouden wordt van de "blote feiten". Voor kritische kanttekeningen breng ik een bezoekje aan, onder anderen, Achille van den Branden.
"ik plan een kritisch stukje over Slavoj Žižek."
Soort stand-up comediant/filosoof die de methodiek van de paniekaanval gebruikt om 'urgente slogans' de wereld in te slingeren. Het raadselachtige aan de man is vooral hoe hij zoveel kan zweten zonder een gram af te vallen. Alleen al daarom zou ik hem ogenblikkelijk medisch poefkonijn maken.
Overigens valt me nu pas op dat de berichtgeving op DPM sinds maandag uitsluitend werd verzorgd door Hans Cottyn. Misschien is Dirk Leyman gewoon niet bereikbaar voor commentaar. Misschien heeft hij om diezelfde reden mijn kritische reactie nog niet kunnen toelaten. Die mogelijkheid wil ik hier openhouden.
Detail bij dit alles. Zo viel me net op bij de bespreking van nieuwe Murakami http://www.depapierenman.be/blog/2010/6/26/literair-supplement-aflevering-6 de toon zogenaamd doorgaans positief is, maar het stuk in Trouw van Steinz was zeer negatief over boek, dat wordt echter dus niet goed weergegeven. Allicht door de samenwerking met boekhandel Athaneum?
Over het feit dat DPM op zijn site niet zegt over dit artikel. Op hun facebookpagina gebeurt dat wel. Dit verscheen twee keer in hun prikbordberichten.
- Nieuwe aflevering van de 'kruimelnieuws'-rubriek Papierman(d)
- En andere Saramago-akkefietjes vanop "de rode loper"
Niet echt een reactie maar wel een ironische allusie. Niet dat het iets aan deze discussie toevoegt natuurlijk...
Een reactie plaatsen