Boekenfestijn 2010
Het Boekenfestijn is een noodzakelijk kwaad dat elk jaar terugkeert. 'Festijn' staat hier voor: winkelen in een grote betonnen bunker, snelwandelen langs duizenden deprimerende items (new age, wellness, manga, software, chicklit — let op de ijzeren cadans), en maken dat je wegkomt met een al te magere buit. Het Boekenfestijn: de Colruyt van de boekenmarkten.
De wervende slogan spreekt van "één miljoen actuele boeken". Een cijfer dat misschien klopt, als je alle boeken in de verkoopshal ("zo groot als een voetbalveld") bij elkaar optelt en gemakshalve vergeet dat zowat elke titel er opgetast ligt in 10 exemplaren.
Maar, zelfs met één miljoen boeken ga je er het best zo onbevangen mogelijk naartoe. Laat uw wenslijstje thuis. Ik, althans, vind er nooit wat ik wil.
Naar koopjes is het sowieso lang zoeken. Zo oogt het aanbod sterk afgeprijsde Engelstalige boeken heel klein op het Boekenfestijn, tenzij je graag genrefictie (King, Cookson, Cussler) leest.
Kunstboeken zijn er betrekkelijk goedkoop, maar dat zijn de titels uit de Taschen-stal sowieso al. En: op het Boekenfestijn is het met een vergrootglas zoeken naar monografieën van individuele kunstenaars.
In het 'Stripmekka' vind je veel doordeweekse strips, plus die manga's dus, maar geen graphic novels.
De schraagtafels met Nederlandse fictie moet je helemaal omploegen, wil je tussen de romantische en spannende boeken die paar literaire romans zien. Verhoudingsgewijs ligt er meer literatuur (ook vertaald) bij het hysterische kopje 'De laatste stuks', maar in die rubriek is de prijsvermindering dan weer verwaarloosbaar.
En ik kan nog een tijdje doorgaan. De computerboeken zijn zeer gedateerd. De woordenboeken dekken alleen de grote talen. Het fonds van de university presses is goedkoper te krijgen op het internet. De afdeling 'Reizen & atlassen': overvoerd met conventionele gidsjes.
Alleen op het aanbod grootletterboeken is werkelijk niets aan te merken. Dat aanbod is groot; de boeken goedkoop (3, 4, 5 euro, waar je normaliter 40 euro à 50 euro betaalt).
En toch. Na twee uur lopen met een langzaam opzwellende kop, na een kwartier rekenen en herberekenen, na twee ritjes naar de teruggeefbalie waar je alle ballast zonder schuldgevoel kan dumpen, begeef ik me naar de kassa.
Ik neem mee: drie (waarvan twee koningsblauwe) Wordsworth Classics (Gibbon, Mackay en Boswell); mooie fotoboeken van Alfred Stieglitz en Albert Kahn, Het modernisme van Peter Gay (kleine 10 euro), de dagboeken van C.O. Jellema, twee goedkope delen De Lage Landen van E.H. Kossmann, en het even gecomprimeerde als interessante Stof waar honger uit ontstond van J. Goudsblom.
____

4 reactie(s):
Misschien ook nog melding maken van die vervelende, ruw aangebrachte zwarte stiftstrepen op de onderzijde, die al helemaal de fel getaande pret bederven én het boek voorgoed declasseren.
Ah, maar die strepen kunnen me niets schelen. Bijna alles wat hier staat is tweedehands; ik houd ervan als een boek al wat shelflife achter de rug heeft, zelfs als het daarbij getatoeëerd werd voor het leven. Die strepen zie je niet op de plank, of bij het lezen.
Ik ben een lezer, geen bibliofiel. De dingen die ik van een boek verwacht hebben te maken met leescomfort: mooie letter, soepel boekblok en -zeer belangrijk- géén gekraakte rug. Een gekraakte rug zorgt voor een onprettige spanning bij het openslaan van het boek voor en achter de krak.
"mooie letter, soepel boekblok en -zeer belangrijk- géén gekraakte rug" Dat zijn toch wel redelijk bibliofiele normen, als ik zo vrij mag zijn. Niet dat daar iets mis mee is natuurlijk!
sander www.rond1900.nl
Ben je een bibliofiel omdat je wil dat een boek niet in twee helften uiteenvalt?
En neen, bibliofielen hoor ik nooit de lof zingen van paperbacks (want dat bedoel ik met soepele boekblokken). Die willen altijd hardcovers. Liefst in eerste druk -- wat me ook al niet kan schelen.
Maar een typografische tic heb ik zeker.
Een reactie plaatsen