Knippen - Ring Lardner
Nederlandse uitgevers surfen graag mee op de golven van het succes. Daarom is het verwonderlijk dat een vertaling uit het werk van Ring Lardner (1885-1933) zo lang op zich liet wachten. Terwijl Lardner door Holden Caulfield in The catcher in the rye (ook in de Lage Landen een heilig boek) toch met veel omhaal wordt geprezen als een van zijn favoriete schrijvers. In 2003 was het zover. Uit de meer dan honderd kortverhalen van Lardner werden er een stuk of tien gebundeld in Knippen.
Ringgold Wilmer Lardner wordt geboren in Niles, Michigan, en groeit op in een rijk gezin dat er een strikt Victoriaanse moraal op nahoudt. Wanneer de Lardners door een aantal ongelukkige investeringen het familiekapitaal verliezen, moet er echter gewerkt worden. Na enkele luizenbaantjes mag Lardner, honkbal-en bokskenner, beginnen als sportverslaggever bij diverse kranten in Chicago. Hij had er één taak, meldt Hans Heesen in zijn informatieve nawoord: verslag doen van het reilen en zeilen van de White Sox en de Cubs, de plaatselijke baseballteams.
Niet altijd is er voldoende nieuws te rapen van het sportieve front, dus begint Lardner de verhalen achter de coulissen steeds meer in zijn bijdragen te verwerken. Wanneer hij op een dag een van zijn stukken niet kwijt kan aan zijn krant -- een waargebeurd verhaal over een honkbalspeler die zijn analfabetisme probeert te verbergen -- stuurt hij het op naar een gereputeerd blad, dat het wel plaatst.
Het betekent het opstapje naar de 'echte' literatuur (wat pas later tot Lardner door zou dringen) en, wanneer het publiek dol blijkt op de verhalen, naar een circuit van gretige afnemers, waaronder Harper’s Bazaar en Cosmopolitan. In vele verhalen van Lardner staat de biecht of het geklets van iemand van eenvoudige komaf centraal, waarbij deze niet schijnt te snappen dat hij zichzelf door zo'n monoloog ontmaskert of in diskrediet brengt. Het titelverhaal 'The haircut', ontluisterende roddels in een kapsalon, is wat dat betreft exemplarisch.
Lardner weet heel goed hoe hij gesproken en geschreven taal moet laten klinken. Hij werkte zich op tot een erkende autoriteit op het gebied van onvervalst Amerikaans, schrijft Heesen, en hij liet die autoriteit graag gelden.
Zo tikte hij eens de dichter J.V.A. Weaver op de vingers, omdat die in zijn poëziebundel In American ‘de verkeerde fouten’ had gemaakt. Geen hond zegt everythin’ en anythin’, berispte Lardner. ‘We zeggen wel somethin’ en nothin’, maar we zeggen anything en everything. Het kost moeite om daarbij de g weg te laten, en in de regel zoekt onze taal geen moeilijkheden.’In de jaren twintig is Lardner uitgegroeid tot de best betaalde en meest gelezen korte-verhalenschrijver van de Verenigde Staten. (De verhalen in Knippen stammen uit die glorieperiode, de jaren 1922-1929.) Foto's van Lardner, keurig in het pak achter de typemachine, sigaret uit de bek, ademen die typisch Amerikaanse schrijversromantiek uit. Maar zelf ziet de schrijver zijn kortverhalen louter als broodwinning. Lardner is inmiddels verhuisd naar een statig pand op Long Island, New York (op wandelafstand van W.C. Fields, Groucho Marx en Scott Fitzgerald) en heeft een gezin te onderhouden.
Door toedoen van Fitzgerald wordt Lardner naast zijn commerciële succes uiteindelijk ook als volwaardig literator beschouwd. William Faulkner, Virginia Woolf, Ernest Hemingway en André Breton zullen zich uiten als fans van zijn werk. Dat Hemingway zijn eerste probeersels onder het pseudoniem Ring Lardner Jr. doet verschijnen, is veelzeggend. Sommigen gaan volksschrijver Lardner als de nieuwe Twain zien, en dringen er bij hem op aan eens met een echte roman te komen. Lardner houdt bewust de boot af. Eigenlijk heeft hij de pest aan zijn werk, dat hem erg moeizaam afgaat.
'Ik bedenk ongeveer één plot per jaar, en vervolgens, als ik het begin op te schrijven, herinner ik me dat hij van iemand anders is, misschien wel van twee of drie anderen.'In het nawoord wordt Lardner uiteindelijk neergezet als een Victoriaan die slecht aangepast is aan de mores van de jonge twintigste eeuw. Het verlies van het familiekapitaal, de Eerste Wereldoorlog, het jazz-tijdperk, de crisis en Lardners ervaringen met corrupte sporthelden hadden hem bitter gemaakt. Lardner rookt en drinkt bovenmatig, en kampt met chronische slapeloosheid. De gevierde schrijver sterft op achtenveertigjarige leeftijd aan de gevolgen van tuberculose.

Knippen is best een aangename verzameling. De verhalen worden rechttoe rechtaan verteld, met een duidelijke pointe. Door de levendige verteltrant in de beste Amerikaanse traditie blijft Lardners werk probleemloos te genieten voor de hedendaagse lezer.
'In minstreel van Maysville' wordt een ontvanger van de vorderingen van een gasbedrijf door zijn omgeving gesterkt in zijn schrijversambities. In een vlaag van naïviteit neemt hij ontslag om zich te wijden aan zijn (uiterst belabberde) dichtkunst. Om pas later te ontdekken dat hij bedot werd.
Ik moet zeker zijn van een inkomen.’In 'Het liefdesnestje' wordt een patser uit de filmbusiness bij hem thuis geïnterviewd door een journalist. Ook zijn vrouw mag mee op de foto ("‘Hij gaat een verhaal over mij schrijven. Ik bedoel, over óns.’"), maar die ziet dat helemaal niet zitten. Tijdens het gesprek kan niet meer voorkomen worden dat het drankprobleem van de vrouw aan de oppervlakte komt.
‘Inkomen! Als u zeventien dollar per half uur kunt verdienen, dat wil zeggen vierendertig dollar per uur, oftewel… Hoeveel uur maakt u hier?’
‘Tien.’
‘Driehonderdveertig dollar per dag! Als dat geen inkomen is, verkoop ik nagelvijltjes aan de vissen.’
‘Ik zou dat tempo nooit kunnen volhouden. Ik moet op inspiratie wachten,’ zei Stephen.
‘Een dollar per regel zou voor mij voldoende inspiratie zijn.’
'Het kerstfeest van de ouwelui' gaat over een bemiddeld ouderpaar dat wacht op de terugkeer van hun twee kinderen. Hun zoon en dochter komen kerst vieren. De aankomst van die twee loopt niet alleen vertraging op, ze hebben ook hun vrienden meegebracht en lijken überhaupt niet geïntereseerd in kerstgezelligheid. Wat een feestje moest worden, eindigt kaal en wrang. ("‘Je hebt niet eens de moeite genomen je eigen cadeautje open te maken,’ zei hij.")
Echte jaren twintig-clichés -- opzwepende jazz en hardboiled misdaad -- vallen er in Knippen dus niet te rapen. Lardner schrijft weliswaar over immorele helden, maar die bewegen zich voornamelijk binnenskamers of in familiale kring. Even vergeet je een boek te lezen uit de roaring twenties, tot details je daarop attent maken. Een naam, een eigennaam. Norma Shearer is Keira Knightley niet.
Het verhaal 'Ik ga dood' doet het meest aan de schriftuur van Salinger denken. Een jong meisje trekt tegen wil en dank op met haar oom en tante. Haar dagboek is aanvankelijk half sarcastisch van toon, half gedrenkt in zelfmedelijden --
Pa en moeder zijn voor een maand naar het buitenland en mijn verblijf hier is bedoeld als schadeloosstelling voor het feit dat ze mij niet met hun hebben meegenomen. Een mooie schadeloosstelling om achter te worden gelaten bij oude mensen die naar een gelegenheid als deze komen om uit te rusten. Toch zou het hier zalig zijn onder andere omstandigheden, bijvoorbeeld als Walter hier ook was.-- maar krijgt onder de aanhoudende telegrammen en telefoontjes van de verschillende minnaars van het meisje ook iets puurs en ontvankelijks. Geen enkele minnaar is zich bewust van de mededingers, en ook het meisje kan geen keuzes maken, en valt telkens weer voor le dernier cri.
'Een dag met Conrad Green' is een geestige afrekening met de fameuze Broadway-impressario Florenz “Flo” Ziegfeld, met wie Lardner als musical-auteur enkele aanvaringen heeft gehad. Green komt naar voren als een lompe, ijdele, schraapzuchtige plagiator.
Dan is er ook nog 'Trouwdag', waarin Lardner een koppel senioren langs elkaar heen laat praten. Alle genegenheid lijkt opgedroogt tussen meneer en mevrouw. Meneer verdiept zich op de dag van hun huwelijksverjaardag nog het liefst in de trivia-secties van zijn geliefde dagblad. Waarin toevallig ook, heel grappig, een bericht staat over het verpauperde België van de jaren twintig.
‘Moet je dit horen: “Het aantal werklozen in Nederland bedraagt 26.000 geschoolde en 24.000 ongeschoolde arbeiders.” En dit: “In België loopt een groot deel van de bevolking nog steeds op klompen.” Dat houd je toch niet voor mogelijk vandaag de dag!”Knippen is typisch zo'n boek waarin de Nederlandse vertaling het Amerikaanse Engels banaliseert en steriliseert. Hoekig Engels wordt gladgestreken, soepel Engels gaat in het Nederlands al snel bobbels vertonen. Neem onderstaande woordenwisseling uit 'Wat een glimlach', het verhaal waar Caulfield zo dol op was. Een verkeersagent praat in op de hardrijdster waar hij een oogje op heeft laten vallen. Ik ken de Engelse tekst niet, maar je ziet meteen dat hier te veel lettergrepen staan. Wég vaart.
‘Word je wel eens geraakt?’Ook de grote verschillen in sociolect worden in het Nederlands, die zo'n traditie niet heeft, weggevlakt. Terwijl die volgens Heesen een vitaal onderdeel zijn van Lardners universum:
‘Doorlopend, maar alleen rakelings. Ik word zelden omver gekegeld en overreden.’
‘Is het niet vermoeiend om de hele dag op je voeten te staan?’
‘Altijd nog beter dan op m’n handen. Zonder gekheid, ik ben er zo aan gewend, dat ik ’s nachts zelfs zo slaap.’
De moeite die mensen hadden met hun taalgebruik zag Lardner als een symptoom van de moeite die zij hadden met hun leven. Dat leven werd beheerst door de American Dream, het streven hogerop te komen, de aspiratie succesvol te zijn. De taal was daarbij voor de meesten geen hulpmiddel maar een handicap. Wie niet succesvol was, probeerde zich toch als zodanig te presenteren. Probeerde zich beter, gewichtiger, duurder voor te doen dan hij was, maar liep door zijn taalgebruik tegen de lamp. Door mensen zelf aan het woord te laten (…) had Lardner niet alleen een vorm voor zijn verhalen gevonden, maar bovendien een vorm die prachtig samenviel met wat hij te zeggen had. In al zijn verhalen zijn dromen bedrog, en illusies vals.Tot die conclusie was ik op basis van deze vertaling nooit gekomen, zonder daarom de vertalers grote verwijten te willen maken. Het Nederlands werkt gewoon tegen hen.
> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken
> http://www.tridget.com/
Ring Lardner, Knippen : verhalen
189 p.
Uitgeverij Contact, 2003
Oorspr. losse verhalen in diverse bladen (1922-1929)
Vertaald door Hans Heesen en Auke Leistra
____

0 reactie(s):
Een reactie plaatsen