maandag 28 september 2009

Liefde duurt drie jaar - Frédéric Beigbeder

Frédéric Beigbeder (spreek uit: bègue-bé-dé) brak in 2000 door met zijn reclamesatire 99 francs. Over zijn eerdere romans wordt doorgaans minnetjes gedaan door de verzamelde literaire kritiek. In bijna elke recensie wordt gemakzuchtig verwezen naar Beigbeders verleden als copywriter en de daaruit voortspruitende neiging te schrijven in oneliners. Welnu, ik vind 'm een van de interessantere Franse schrijvers, en Liefde duurt drie jaar een erg grappig boek.

Want met een beetje overdrijving zou je over Frédéric Beigbeder kunnen aanvoeren wat Borges over Oscar Wilde (nog zo'n schrijver die grossierde in bon mots) heeft gezegd — iets waar lezers altijd naast kijken, namelijk het feit dat hij bijna altijd gelijk heeft. Want hoe kil en narcistisch Liefde duurt drie jaar ook is, ik zat voornamelijk te knikken en te grinniken.

Wie Beigbeder goed wil inschatten, moet oog hebben voor het literaire klimaat waarin hij zich moet zien te handhaven. In Parijs rollen de zoete, met instant-poëzie gekruide liefdesromannetjes elk jaar weer met tientallen van de band. Wie zoals Houellebecq en Beigbeder, niet toevallig bevriend met elkaar, daar iets tegenover wil stellen, wordt in zo'n omgeving algauw een enfant terrible genoemd.

Dat Beigbeder, die als geen ander weet hoe de media werken, dat imago graag uitspeelt, met harddrugs als plezierige bondgenoot, kan ik gek genoeg goed van me afzetten. Er is een duistere kant in mijn persoonlijkheid die de onttakeling van de liefde namelijk een belangrijk project vindt. Ik mag ze graag lezen, de stoute jongens. Houellebecq heeft herhaaldelijk gewezen op de gelijkenissen tussen de eisen van de liefde en de idealen van het fascisme. Beigbeder heeft zijn roman opgebouwd rond de harde waarheid van echtscheidingsstatistieken en het populair-wetenschappelijke riedeltje als zou de liefde biochemisch gezien nooit meer dan drie jaar standhouden.

Wie denkt u wel dat u bent, om het te durven opnemen tegen klieren en neurotransmitters die u onherroepelijk in de steek zullen laten op de datum die daarvoor staat? Aan de woorden van de dichter valt eventueel nog te twijfelen, maar tegen de natuurwetenschappen en de demografie legt u het zeker af.
Liefde duurt drie jaar is sterk autobiografisch. We volgen de zelfingenomen Marc Maronnier die na zijn op de klippen gelopen relatie met Anne de zaken overschouwt. Maronnier was een goedbetaalde reclameman: "Ik verdiende de kost met woorden achter elkaar zetten, voor kranten of reclamebureaus — waarvan de laatste het voordeel hebben dat ze meer betalen voor een geringer aantal woorden." Ook zijn huwelijk leek te floreren. Voor de buitenwereld ten minste. Wanneer zijn vrouw in een vakantiekoffer het plaatje van een pinup ontdekt, en dat correct inschat als het symptoom van een structureler probleem, wordt de scheidingsprocedure ingezet.

Na de liefdesbreuk zoekt Maronnier soelaas in zelfmedelijden, zonder dat hij daarvoor enige schaamte voelt ("Ik ben afgezaagd, dus ben ik universeel"). Waar, vraagt hij zich af, zijn z'n vrienden die zich op zijn bruiloft de taartjes goed lieten smaken en hem nu boycotten, terwijl het net omgekeerd zou moeten zijn — trouwen zou je altijd alleen moeten doen en bij je scheiding zouden al je vrienden je moeten steunen. Zijn eigen genotzucht en gebrek aan liefdesengagement worden door Maronnier vergoelijkt met de biologische wet dat de hormonen na een jaar of drie gewoon niet meer meewillen. Of een andere uitlaatklep zoeken. Het eerste jaar viert de liefde feest, het tweede jaar treedt er gewenning op, het derde jaar is er een van verveling, clandestiene pleziertjes en bedrog.
Er werd ons vaak verteld dat na verloop van enige tijd de hartstocht ‘iets anders’ wordt, duurzamers en mooiers; dat dat ‘andere’ Liefde is met een grote L, een weliswaar minder opwindend, maar ook minder onvolwassen gevoel. Ik wil er geen doekjes om winden: dat ‘andere’ zal me aan mijn reet roesten, en als dat ‘andere’ Liefde is, dan laat ik de Liefde graag over aan de luien, de moedelozen, aan de ‘volwassen’ lieden die zich onkwetsbaar hebben gemaakt in hun emotionele gemakzucht. Mijn liefde is liefde met een kleine l maar neemt een hoge vlucht; ze duurt niet zo lang, maar zolang ze er is, kan ik er op zijn minst niet omheen. Hun ‘iets anders’ waarin ze de liefde graag zouden veranderen, heeft veel weg van een theorie die ze hebben bedacht om met weinig tevreden te kunnen zijn, en om zichzelf gerust te stellen met de kreet dat je nu eenmaal moet roeien met de riemen die je hebt. Ze doen me denken aan de afgunstigen die de portieren van de dure auto’s bekrassen omdat ze zelf niet het geld hebben om er een aan te schaffen.
En dus staat Liefde duurt drie jaar vol met uitwijdingen over het mondaine leven in Parijs, een milieu dat Beigbeder eveneens uit de eerste hand kent. Liefde en seks worden synoniemen, softdrugs en mauresque (een mix van pastis en orgeade) de efficiënte geleider tussen fuivende mannen en vrouwen. Op straat, overdag, terug in de buitenlucht, observeert Maronnier de paartjes en probeert de echtelieden van de minaars te onderscheiden. Dat gaat nogal makkelijk. Het verschil is dat getrouwde koppels dineren, minnaars lunchen. Probeer over de middag maar eens om een foto van een koppel te maken en je krijgt de wind van voren. Probeer hetzelfde bij een ander paar, ’s avonds: ze zullen glimlachen en poseren.

Op jacht naar "bloeiende jongedames" houdt Maronnier er "dichotomische criteria" op na: niets vindt hij zo prachtig als "het contrast tussen het gezicht van een engel en het lichaam van een slet." Op een gegeven moment neemt hij zich voor om altijd te masturberen voordat hij uitgaat, om niet in de verleiding te komen zich met een dolle kop overal in te storten. Intussen dialogeert Maronnier met de halve wereldliteratuur, deels opnieuw vanuit de behoefte zijn gedrag te rechtvaardigen. De mooiste quote is van Raymond Radiguet:
Wanneer iemand liegt als hij tegen een vrouw zegt dat hij van haar houdt, dan lijkt het misschien of hij liegt, maar iets heeft hem ertoe aangezet dat tegen haar te zeggen, dus is het waar.
Telkens opnieuw wordt de mantra van de onbestaanbare echte liefde herhaald. Beigbeder/Maronnier — de auteur wringt zich vaak nadrukkelijk voor zijn personage — vat de kern van zijn betoog nog eens samen in drie zinnen: 1) geluk bestaat niet; 2) liefde is onmogelijk; 3) niets doet ertoe. Het doet me denken aan de stellingen achteraan Siciliaanse vespers. Zou Meijsing Beigbeder gelezen hebben?

Alleen, na Anne dient ene Alice zich aan. Een nieuwe vrouw. Een nieuwe vlam. Zou dit liefde zijn? Overleeft deze relatie wél haar derde verjaardag?

Beigbeder is verstandig en laat de vraag open. De opportunistische schrijver heeft mooi geld verdiend met het aangedikte verslag van zijn eerste huwelijk, maar eindigen in afgrondelijk cynisme, dat is blijkbaar een brug te ver. Natuurlijk is Beigbeder een klootzak, maar hij weet het. Perfide, maar lucide. Op papier — maar alleen op papier — maakt dat een wereld van verschil.
Schrijven over het nachtleven was een vicieuze cirkel waarin ik vastzat. Ik bezatte me om te vertellen over de laatste keer dat ik me had bezat. Maar dat was toen, voortaan zouden we de confrontatie met het daglicht aangaan. Laat ’s kijken, wat voor soort artikelen zou een parasiet zonder werk nou ’s kunnen schrijven? Stelt u zich Graaf Dracula voor op klaarlichte dag; welk vak zou hij kiezen? Wat worden bloedzuigers als ze zich omscholen?
Liefde duurt drie jaar heb ik verschillende vrouwen in mijn omgeving aangeraden. Spontane feedback komt er nooit. Ik vraag er ook niet meer naar.

(Gebaseerd op notities van 27 september 2006.)

> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken
> bibliografie in de commentaren hieronder

Frédéric Beigbeder, Liefde duurt drie jaar
157 p.
Uitgeverij De Geus, 2003
Oorspr. L’amour dure trois ans (1997)
Vertaald door Marianne Kaas

____

3 reactie(s):

Achille van den Branden zei

Boeken waar Beigbeder naar verwijst:

De klokkenluider van de Notre Dame - Hugo
La séparation – Dan Franck
Breakfast at Tiffany’s - Capote
Tender is the night – Fitzgerald
Reis naar het einde van de nacht - Céline
Het lijden van de jonge Werther - Goethe
De ondraaglijke lichtheid van het bestaan - Kundera
Kreutzersonate – Tolstoj
Adolphe – Benjamin Constant
Aardse spijzen – André Gide
The jungle book – Rudyard Kipling
De tijgerkat – Giuseppe Tomasi di Lampedusa
Fantômas – Marcel Allain en Emile Souvestre
Les liaisons dangereuses – Choderlos de Laclos
Met gesloten deuren – Sartre
Il deserto dei tartari – Dino Buzzati
Hiroshima mon amour – Marguerite Duras
Belle du seigneur – Albert Cohen
Barnabooth – Valerie Larbaud


En verder naar de schrijvers:

Louis Aragon
Blodin
Drieu la Rochelle
François Nourisier
Sagan
Epicurus
Jean-Edern Hallier
Proust
Wilde
Stendhal
Barthes
Paul-Jean Toulet
Barbara Cartland
Don Quichot
Radiguet
Descartes
Musset
Camus
Morand
Byron

Frank Hellemans zei

Groot gelijk, Achille. Ik vond Beigbeder ook een meer dan interessante schrijver - zijn debuut over de wereld van de marketing vond ik een knap werk: een eyeopener en satirisch zeer geslaagd. Een van de laatste boeken die ik nog in het Frans heb gelezen. Afijn, misschien moet ik toch weer eens iets in het Frans gaan lezen...

Frank Hellemans

Anoniem zei

"Er is een duistere kant in mijn persoonlijkheid die de onttakeling van de liefde namelijk een belangrijk project vind."

Een eindredacteur van De Morgen ingehuurd? :-)

Related Posts with Thumbnails