vrijdag 19 maart 2010

Een man die hier rondhangt en andere verhalen - Julio Cortázar

In een eerder stukje had ik het over Cortázars verwantschap met het surrealisme, en zijn liefde voor de spontane schriftuur. De mierenmoordenaar kan inderdaad gelezen worden als een reeks vrolijke jazzimprovisaties op papier. Maar Cortázar werd ook beïnvloed door de nouveau roman. De Franse vormexperimenten met hun kille, vanuit observaties redenerende vertellers, bleken goed te werken om zijn verhalen een noodzakelijke politieke lading te geven.

Met hun afstandelijke boeken gaven de nouveau romanciers uit de jaren vijftig lucht aan hun wantrouwen tegenover de precisie van de taal, psychologische ontleding en traditionele intriges. Ze blonken uit in zakelijke beschrijvingen en reflecteerden in het verhaal al op de genese van de tekst. De lezer werd niet langer op zijn wenken bediend. Elementen die te veel naar een specifieke interpretatie konden leiden, werden in de nouveau roman buiten de deur gehouden.

Dat zie je allemaal terug in Een man die hier rondhangt, een late verhalenbundel van Julio Cortázar. Een erg somber boek. De ludieke Cronopio’s met hun vrijblijvende strapatsen zijn hier ver te zoeken. In plaats daarvan krijg je verhalen waarin de auteur zijn naargeestige kijk op liefdesrelaties ventileert, en een paar fabels die onmiskenbaar politiek gekleurd zijn: Alguien que anda por ahí verscheen eerst in Mexico, in 1977, maar wekte niettemin de woede van de Argentijnse junta.

Er is geen verstandhouding die deugt in Een man die hier rondhangt. In 'Een andere belichting' wordt een vrouw verliefd op een acteur van een hoorspel. De liefde blijkt wederzijds als ze elkaar ontmoeten, en toch wordt de acteur op het einde genekt door de voorstelling (wensvoorstelling) die de vrouw van hem gemaakt heeft.

In 'Namens Boby' wordt een achtjarig jongetje verscheurd door wraakfantasieën over zijn moeder, die hem in haar overgevoeligheid voortdurend opdraagt stil te zijn. Het verhaal wordt verteld door haar zuster; duidelijk een autobiografisch detail (Cortázars vader verliet het gezin toen Julio zes was, waarna deze werd opgevoed door ongetrouwde tantes).

In 'De kanten van de medaille' proberen een man en een vrouw in een lange, zeurderige litanie aansluiting bij elkaar te vinden. Tevergeefs: hun interesses en levensstijl liggen te ver uit elkaar. Hun relatie lijkt inderdaad op een medaille, waarvan de voorkant en achterkant elkaar nooit zullen ontmoeten. Ieder blijft op zijn kant. Duivelse grap of niet, maar mij lijkt het geen toeval dat de affaire deels speelt in de steriele kantoren van de CERN in Genève. Net als in het verhaal 'U ging naast jou liggen' investeert Cortázar hier in gegoochel met voornaamwoorden, als om de vruchteloze poging tot symbiose te onderstrepen. Het resultaat overtuigt niet echt, naar mijn smaak.

Op de terugweg spraken we bijna niet over onszelf, we lieten ons leiden door de paadjes die bij elke bocht hun eigen thema aandroegen, de omheiningen, de koeien, een hemel met zilveren wolken, de prentbriefkaart van de mooie zondag. Maar toen we tussen paalwerk door een helling afrenden, voelde Javier de aanraking van Mireille’s hand, hij pakte die en ze bleven rennen alsof ze elkaar ertoe aanzetten, toen ze weer in de auto zaten nodigde Mireille hem uit thee te komen drinken in haar chaletje, ze vond het leuk om het zo te noemen, het was wel geen chalet maar het had er veel van weg, en platen te luisteren. Het was een pauze in de tijd, een lijn die plotseling ophoudt in het ritme van een tekening en elders op het papier begint, een nieuwe richting zoekt.
In 'Passaatwinden' besluiten Mauricio en Vera, voor wie de liefde na twintig jaar een sleur is geworden, gescheiden vluchten te nemen naar hun vakantiebestemming. Want met het zoveelste voorspelbare zomerreces in het verschiet moet er echt iets gebeuren. In het vakantieresort te Mombassa storten ze zich allebei in een nieuwe relatie, zodat ze, wanneer het tijd is om terug te keren, elkaars 'buitenechtelijke minnaars' kunnen worden.

Cortázar, de experimentele schrijver, zet dus de liefde neer als een verhaal, en de geliefden als verveelde auteurs die om uit de impasse te raken experimenteren met de verhaalstructuur. Het experiment schiet zijn doel trouwens voorbij. Het koppel beseft meer dan ooit dat de initiële passie niet meer terugkomt. En dat blijkt zwaar om dragen.

'De boot, of Hernieuwd bezoek aan Venetië', het verhaal van een ordinaire driehoeksrelatie, werd oorspronkelijk geschreven in 1954. Een ontevreden Cortázar zag toen af van publicatie. Tweeëntwintig jaar later haalde hij zijn werkstuk uit de la, maar in plaats van het verhaal te verbeteren, maakt hij van Dora, slechts een figurante in de eerste versie, een volwaardige vierde speler. Hij laat haar Pirandello-gewijs commentaar leveren op het werk van de auteur.
Wat een goedkope kunstjes, alles welbeschouwd. Als het om stompzinnigheden gaat wordt Valentina sprekend en denkend opgevoerd; de rest wordt of verzwegen of besproken op een manier die bijna altijd tot verkeerde conclusies leidt. Waarom krijgen we niet te horen wat Valentina wellicht mompelde voor ze in slaap viel, waarom weten we niet meer over haar eenzame lichaam, over hoe ze keek als ze ’s morgens het hotelraam opende?
Dora beschuldigt Cortázar van seksisme. Ze bekritiseert het al te gemakkelijke toeval, de nietszeggende dialogen, de zogenaamd alwetende verteller, de voor de hand liggende lyriek. Tussen de regels, voor wie weet wie Aspern en Tadzio zijn, plaatst ze het werk van Cortázar in een lange traditie van Venetiaanse verhalen. Onbekommerd opgaan in de sfeer van decadentie en overspel wordt voor de romantisch ingestelde lezer niet meer mogelijk, op die manier.

Deurentragedie
In 'Apocalypse in Solentiname' haalt Cortázar nog een meta-literair geintje uit, dit keer met hijzelf als hoofdrolspeler. De schrijver is op tournee in Costa-Rica, op het toppunt van zijn roem nadat Antonioni het verhaal 'Blow-up' (dat eigenlijk 'Het kwijlen van de duivel' heet) heeft verfilmd. Na de gebruikelijke vragen — waarom woont u in Frankrijk? wat denkt u van de niet al te nauwgezette verfilming van 'Blow-up'? hoe definieert u 'geëngageerde schrijver'? — kent hij een momentje van rust op Solentiname. Hij ontdekt er een galerij met prachtig naïeve schilderijen die zijn aandacht opeisen. Cortázar fotografeert ze allemaal.

Terug thuis in Parijs blijken op de dia's geen vrolijke taferelen vastgelegd, maar doeken met daarop het ware gelaat van Solentiname. Om begrijpelijke redenen was 'Apocalypse in Solentiname' een van de twee verhalen waar de Argentijnse autoriteiten niet zo blij mee waren.

Het tweede omstreden verhaal, 'Tweede keer', voor mij het beste uit de bundel, is sinister op een subtielere manier. Een zekere Maria Elena zit met haar oproepingsbrief in een deprimerende wachtkamer. (Cortázar situeert veel verhalen op plaatsen waar mensen in gedachten verzonken zijn; op de metro, op de bus, in de wachtkamer.) Waarom Maria Elena gedagvaard werd, en door wie, komen we niet aan de weet. Nochtans is de vertelstem die het verhaal inleidt duidelijk een van de laaggeschoolde bureaucraten werkzaam in het gebouw.

Maar langzaam verglijdt die stem in de stem van Maria, die zich afvraagt wat haar te wachten staat. De paranoïa neemt helemaal bezit van de vrouw wanneer Carlos, de man die haar vooraf is gegaan en hier al voor de tweede keer kwam, niet meer terugkomt uit de deur waar hij naarbinnen gegaan is. Heeft ze even niet opgelet? Is hij door een andere deur vertrokken? Of is er meer aan de hand? De vragen blijven onopgelost op het einde van het verhaal, als Maria het er goed vanaf brengt.
Ze keek naar de deur van het gebouw en zei tegen zichzelf dat ze even zou wachten om Carlos te zien weggaan. Het was onmogelijk dat Carlos niet wegging, ze waren allemaal weggegaan nadat de formaliteiten waren afgehandeld. Ze bedacht dat hij misschien langer moest blijven omdat hij als enige voor de tweede keer was gekomen; wie weet, misschien was het dat. Het was zo vreemd dat ze hem niet gezien had in het kantoor, maar misschien was er wel een deur waar affiches overheen waren geplakt, iets dat haar ontgaan was, maar het bleef vreemd want iedereen was via de gang vertrokken, net als zij, iedereen die voor de eerste keer kwam was via de gang vertrokken.
Voordat ze wegging (ze had een tijdje gewacht maar kon daar niet langer blijven staan) bedacht ze dat ze donderdag terug moest komen. Wie weet was alles dan anders en zouden ze haar langs een andere kant laten vertrekken, al wist ze niet langs welke kant en waarom. Zij niet natuurlijk, maar wij wisten het wel, wij zouden rustig rokend en pratend op haar en de anderen zitten wachten, terwijl de zwarte López het zoveelste kopje koffie van die ochtend aan het zetten was.
Dit is Cortázar ten voeten uit. Betreft het een hallucinatie, een nare droom, een pijnlijke vergissing, of toch domweg de verontrustende realiteit? De lezer blijft in het ongewisse, en dat is precies waar de auteur 'm hebben wil. Cortázar wisselt van perspectief en laat zijn personages onder elkaar uitmaken wat boven hun hoofden gebeurt. Maar het gepalaver in de wachtzaal levert niets op.

Opeens wordt duidelijk hoeveel conventies sluipen in wat we voor het gemak 'de werkelijkheid' noemen. Eens die conventies wegvallen gaapt een leegte, die we automatisch opvullen met onze fantasie. Eeuwig gebrek aan bewijs maakt zicht op de ware toedracht onmogelijk.

De knappe constructie van Cortázar leidt langzaam tot een onthutsend besef bij de lezer: zijn desoriëntatie is dezelfde desoriëntatie als die van de politieke dissident. Want het mag duidelijk zijn dat, hoewel Cortázar ervoor waakt geen concrete details prijs te geven, 'Tweede keer' ingegeven is door de vuile oorlog van Juan Perón, waarbij veel mensen 'verdwenen' in de handen van de overheid. In ons verwende Westen is het noodzakelijk dit soort verhalen te blijven lezen.

'Tweede keer' eindigt — lees de laatste zinnen van het geciteerde fragment — zoals het begon: met de treiterende voice-off van bureaucraten die meer weten. Auctoriële verteller en autoritaire bevelhebber: zeker bij Cortázar maar een paar letters verschil.

> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken

Julio Cortázar, Een man die hier rondhangt en andere verhalen
172 p.
Uitgeverij Meulenhoff, 1982
Oorspr. Alguien que anda por ahí y otros relatos (1977)
Vertaald door Aline Glastra van Loon en Mieke Westra

____

0 reactie(s):

Related Posts with Thumbnails