vrijdag 14 mei 2010

Hele dagen in de bomen - Marguerite Duras

De moeder van Jacques, definitief een oude vrouw geworden, arriveert met het vliegtuig in Parijs. De redenen voor haar terugkeer zijn niet echt belangrijk. Of toch? "Misschien om een bed te kopen, maar dat is niet dringend, ja, een bed om in te sterven, het mijne is slecht. Daar heb ik toch recht op, nietwaar?" Ze wil vooral nog één keer haar zoon zien. Als kleine jongen wilde hij niet deugen. Hij verzuimde school, zat 'hele dagen in de bomen'. Te dromen en vogelnesten te jatten.

De moeder is op een of andere manier schatrijk geworden. Ze bezit een fabriek en tachtig man personeel. Maar vanbinnen is ze nog steeds dat luie mens van lage komaf dat ze altijd was. Aan haar armen draagt ze zeventien gouden armbanden, smakeloos. En als ze bij haar schoonzoon over de vloer komt, vraagt ze zijn vrouw wat 'verstelwerk', gewoon, om zich bezig te houden.

Haar zoon blijkt niets van zijn volwassen leven te hebben gemaakt. Hij leidt een onbestemd bestaan in het nachtleven op Montmartre en vergokt al het geld dat hij in handen krijgt. Toch blijft hij de lievelingszoon van zijn moeder, die niets slechts in hem wil zien.

Champagne drinkend en Pêche Melba lepelend praat zijn moeder op hem in. Ze haalt herinneringen op, tracht zich met jeugdsentiment aan hem te binden. Ze vergoelijkt zijn misstappen. Ze denkt dat Jacques haar neiging tot lethargie heeft meegekregen. Misschien heeft ze zich ook te laks opgesteld, vroeger. Hij sliep alleen maar, ging niet naar school, en zij liet dat allemaal begaan.

De moeder wil haar fabriek van de hand doen, en hij krijgt als eerste de kans die over te nemen. Maar hij weigert. Hij houdt niet van geld. Jacques is sowieso niet gelukkig met de komst van zijn moeder, wier rijkdom hem confronteert met zijn eigen leven en de afhankelijkheid van weleer. Hij, die tot zijn achttiende slaag kreeg van zijn moeder, voelt zich weer verglijden van man naar zoon.

Tussen deze twee vuren zit Marcelle, de vrouw van Jacques die, pijnlijk detail, háár moeder nooit heeft gekend. Ze is een vondelinge, grootgebracht door de Armenzorg. Ze kan lezen, maar is verder laagopgeleid. Ze maakt lampekappen voor de kost, en prostitueert zich.

Daarmee zijn de krijtlijnen van Hele dagen in de bomen getekend. Drie mensen, drie familieleden, die op een tragische manier in elkaar verstrengeld zitten. Niet spectaculair, maar daarom niet minder hartverscheurend. Een moeder die wil dat haar kinderen eeuwig kind blijven. Een zoon die op eigen benen wil staan, maar zonder de verantwoordelijkheid daar bij te nemen. Een lamlendige vrouw die oog in oog staat met haar schoonmoeder.

Allemaal even eenzaam in hun beslissingen.

Hij liep naar de schoorsteenmantel en bekeek zich in de spiegel. Hij wist niet wat hij met zijn lichaam aan moest. Zijn onrust was afgenomen, maar uit wanhoop kon hij zichzelf alleen staande verdragen. Hij beschikte zelfs niet eens over het redmiddel van een vijand: zijn moeder sliep, verontschuldigd, als gevolg van de wijn. Hij wist dus niet wat hij die nacht met zichzelf moest doen, tot hij op de schoorsteenmantel de zeventien gouden armbanden zag die zijn moeder vergeten was na het avondmaal, vergeten was omdat ze te veel gedronken had en te oud en te veel van hem gehouden had. Hij ging zitten. Stond weer op en bekeek ze opnieuw in hun nutteloosheid. Daarna ging hij weer zitten. Keek op zijn horloge. Nam een besluit. Pakte twee van de zeventien armbanden, stopte die in zijn zak en wachtte eventjes, de tijd die nodig was om erachter te komen wat hij zo juist gedaan had, of om die daad in elk geval te benoemen. Hij slaagde er niet in. Misschien was dit wel het ergste dat hij sinds zijn geboorte gedaan had. Maar dan nog was hij daar niet zeker van. En des te minder omdat met vlagen uit vervlogen tijden een rechtvaardiging in zijn ziel opkwam. Ze is mijn moeder, dacht hij, ze is mijn moeder en ik ben erg ongelukkig en mijn moeder is geschapen om mijn ongeluk te begrijpen en ze heeft gelijk en we zijn allemaal gelijk, zelfs zij die beter zijn dan ik. Zachtjes ging hij de flat uit met het goud in zijn zak en liep naar Montparnasse.
Hele dagen in de bomen is beter dan dat beroemde Moderato cantabile. Vanwege de zeer geloofwaardige dialogen. Dialogen zoals bij ons alleen Claus ze kon schrijven. Van het boek (1954) werd niet toevallig een toneelstuk (1965) en een film (1976) gemaakt.

> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken

Marguerite Duras, Hele dagen in de bomen
79 p.
Uitgeverij Goossens, 1992
Oorspr. Des journées entières dans les arbres (1954)
Vertaald door Ernst van Altena

____

0 reactie(s):

Related Posts with Thumbnails