Lord Gnome’s literary companion - Francis Wheen (red.)
Een goede reden waarom zoveel Nederlandstalige recensies boter noch vis zijn, is belangenvermenging. Weinig recensenten doen namelijk alleen maar dat, recenseren. Ze zijn zelf schrijver, of willen het zo graag worden. Ze zijn met een schrijver bevriend of zitten in hetzelfde fonds. Of ze klussen bij: in de week moeten ze voor de krant op vraaggesprek met de auteur van dat pas besproken boek; en in het weekend moeten ze een literaire kaas -en wijnavond met 'm modereren.
Probeer maar eens in dat klimaat, waar iedereen elkaar voortdurend tegen het lijf loopt, fundamentele kritiek op iemand te leveren. Enfin, spotzieke recensies zoals verzameld in Lord Gnome's literary companion lees je hier nooit. Op Gerrit Komrij/Patrick Demompere na, en ook dat is alweer jaren geleden.
Lord Gnome is de fictieve, naar Rupert Murdoch gemodelleerde, uitgever van het Britse satirische tijdschrift Private Eye (een van de betekenissen van gnome is mediamagnaat). In zijn persoonlijke 'handboek' verzamelde Francis Wheen — redacteur van Private Eye en auteur van het rommelige no nonsense-boek How Mumbo-Jumbo conquered the world — de meest spitante kritieken uit de literatuurkolommen van dat blad. Samen geven die een ontluisterende kijk ("no sacred cows, no inhibitions, no special favours, no treacly euphemisms") op de Engelse boekenproductie eind jaren tachtig, begin jaren negentig.
Wheen schreef een groot deel van de recensies zelf. Welk deel weten we niet. Vele medewerkers van Private Eye schrijven onder een humoristisch pseudoniem. De besprekingen in de 'Literary Review' zijn zelfs helemaal anoniem. Dikwijls zijn het bekende figuren of vakspecialisten. Nogal wat kopij komt van journalisten van andere mainstream-kranten die hun verhaal niet door hun werkgevers kunnen laten publiceren.
De recensies in Lord Gnome's literary companion zijn vernietigend. Vernietigend, niet omdat een boek slecht besproken wordt, of zelfs afgekraakt, maar omdat daarvoor ook geput wordt uit inside-informatie, zoals het een goeie journalist betaamt. Hoe zijn uitgeverijen en imprints met elkaar verbonden? Welke middelen gebruikt een uitgeverij om zijn boeken te verkopen? Welke personeelswissels hebben invloed op het fonds? Hoe liggen de onderlinge relaties tussen schrijvers? Wie is vriend van wie? Wie elkaars vijand? Dat soort dingen.
Het goeie van dit dikke boek is dat die informatie nu eens niet wordt versluisd naar de roddelkolommen, de gespecialiseerde bladen die niemand leest, het economisch katern, of een braaf decemberartikel over het afgelopen-jaar-in-boeken. Ze duikt op in een doordeweekse boekbespreking. Ze wordt dus relevant geacht voor de lezer. De recensent gebaart niet alleen van thumbs up of thumbs down, maar vindt dat hij de brave, niet-ingevoerde lezer ook een beetje moet opvoeden, wereldwijzer maken. Als dat zijn feestje verpest, pech gehad.
Want de boekindustrie is geen kinderspel. Er is meer aandacht voor boeken (in zijn ruime zin) dan vroeger, boekhandels komen in ketens tot ons, de literaire prijzen groeien de lezer boven het hoofd, en er worden meer titels verkocht dan ooit. Wheen spreekt in zijn inleiding over de Engelse boekindustrie als een miljoenenbusiness. Een uitgever heeft tegenwoordig alles wat bij een moderne firma hoort: aandeelhouders, marketing, managers, bedrijfsstrategieën, ons-kent-ons-partijtjes in The Groucho Club. De tijd dat Virginia Woolf zelf alle pakketjes kon klaarmaken van de Hogarth Press is voorgoed voorbij.
Vroeger, klinkt het ergens in het boek, werden er boeken geschreven, waarna men die probeerde aan de man te brengen. Nu wordt eerst de markt geïdentificeerd en dáárop ingespeeld. Alles werkt zo, waarom dan fictie niet? Een boek, of liever de schrijver daarvan, moet goed te promoten zijn. Jong, knap, bekend van tv, of een fascinerend leven levend aan de rand van de maatschappij.
Lord Gnome's literary companion is een grote motie van wantrouwen ten aanzien van de boekindustrie. Om te lachen. Natuurlijk. Satire. Maar de basispremisse liegt er niet om: van de 50.000 boeken die er per jaar over het Kanaal verschijnen, worden de meeste uitgegeven "om de fondscatalogus vol te krijgen". Punt. Kan ook niet anders. Er zijn simpelweg geen goeie boeken genoeg om de kolossale productie te rechtvaardigen. De markt wordt gedomineerd door slechte boeken, saaie boeken, overbodige boeken.
Een belangrijke reden daarvoor is dat uitgevers het liefst bewezen verkoopssuccessen herhalen. "Publishers — why else would they be publishers? — lack information. To them a new book is only ever comprehensible as another version of an old book." In een extreem geval worden zelfs dode prijsbeesten, type Virgina Andrews, tot leven gewekt door ghost writers ("No publisher can see why an established line should go out of production just because its author has been selfish enough to expire"). Tegelijk worden alle truken uit de kast gehaald opdat de lezer niet beseft dat er oude wijn in nieuwe zakken wordt geserveerd. In Gnome's companion staan talloze voorbeelden van hoe je blurb moet interpreteren.
De bloemlezing van Wheen laat ook zien dat de boekenbijlage zoals die er vandaag uitziet per definitie een objectieve bondgenoot is van de boekhandel. Om te beginnen beperken de besprekers zich tot de nieuwe productie, de waan van de dag. Waardevolle verramsjte boeken (die meestal nog makkelijk in de bibliotheek te vinden zijn) krijgen hier en daar misschien een korte vermelding; klassiekers worden meestal alleen besproken bij een heruitgave.
Bovendien krijgt de literatuur-met-hoofdletter-L, zelfs wanneer die auteurs voor geen meter lopen, een voorkeursbehandeling. Zelfs wanneer die nieuwe literaire romans slecht besproken worden, staan ze in de belangstelling, waardoor een heel segment boeken automatisch een soort serieux bewaart. Het populaire genre, dat veel minder besproken wordt, verkoopt zichzelf wel. Recensies als gratis reclame voor winkeldochters — het is veel te sterk uitgedrukt, maar toch. Waarom die vanzelfsprekende aandacht?
Ook Private Eye publiceert alleen besprekingen van recente boeken. Maar een van de grote troeven van het blad is dat het niet in hokjes denkt. Waar literaire recensenten doorgaans geen genreboeken bespreken, gebeurt dat wel in Lord Gnome's literary companion. Sterker, het boek biedt een spectaculair totaalbeeld van het boekbedrijf. Het bespreekt boekcovers, flapteksten en fondscatalogi; dichtbundels, romans en bloemlezingen; columns, monografieën en memoires; kookboeken, zelfhulpboeken en Maatschappelijk Relevante Boeken; jonge honden, gevestigde waarden en eminences grises. Een studie van Paul Johnson krijgt een even strenge behandeling als een traktaat over vliegende schotels.
Dat betekent niet dat bandwerk en bagger zich mogen verheugen in mildheid. Absoluut niet. Wheen en co getroosten zich kosten nog moeite om de pijnpunten van pulp vast te leggen. De boeken lijken op elkaar; ze zijn overresearched en op andere vlakken underresearched; de verhalen zijn weinig plausibel; de zinnen monotoon; en ze bevatten veel gratuite sex & violence. De snelle happen van Jilly Cooper ("Silly Jilly’s style depends on a few tawdry verbal counters — utterly, seriously, marvellous, mega, blissful, heavenly, ravishing and the like") en Mary Wesley ("sex and class, nostalgia and gossip. She’s a snob’s delight") worden onklaar gemaakt en ook andere auteurs voor "airport airheads" worden met een bot mes ontleed.
Over Jack Higgins en Frederick Forsyth:
Is it because their stories are particularly plausible? No, emphatically. Higgin’s is about an ex-SAS man on a revenge mission against drugrunners, Forsyth’s describes an East-West confrontation over the oil running out with the president’s son kidnapped along the way and both are preposterous. Either could be exploded, as Martin Amis once said of a Brian de Palma movie, by a phone call or five minutes’ thought.Over Jean M. Auel:
No, both these books pull in their thousands of purchasers simply by appearing to be au fait, because they present an insider’s view of this fraught, complicated planet in which everything is subservient to and can be explained by the author’s superiour knowledge. Part of the trick is the accumulation of technical detail. Just as Forsyth beguiled the readers of The day of the jackal with an account of how to forge a passport, so he takes a page or two of The negotiator to explain the written-off vehicle racket.
Another part of the trick is to stuff the book with real people. Higgins has his heroine stopping off for a quick chat with Henry Kissinger. Forsyth wheels in Margaret Thatcher, Mikhail Gorbachev and anyone else you care to name.
There is no plot. They just keep on trekking. They cross rivers. They climb mountains. They find food, they cook it. They make herbal teas. They think they’ve lost the wolf but they find it. They think they’ve lost the horses but they find them. They meet some Neanderthals (‘the clan’) and other Cro-Magnons (‘the others’). They bonk. They bonk again. They bonk more. They bonk ever and anon. Then they arrive. And that’s it.Superieur cabaret, dit; het zijn dan ook de dingen die je verwacht van een satirisch blad. Maar interessanter voor de lezer is dat van Lord Gnome alles mee het bad in moet. De bellettrie wordt eveneens van haar smetteloos imago beroofd en dat kan de lezer helpen om zich ook te wapenen tegen wat serieuze uitgevers hen willen doen geloven.
Never before in the history of human stupidity — surely, please God, cross my heart and hope to die — has a worse book been read by so many.
Het boek hangt geen vrolijk beeld op van de Engelstalige literatuur. De kopjes spreken voor zich: 'Bestial seller', 'Dungeons drag on and on', 'Art imitating lifelessnes', 'Porn cocktail', 'The Flaubert’s parrot sketch'... Eigenlijk heb je er het raden naar welke romans voor de makers van Private Eye wel door de beugel kunnen, maar zeker is wat ze niet lusten. Dat veel romans in wezen aangelengde kortverhalen zijn, is een veelgehoorde klacht. Dat schrijvers geen mensen naar het leven kunnen tekenen, een tweede. De groteske figuren van Martin Amis, bijvoorbeeld. Grappig misschien, maar geen mensen van vlees en bloed. En mag het ook eens buiten Londen? Want dat is de plek waar de meesten van ons wonen — ver weg van de crackdealers en de gevaren van de betonnen grootstad.
Niet mals is Gnome's besprekersteam voor Julian Barnes, Will Self en andere "literaire enfants terribles die in het openbaar opgroeien". Noch voor Roger Scruton en Michael Ignatieff, die met Francesca en Asya romans hebben geschreven die interesse in taal of structuur ontberen, en vooral een vehikel zijn voor de ideeën van twee intellectuelen die de romanvorm hebben ontdekt. Goeie schrijvers maken de willekeur van het leven juist aannemelijk, en herschikken dat leven niet om hun opvattingen te illustreren.
Iederéén die het goed doet bij de Engelse pers moet het bekopen. Een verre van volledig overzicht — neem er iets te drinken bij: Jay McInerney en Brett Easton Ellis (“they are not actually novels at all but ludicrously distended rock lyrics”); Jeanette Winterson ("Sapphocated by love"); Ian McEwan ("1. He writes about boring people. 2. He writes about them in a boring way"); Frederick Raphael ("After the war is simply a book about being clever, an exercise in conversational one-upmanship"); Peter Ackroyd ("Cut-and-paste jobs of the history of Eng. Lit."); Fay Weldon ("Weldon has pioneered the novel of contempt — contempt for the people she writes about and contempt for her readers"); de Stephen Spender plagiërende David Leavitt ("Nobody minds appearing in a work of genius […], but this dainty little amalgam of sententiousness and sodomy?"); Iris Murdoch ("Flavia says that Hugo tells her that Augustina is in love with Fred"); Roald Dahl ("Dahl encourages the skinhead inside every child yet his books are blatant propaganda for his own banal middle-class preferences"); Fiona Pitt-Kethley ("Her career has been based entirely on the fact that, though a woman, she can be as smutty as a man"); D.M. Thomas ("Thomas’ ploy of cannibalizing real life for the purposes of art is mimicked by one of his characters); de zogenaamde non-conformist Bernard Levin ("Tirades against Stalinist Russia, the Loony Left and the North Thames Gas Board; hymns of praise to Richard Wagner and Margaret Thatcher. Nothing very maverick there") en zelfs John Updike ("All Updike’s overblown and clever-clever style manages to do is to interpose itself between the reader and the thing it affects to portray").
In een typische Lord Gnome-bespreking wordt eerst kort geschetst hoe de reputatie van een auteur gegroeid is, waarna het boek zelf wordt doorgelicht. Formuleringen uit het boek of van op de flap worden geciteerd met de vraag: maakt de auteur deze pretenties waar? Soms laat de recensent de onnozelheid van de synopsis voor zich spreken. Maakt hij de stijltics van de schrijver belachelijk (Roddy Doyle wordt besproken in de stijl van Roddy Doyle). Legt hij ondergesneeuwde feiten bloot (The Hobbit was bedoeld als kinderboek). Of stelt hij zich de vraag hoeveel tweede, derde en vierde romans van gereputeerde schrijvers ook een kans zouden krijgen als debuut.
Hele genres krijgen af te rekenen met kritische vragen. Die keurbladzijden — "Anthologies are a publisher’s delight. Writers don’t have to write them, readers don’t read them" — van Oxford en Faber, steunen die niet vooral op hun reputatie? En staan bloemlezingen met poëzie ("sissy stuff that rhymes") niet bomvol pretentieuze onzin?
There are atrociously forced findings of significance (one nerd constructs a poem out of the resemblance between a kettle de-scaler, or ‘de-furrer’, and Adolf Hitler, ‘Der Führer’). There are those poems that make up their own daft rules (one has only words of one syllable, another consists of lists of three things). There are those that are spoken by unconventional narrators, like photographs taken from unusual angles (one is spoken by an unhappy lettuce marooned in a fridge).Zelfs een instituut als het tijdschrift Granta wordt door de mangel gehaald. Vernieuwend is het blad allang niet meer, hoewel het dat koppig volhoudt, en er staan wel heel veel reisverhalen in. Lekker makkelijk: in tegenstelling tot gewone verhalen kan je reisverhalen bestellen; je stuurt iemand op pad, en of er nu veel gebeurt onderweg of niet: op het einde van de rit krijg je netjes je stukje afgeleverd.
Een heel hoofdstuk lang worden er biografieën gefileerd. Dikke turven over beroemde dode schrijvers meestal, want daar is in Engeland een markt voor, in tegenstelling tot dunne kritische werkjes over het oeuvre van diezelfde auteur. Ook hier geldt het gebod: gij zult profiteren van de schrijversreputatie - van hoe die afstraalt op zijn brieven, dagboeken, kattebelletjes, verspreide journalistiek.
Lord Gnome laat alle fouten zien waar een biograaf zich kan aan bezondigen: karaktermoord, roddelzucht, eindeloze reserves ('might', 'could have', 'I should think'), verkapte zelffelicitatie door verregaande identificatie met het onderwerp, nietszeggende trivia, nutteloze details ("The rowdy Armistice Night celebrations at Berkhamsted School in 1918 get a couple of pages: Greene, alas, didn’t attend them"), pseudo-academisch onderzoek, het fenomeen 'find-a-theory-and-make-the-facts-fit', factual errors ("Mrs Thatcher said ‘Rejoice!’ after the recapture of Port Stanley. South Georgia actually; still, right side of the world"), psychoanalyse van het primitiefste soort, en vooral: een potsierlijk respect voor de gebiografeerde.
When John Betjeman chooses to prance around carrying a teddy bear named Archie it’s ‘an implicit comment on the immaturity of the English upper classes’ (I’d have thought it was an explicit comment on the immaturity of John Betjeman, but there you are).Maar om op die belangenvermenging terug te komen uit de inleiding: die krijgt volgens de besprekers van Private Eye het duidelijkst gestalte in de jaarlijstjes die de boekenbijlagen spuien. Geniale uitvinding, die 'Boeken van het jaar': uitgevers houden ervan omdat ze niet voor de extra reclame hoeven te betalen, contribuanten zijn gevleid omdat ze hun goede smaak mogen etaleren ("the classic Burgess Manoeuvre — ostentatiously selecting books in foreign languages"), geraadpleegde schrijvers zijn blij omdat ze cadeautjes mogen uitdelen aan bevriende collega's, en boekhandelaren vinden ze fijn omdat de lijstjes keurig in de kerstperiode vallen. De afdeling '‘You scratch my book…’ van Lord Gnome's literary companion brengt in kaart hoe vriendjes elkaar pluggen in jaaroverzichten, hoe snel de inteelt zegeviert in de letteren ("Ian McEwan choose Craig Raine who chose Galen Strawson who chose Ian McEwan…").
Ach, vriendjespolitiek, het is natuurlijk zo oud als de literatuur zelf. Lees Thackeray, Trollope, Gissing. En er valt ook zo weinig tegen te beginnen. Besprekingen laten schrijven door academici is geen oplossing, zegt iemand in het boek. De doorsnee academicus kan niet schrijven, en de kloof tussen de manier waarop iemand met een leerstoel letterkunde een roman leest, en wat een intelligente, hoewel niet in literatuur gespecialiseerde lezer van een boek verwacht, is groot. Neem alleen al de volgelingen van Derrida, die teksten als zelfstandige grootheden zien, klaar voor deconstructie.
Recensies zouden opkikkeren van anonimeit, lijkt Lord Gnome ons te willen zeggen. Een stelling waarmee je het niet noodzakelijk eens hoeft te zijn, maar waarvoor Wheen en de zijnen met dit boek hoe dan ook een geestige apologie hebben geschreven. Echt leescomfort voor de Nederlandstalige lezer is er wel niet bij. Dit is een zeer Brits boek, zodat je achtergrondkennis altijd tekortschiet.
> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken
> http://en.wikipedia.org/wiki/Private_Eye_books
Francis Wheen (ed.), Lord Gnome’s literary companion
362 p.
Uitgeverij Verso, 1994
____

3 reactie(s):
Alle besproken boeken:
Besproken boeken
The bookseller : organ of the book trade (1986)
The illustrated Kilvert
Martin Secker & Warburg : the first fifty years – George Malcolm Thomson
Michael Joseph : master of words – Richard Joseph
At the sign of the mermaid : fifty years of Michael Joseph
Women – Naim Attalah
Granta 20
Granta 34
Book marketing council : Mother Day’s promotion
Penfriends from Porlock – A.N. Wilson
Wildlife – Richard Ford
Ford – Robert Lacey
Driving force – Dick Francis
A season in hell – Jack Higgins
The negotiator – Frederick Forsyth
The eagle has flown – Jack Higgins
Win, lose or die – John Gardner
A time to die – Wilbur Smith
In for a penny : the unofficial biography of Jeffrey Archer – Jonathan Mantle
The night manager – John Le Carré
Honour among thieves – Jeffrey Archer
The touch of innocents – Michael Dobbs
The legend of te tuna – Richard Adams
Weaveworld – Clive Barker
Portent – James Herbert
The plains of passage – Jean M. Auel
Seeress of Kell : books five of the Malloreon – David Eddings
The history of Middle Earth 9 – J.R.R. Tolkien
The Tolkien family album – John and Priscilla Tolkien
A sensible life – Mary Wesley
A dubious legacy – Mary Wesley
A Spanish lover – Joanna Trollope
Polo – Jilly Cooper
The man who made husbands jealous – Jilly Cooper
The year of the virgins – Catherine Cookson
The house of women – Catherine Cookson
The bridges of Madison County – Robert James Waller
The darker proof : stories from a crisis – Adam Mars-Jones en Edmund White
Story of my life – Jay McInerney
The rules of attraction – Brett Easton Ellis
A little stranger – Candia McWilliam
The buddha of suburbia – Hanif Kureishi
The burn : stories – James Kelman
The van – Roddy Doyle
Out to lunch – Tania Kindersley
Among the thugs – Bill Buford
Written on the body – Jeanette Winterson
In the kingdom of air – Tim Binding
My idea of fun – Will Self
New writing – Malcolm Bradbury en Judy Cooke (samenst.)
The innocent – Ian McEwan
Black dogs – Ian McEwan
Talking it over – Julian Barnes
Visiting Mrs Nabokov, and other excursions – Martin Amis
Francesca – Roger Scruton
Asya – Michael Ignatieff
The very model of a man – Howard Jacobson
My secret history – Paul Theroux
Time’s arrow – Martin Amis
After the war – Frederic Raphael
English music – Peter Ackroyd
Tess – Emma Tennant
The weather in Iceland – David Profumo
The first chirch of the new millennium – Bryan Appleyard
A misalliance – Anita Brookner
The temple – Stephen Spender
Difficulties with girls – Kingsley Amis
Blood of my bone : the first born of Egypt vol. V. – Simon Raven
The cloning of Joanna May – Fay Weldon
Moon over Minneapolis: or Why she couldn’t stay – Fay Weldon
The message to the planet – Iris Murdoch
The green knight – Iris Murdoch
Shakespeare and the goddess of complete being – Ted Hughes
Paradise news – David Lodge
The enchanter – Vladimir Nabokov
The garden of Eden – Ernest Hemingway
Live from Golgotha – Gore Vidal
Memories of the Ford administration – John Updike
Nineties – Jeremy Reed
All you who sleep tonight – Vikram Seth
Dancing the dream : poems and reflections – Michael Jackson
The literary review anthology of real poetry – Auberon Waugh (samenst.)
The Forward book of poetry 1994
My secret planet – Denis Healey
Seven ages : poetry for a lifetime – David Owen (samenst.)
Evelyn Waugh : the early years 1903-1939 – Martin Stannard
The Brideshead generation : Evelyn Waugh and his friends – Humphrey Carpenter
The life of Graham Greene, volume 1 – Norman Sherry
Bernard Shaw 1 : the search for love – Michael Holroyd
Rudyard Kipling – Martin Seymour-Smith
Bitter Fame : a life of Sylvia Plath – Anne Stevenson
Simone de Beauvoir – Deirdre Bair
Dickens – Peter Ackroyd
The invisible man : the life and liberties of H.G. Wells – Michael Coren
Serious pleasures : the life of Stephen Tennant – Philip Hoare
Edwina Mountbatten : a life of her own – Janet Morgan
Margaret Thatcher : the first ten years – Lady Olga Maitland
Margaret Thatcher : the woman within – Andrew Thomson
The passion of John Aspinall – Brian Masters
The shrine of Jeffrey Dahmer – Brian Masters
Going solo – Roald Dahl
Giving it away : memoirs of an uncivil servant – Charles Osborne
A family & its fortunes – Rachel Kempson en Lady Redgrave
Time and chance – James Callaghan
One in four – Michael Kustow
Eton voices – Danny Danziger
Memories and hallucinations – D.M. Thomas
Grand inquisitor : memoirs – Sir Robin Day
Weep no more – Barbara Skelton
Nothing to declare : prison memoirs – Taki
Blood on the walls : memoirs of an anti-royalist – Willie Hamilton
Moll : the making of Molly Parkin – Molly Parkin
An autobiography : part one : from congregations to audiences – David Frost
About time too : 1940-1978 – Penelope Mortimer
The Faber book of blue verse – John Whitworth (samenst.)
The literary companion to sex – Fiona Pitt-Kethley (samenst.)
The new joy of sex – Alex Comfort
Ambition – Julie Burchill
Destiny – Sally Beauman
Triangles – Andrea Newman
Dirty faxes – Andrew Davies
A time to dance – Melvyn Bragg
Rules of desire : sex in Britain : World War I to the present – Cate Haste
Crystal rooms – Melvyn Bragg
Pictures at an exhibition – D.M. Thomas
While England sleeps – David Leavitt
Choose freedom – Roy Hattersley
Untimely tracts – Roger Scruton
Intellectuals – Paul Johnson
Picnics on Vesuvius : steps towards the millennium – William Rees-Mogg
The hidden power – Brian Inglis
Alien liaison : the ultimate secret – Timothy Good
The new archbishop speaks – George Carey
Free to believe – David Jenkins en Rebecca Jenkins
Recipes from Le Manoir aux Quat’ saison – Raymond Blanc
Rosemary Conley’s complete hip and thigh diet
Callanetics – Callan Pinckney en Sally Baton
The BBC diet – Barry Lynch
The beauty myth – Naomi Wolf
Iron John – Robert Bly
Fatherhood – Men write about fathering – Sean French (samenst.)
Not guilty : in defense of the modern man – David Thomas
The English gentlewoman – Flora Fraser
Boadicea’s chariot – Antonia Fraser
Modern manners : the essential guide to living in the ‘90s – Drusilla Beyfus
The field book of country houses and their owners – Hugh Montgomery-Massingberd
Wallis & Edward : letters 1931-1937 – The intimate correspondence of the duke and duchess of Windsor
Debrett’s book of the royal engagement
The royal wedding official souvenir
Charles – Penny Junior
The Oxford book of royal anecdotes – Elizabeth Longford (samenst.)
Heiress – Nigel Dempster
The Celts – Frank Delaney
Domesday : a search for the roots of England – Michael Wood
Mr Harty’s Grand Tour – Russell Harty
A walk up fifth avenue – Bernard Levin
The very best of Tony Blackburn
Prescriptions of a pox doctor’s clerk – Robert Robinson
Family business – Anna Murdoch
Surrender the pink – Carrie Fisher
Zijdelings vermeld [selectie]:
A vain conceit : British fiction in the 1980s - D.J. Taylor
The rise and fall of the man of letters - John Gross
The Penguiin book of 20th century speeches
Angels and insects - A.S. Byatt
The modern British novel - Malcolm Bradbury
The diary of an Edwardian lady - Michael Joseph
Word-watching - Philip Howard
Hungary and Transylvania - John Paget
A life at the centre - Woy Jenkins
Diaries - Alan Clark
The pleasure of reading
The sport of queens - Dick Francis
The well of loneliness - Radclyffe Hall
Einstein's monsters - Martin Amis
Jesus the Jew - Geza Vermes
Lays of ancient Rome - Thomas Babbington Macaulay
Messengers of the day - Anthony Powell
Brian Howard : portrait of a failure - Marie-Jacqueline Lancaster
H.G. Wells and the culminating ape - Peter Kemp
The origins of English individualism - Alan Macfarlane
En verder:
Brian Moore, William Trevor, Monica Dickens, E.S. Turner, Rumer Godden, Dickie Bird, Richard Gordon, Keith Waterhouse, Derek Tangye, Henry Cecil, Miss Read, Arthur Hailey, Elziabeth David, Jane Grigson, James Herriot, James Fenton, Allan Gurganus, Jonathan Raban, Galen Strawson, Noel Annan, Richard Cobb, P.J. Kavanagh, James Lasdun, Susan Wick, Michele Roberts, Julie Burchill, Gerald Kaufman, Alastair Forbes, Hilary Mantel, William Horwood, Adam Zameenzad, Valentine Cunnigham, Peter Kemp, Marie Stopes, Cynthia Payne, Cecil Parkinson, James Anderton, Victor Gollancz, Lillian Hellman, Kenneth Tynan
Een reactie plaatsen