Bestiarium - Julio Cortázar
Er heerste grote euforie, na het beëindigen van de novelle Achtervolgd. De vroege bundel Bestiarium (1951) zet me opnieuw met beide voeten op de grond. Het boek herinnert me aan een oude wet: de verhalen van Julio Cortázar vergen grote inspanning van mij als lezer, vaak zonder dat ik daar voldoende voor terugkrijg. De personages van Cortázar gaan ten onder aan nachtmerries en hysterische verbeelding, en het lastige is dat die verwording van binnenuit wordt beschreven.
Dat surrealistische procédé kan me gewoon geen hele bundel boeien, hoe economisch deze verhalen ook zijn geschreven. In de beste Zuid-Amerikaanse traditie start Julio Cortázar vanuit een realistische setting, die hij geleidelijk laat ontsporen. Aan de lezer om tijd en ruimte goed in de gaten te houden, elke vertelstem te identificeren, en wat verteld wordt systematisch onder te brengen in de meeste grove aller categorieën: droom of werkelijkheid. Ik gebruik mijn energie liever voor andere zaken.
Alleen al aan het verhaal 'Cefalea' ('Hoofdpijn') zijn hele proefschriften gewijd. Twee patiënten lijden aan hoofdpijn en duizeligheid, waarvan ze alle varianten met Latijnse naam en toenaam kennen. Om aan de kwelling te ontkomen bouwen ze een muur van verbeelding om zich heen. Centraal daarin staan de mancuspias — fictieve diertjes die nauwgezet verzorgd moeten worden. Eerst lijkt dat werkje de patiënten inderdaad te ontlasten, mentaal, tot die delicate beestjes één voor één sterven. Aan de hand van de syntaxis en de gebruikte persoonsvormen hebben onderzoekers bekeken wat er precies gebeurt. Maar zelfs dat kon alle ambiguïteit niet wegnemen.
Al even raadselachtig is 'Vrouw in de verte', een verhaal in dagboeknotities. Een vrouw uit de middenklasse van Buenos Aires voelt zich op een bizarre manier verbonden met een bedelaarster uit Boedapest. Uiteindelijk reist ze met haar man af naar Hongarije. Het verhaal eindigt met een ontmoeting met de andere vrouw. Of toch niet?
Ook het aan Horacio Quiroga herinnerende 'Circe' kon me niet overtuigen. Circe was in de Griekse mythologie een tovenares die haar vijanden in beesten veranderde door middel van toverdrank. Cortázar noemt haar in zijn versie Delia, en laat deze vrouw morbide voorspellingen doen, die uitkomen. Delia heeft al twee minnaars versleten. Haar derde geliefde, Mario, voert ze in chocolade gehulde kakkerlakken. Maar waarom?
Nu heeft Cortázar er af en toe voor gewaarschuwd dat zijn verhalen dichter bij de werkelijkheid aanleunen dan gedacht. Een al te fantasierijke interpretatie van Europese en Amerikaanse vorsers veegt al snel pijnlijke politieke waarheden onder de mat, en dat is ook een vorm van kolonialisme, zei hij.
Wanneer in 'Het bezette huis' (voor het eerst gepubliceerd door Borges in het tijdschrift Los anales de Buenos Aires) de residentie van een samenwonende broer en zus kamer voor kamer wordt ingenomen door niet nader genoemde duistere krachten, zit daar een duidelijke verwijzing in naar het schrikbewind van Perón. En wanneer in het titelverhaal een jong meisje meent dat er een tijger in haar huis ronddoolt, een hallucinatie die door haar huisgenoten serieus wordt genomen, moet de lezer de praktijken van de Argentijnse junta indachtig zijn.
Amper twee verhalen uit Bestiarium deden me iets. De ik-persoon in 'Brief aan een meisje in Parijs' braakt konijntjes: er komen konijntjes uit zijn mond, die het hele huis aanvreten en het meubilair vernielen. Wat mij betreft een onvergetelijke satire op de smetvrees van de kleinburger. (Tussendoor zij opgemerkt dat de 'ik' een plaat oplegt van Benny Carter, wat het vermoeden sterkt dat de naam Johnny Carter uit Achtervolgd een samentrekking is van Benny Carter en Johnny Hodges, beiden saxofonisten.)
In het andere verhaal, 'De bus', is een meisje op weg naar een theekransje. Op de bus, die ook richting Chacarita gaat, een grote begraafplaats in Buenos Aires, is zij de enige passagier die geen bloemen bij zich heeft. Ze wordt langzaam verpletterd door de boze blikken van haar medereizigers. Tot een jongeman de bus opstapt, ook zonder bloemen, die vanaf dat moment het mikpunt wordt. Knap, want alleen gebruikmakend van taal, toont Cortázar de impact van groepsdruk.
> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken
Julio Cortázar, Bestiarium : verhalen
125 p.
Uitgeverij Meulenhoff, 1984
Oorspr. Bestiario (1951)
Vertaald door J.A. van Praag en Barber van de Pol
____

0 reactie(s):
Een reactie plaatsen