dinsdag 11 mei 2010

Heer der vliegen - William Golding

Zet een paar camera's op een groep uitgehongerde eilandbewoners en kijk wat er gebeurt. Psychologisch spektakel verzekerd. Toch is er één goede reden om Expeditie Robinson te klasseren onder het kopje kitsch. Het vooruitzicht dat de beproeving maar een paar weken duurt, slaat elke existentiële scherpte uit het opzet. Romanschrijvers, van hun kant, hoeven zich niet aan financiële en ethische grenzen te houden, en kunnen de gemeenste dingen uithalen. Zelfs met kinderen.

Midden jaren vijftig voert William Golding — weliswaar op papier — een experiment uit dat zelfs Stanley Milgram niet had kunnen verzinnen. Hij laat een groep keurige Engelse schooljongens neerstorten op een onbewoond eiland. Omdat er geen volwassenen in de buurt zijn, moeten de leiderstypes onder de kinderen zelf het voortouw nemen. Maar waar Robinson Crusoe door in zijn christelijk geloof te volharden zijn isolement te boven komt, eind goed al goed, heeft Golding iets kwaadaardigers in de zin. Er ontstaat een schisma tussen twee rivaliserende kinderstammen, en al snel schilfert het laatste laagje Britse beschaving af.

Heer der vliegen is het boek van een verwording. Het verhaal speelt in de eerste jaren van de Koude Oorlog en het atoomtijdperk. Dat heeft zijn belang: volwassenen, lijkt de schrijver te willen zeggen, hebben bewezen dat ze moreel zwak staan, en de boel grondig kunnen verknoeien. Alleen gaat Golding in zijn roman — die het spanningsveld schetst tussen groepsdruk en individualiteit, gevoel en emotie, aangeleerde moraal en ingebakken zedenverwildering — nog een stapje verder. Hij laat ongerepte kinderen opdraven op een al even onbespoten eiland, en toch loopt het ook tussen hen grondig mis.

Kinderen blijken net grote mensen. Een inderhaast ingevoerde hiërarchie onder de jongens en het bijbehorend reglement missen hun doel volledig. Het gehannes om het leiderschap is bij de broekjes even groot als bij volwassenen. De kinderen gaan gebukt onder waanvoorstellingen. Er wordt gemoord en brand gesticht. Schaamte is op het laatst niet meer dan een vage herinnering. De verpletterende conclusie van Golding: kwalijke omstandigheden zijn niet de oorzaak van de degeneratie van de mens, ze versnellen alleen de degeneratie die altijd al in ons stak. Het 'kwaad' zit al in elke mens, groot of klein.

Eerlijk gezegd ben ik mijn oude notities omtrent dit boek alleen gaan inkijken nadat ik Golding gisteren luid geprezen hoorde worden door de anders zo kritische Theodore Dalrymple, in een van zijn essays.

Destijds ervoer ik de lectuur van Heer der vliegen juist als huiswerk. Ik wist dat dit een klassieker was, en dus moest ik er vroeg of laat kennis van nemen. De roman liet me echter onverschillig, waarschijnlijk omdat ik zo duidelijk kon zien wat Golding aan het doen was.

De schrijver laat het noodlot los op zijn personages en kijkt hoe verschillende temperamenten daarmee omgaan. Ralph is de rechtschapen leider, die wel de reminders van de intelligente Biggie nodig heeft om op het rechte pad te blijven. Biggie ('Piggy' in het origineel) is het laatste bastion van beschaving op het eiland, maar wel een zonder de minste dynamiek: de jongen kampt met obesitas, is astmatisch en volkomen hulpeloos zonder zijn bril. Jack wordt de grote rivaal van Ralph en blijkt de eerste die ontspoort. Roger is het type van de meeloper die nog enigszins de taboes en gezagsdragers uit zijn vroegere leven herinnert (ouders, school, politie, recht). Simon fungeert als de rustige christusfiguur, maar is hoogst vatbaar voor hallucinaties.

Die opzichtige rolverdeling maakt van Heer der vliegen dankbare tentamenstof. Scholieren.com puilt dan ook uit van de dorre leesverslagjes.

Toch heeft het boek zeker zijn kwaliteiten. Het is te dik, maar dat valt te vergoelijken: Golding heeft nu eenmaal duur nodig, om alles geleidelijk aan te laten ontaarden. In die beheersing openbaart zich dan ook zijn vakmanschap, voor mij.

Voorts kon ik de vele dialogen waarderen, die heel naturel aandoen. Wie doelbewust een allegorie wil schrijven, kan snel zijn toevlucht nemen tot essayistische terzijdes. Maar Golding kiest dus niet die makkelijke weg.

Synopsis [spoiler warning]
Aan het begin van de atoomoorlog die volgt op de Tweede Wereldoorlog stort een Brits vliegtuig neer op een onbewoond eiland. De enige overlevenden zijn een groep kinderen — allemaal jongens tussen de zes en de twaalf jaar — die in hun onschuld verdienden geëvacueerd te worden in nucleair onzekere tijden.

Volwassenen zijn er niet op het eiland, dus zijn de kinderen op elkaar aangewezen. Het duurt eventjes eer de kinderen echt gedwongen worden te geloven in de werkelijkheid van een eiland. Langzaam dringt tot hen door dat deze wildernis niets heeft van het keurig aangeharkte groen van een Engels graafschap.

‘Mijn vader is bij de marine. Hij zei dat er geen onbekende eilanden meer zijn. Hij zegt dat de Koningin een grote kamer vol met kaarten heeft en alle eilanden van de wereld staan daarop getekend. Dus heeft de Koningin een tekening van ons eiland.’
Twee jongens, de hoogblonde Ralph en de corpulente, bebrilde Biggie, vinden een grote oorschelp. Ze blazen erop om de andere kinderen rond zich te verzamelen. In de rest van het verhaal zal deze schelp symbool staan voor het democratische principe: wie de schelp oppakt heeft recht van spreken.

Terwijl Biggie, de verstandigste, in een betere wereld al snel beschouwd zou worden als de natuurlijke autoriteit, komt hij niet te pas aan de stemming over de vraag door wie de kinderen geleid willen worden. De keuze draait uiteindelijk om twee jongens: Ralph, die de andere jongens zo snel heeft verzameld op het eiland; en Jack Merridew, een roodharige jongen die zich opwerpt als de leidsman van een groepje vroegere koorknapen (compleet met uniform) dat de ramp ook heeft overleefd.

Ralph stelt twee doelen voorop: plezier maken, en een permanent vuur aanleggen om de kans op redding te vrijwaren. Gebruikmakend van Biggie's bril (‘Pas op! Geef ‘m terug. Ik zie haast niks meer! Je breekt de schelp nog!’) maken de kinderen een vuur en werken ze inderdaad een tijdje samen om een schuilplaats in te richten, proviand bijeen te garen, en het vuur brandende te houden.

Jack legt evenwel andere prioriteiten. Hij turnt zijn groepje koorknapen om tot een groep efficiënte jagers, die verantwoordelijk is voor het eten. Ralph verliest er zijn zelfbeheersing door. Hij ziet de obsessie met vlees en de belustheid op prooien met lede ogen aan.
Ze [Ralph en Jack] liepen voort, twee werelden van ervaring en gevoel, niet in staat om elkaar deelgenoot ervan te maken.
‘Als ik maar eens een varken te pakken kreeg!’
‘Ik ga straks weer door met het onderdak.’
Ze keken elkaar aan, een raadsel voor elkaar, met liefde en haat tegelijk. Al het warme zilte water van de zwemplas en het geschreeuw en geplas en gelach waren maar net voldoende om hen weer samen te brengen.
Ralph, Jack en de zwartharige Simon (die instinctief de nood voelt om de kleintjes te beschermen) worden algauw de officieuze leiders van alle kinderen. Biggie, het gevoelige jongetje van de groep, wordt verstoten door de oudere kinderen en een object van hilariteit voor de kleintjes.

De ogenschijnlijke orde die Ralph installeert, verwordt echter zienderogen, en de meerderheid van de kinderen wordt lui en laks. Op een gegeven moment sommeert Jack al zijn jagers om een wild zwijn in het nauw te drijven — óók degene die eigenlijk het vuur in de gaten moeten houden. Wanneer een schip langs het eiland vaart, is er dus niemand om rooksignalen uit te zenden. Hoewel de zwijnenjacht succesvol zal blijken, ontsteekt Ralph in woede omdat ze een mogelijke redding mislopen hebben.

Intussen beginnen de kleintjes te geloven dat er "een beest" op het eiland rondwaart. Ralph probeert het hele idee uit hun hoofd te praten. Jack belooft het beest eigenhandig om te brengen. Wanneer de tweeling Sam en Eric melden het beest te hebben gezien op een heuveltop trekken Ralph en Jack op onderzoek uit. Wat ze vinden is het lijk en de open parachute van een gevechtspiloot die op het eiland geland is. Vanop te grote afstand, terwijl de parachute beroerd wordt door de wind, zien ze dit lijk aan voor "het slapende beest". De paranoïa neemt toe.
Als je je ogen kon sluiten voor het langzaam omlaag zuigen van de zee en het kokende terugkeren, als je kon vergeten hoe onherbergzaam en ongerept het struikgewas van varens aan weerszijden was, dan had je een kans dat je het wilde beest uit je gedachten kon zetten en een tijdje kon dromen. De zon was over zijn hoogtepunt heen en de middaghitte besloop het eiland.
De bevestiging dat het beest dan toch bestaat, zorgt zelfs voor een scheuring in de groep kinderen. Ralph en zijn aanhang houden zich bezig met het vuur. Jacks groepje, dat zich focust op het opjagen van prooien, een zwijn keelt en bescherming tegen het beest belooft, begint meer en meer op een verwilderde stam te lijken. De leden beschilderen hun gezichten, laten hun beschaafde opvoeding langzaam los en ontbinden hun innerlijke duivels bij de jacht.
‘Dwars door d’r kont!’
‘Hoorde je dat?’
‘Hoorde je wat ie zei?’
‘Dwars door d’r kont!’
Simon, die deel uitmaakt van de groep van Ralph, gaat eigenmachtig op zoek naar het beest. Op een gegeven moment vindt hij de kop van een dood zwijn op een stok, omzwermd door vliegen: een offer van het groepje van Jack aan het beest. Gedehydrateerd en niet meer in staat helder na te denken, ziet Simon de kop aan voor de "Heer der Vliegen". De varkenskop lijkt ook te praten: hij verklaart dat hij het beest is, dat de kinderen het beest zelf hebben gecreëerd, het beest dat al die tijd in henzelf verscholen zat.

Simon ontdekt daarna de ware toedracht rond het lichaam van de dode parachutist. Wanneer hij de waarheid aan de stam van Jack wil overbrengen wordt hij gedood door de jagers, compleet in trance na hun laatste succesvolle jacht.

Jack en de zijnen overvallen daarna het kamp van Ralph om Biggie's bril te stelen — de enige troef die Ralph en de zijnen nog hebben; Jack wil een kookvuurtje maken. Bij een poging van de groep van Ralph om de bril terug te bemachtigen wordt Biggie van een rots geduwd en de schelp vernietigd. Sam en Eric worden daarna gevangengenomen en via foltering gedwongen om het groepje van Jack te vervoegen.

Ralph moet vluchten. De volgende morgen wordt een klopjacht op hem georganiseerd. Sam en Eric zijn de schuilplaats van Ralph in vertrouwen te weten gekomen, maar worden onder druk gezet om dat geheim te verklappen. De klopjacht wordt voortgezet. Jack heeft zijn gezellen de opdracht te geven naar de prooi te gooien, als betrof het opnieuw een wild varken.

In tussentijd laat Jack het bladgroen van het eiland in de fik steken, tot dan toe de enige bron van voedsel en onderdak voor de jongens. Helemaal uitgeput gelooft Ralph dat hij elk moment gevonden kan worden en het dan met zijn leven zal moeten bekopen. Zijn laatste getrouwen hebben hem in de steek gelaten.
Samneric maakte nu deel uit van de stam. Ze bewaakten de Burchtrots tegen hem. De kans om hen te redden en een ballingenstam te vormen aan de andere kant van het eiland was verkeken. Samneric waren wilden als de rest; Biggie was dood, en de schelp tot poeder geslagen.
Maar het vuur heeft de aandacht getrokken van een nabijgelegen oorlogsschip. Een marinier betreedt het eiland op de plek waar Ralph ligt en zijn plotse verschijning brengt de andere jongens tot inkeer. Wanneer de officier van de verwildering van de jongens hoort, is hij diep teleurgesteld.
‘Ik had eigenlijk gedacht,’ zei de officier terwijl hij de jachtpartij voor hem langs zijn geestesoog zag wegtrekken, ‘ik had eigenlijk gedacht dat een stel Britse jongens – jullie zijn toch allemaal Brits, nietwaar? — in staat zou zijn geweest beter voor de dag te komen dan nu — ik bedoel…’
En kijk, met de komst van de volwassene houdt de autoriteit van de verwilderde Jack in één tel op te bestaan. In de slotscène kan Ralph zijn emoties niet meer de baas.
Een ogenblik had hij een vluchtig beeld van de vreemde betovering waarmee de stranden eens bekleed waren geweest. Maar het eiland was opgeschroeid als dood hout — Simon was dood — en Jack had… De tranen begonnen te vloeien en snikken schokten door hem heen. Hij gaf zich voor de eerste keer op het eiland nu aan hen over; grote huiverende krampen van verdriet die zijn hele lichaam schenen te verwringen. Zijn stem verhief zich onder de zwarte rook voor de brandende puinhoop van het eiland, en aangestoken door deze aandoening begonnen de andere jochies mee te schokken en te snikken. En midden tussen hen, met een smerig lichaam, een woeste haardos en een ongesnoten neus, huilde Ralph om het einde van de onschuld, de duisternis van het mensenhart, en de val door de lucht van de trouwe, verstandige vriend die Biggie heette.
De officier, omgeven door deze geluiden, was bewogen en lichtelijk verlegen. Hij wendde zich af om hun tijd te geven zich te vermannen; en liet zijn ogen onder het wachten rusten op de keurige kruiser in de verte.
> meer Golding op Achille: De papieren man

(Gebaseerd op notities van 16 september 2004.)

William Golding, Heer der vliegen
223 p.
Uitgeverij Athenaeum-Polak en Van Gennep, 2002
Oorspr. Lord of the flies (1954)

Vertaald door H.U. Jessurun d'Oliveira
____

2 opmerkingen:

Alan Moss zei

Zelf heb ik Goldings werk altijd als een opluchting ervaren. Tijdens mijn middelbare schooltijd was Golding de uitzondering op het lijstje boeken - lees: canon - van mijn leraar Engels; het bungelde zo ergens tussen Shakespeare en Dickens in.
Ik moet wel toegeven dat ik zijn verhalenbundel De Schorpioenengod beter vond: dezelfde ontnuchtering op het einde, hetzelfde fatalisme, maar met een absurder plot. Waarschijnlijk heeft u het al lang gelezen - wat niet? - , maar anders is het zeker een aanrader.

Alan Moss

Achille van den Branden zei

Ik was 26 toen ik 'Heer der vliegen' las. Wellicht te oud om nog helemaal gegrepen te worden door een evidente allegorie. Ik las ook alleen de Nederlandse vertaling; het Engelse origineel moet haast een stuk beter zijn.

'De schorpioengod' heb ik nog niet gelezen. Wel al een paar keer in handen gehad. Een hardcover, herinner ik me, ook van Athenaeum, met bruin en bordeaux op de cover? Een boek met een rare titel dat er zo anoniem uitzag dat ik het steeds heb laten liggen. Nu ik weet dat het een verhalenbundel is, moet het er ooit nog eens van komen.

Related Posts with Thumbnails