maandag 24 september 2007

Reizen met Herodotos - Ryszard Kapuscinski

De onlangs overleden Poolse journalist en wereldreiziger Ryszard Kapuscinski beschouwde Herodotos als een van zijn grote voorbeelden. Reizen met Herodotos is een late ode aan zijn leermeester. Het bevat stukken over contreien die ook door de Griekse geschiedschrijver worden behandeld in zijn hoofdwerk Historiën.

Herodotos (vijfde eeuw vC.) maakte in zijn jonge jaren een reeks studiereizen door de dan bekende wereld (o.a. Griekenland zelf, Klein-Azië, Opper-Egypte, Noord-Afrika, delen van het Midden-Oosten, het huidige Oekraïne en de Krim, delen van West-Europa), zodat hij een in zijn tijd zeldzaam brede kennis van de wereld vergaarde.

Rond zijn veertigste levensjaar vestigde hij zich te Athene, waar hij openbare lezingen hield uit zijn reisverslagen. Zo werd hij opgenomen in de kring van vooraanstaande intellectuelen rond de staatsman Pericles. Daartoe behoorde o.a. ook zijn vriend, de tragedieschrijver Sophocles.

Herodotos leefde inderdaad in dezelfde tijd als de grootste Griekse tragici – zie ook Aischylos en Euripides - het gouden tijdperk van het theater, waarbij een toneelstuk doordrongen is van de sfeer van religieuze ceremonieën, volksriten en Dionysos-feesten. In dat klimaat stelt hij zich als taak de hele wereldgeschiedenis zo getrouw mogelijk vast te leggen.

Hij vestigt zich ten slotte in Zuid-Italië om zijn levenswerk te voltooien. In de Historiën (Verslag van mijn onderzoek) behandelt hij de gewelddadige confrontatie tussen Oost en West, tussen 'barbaroi' en Grieken, die zijn voorlopig hoogtepunt beleefde in de Perzische Oorlogen.

In Reizen met Herodotos staan dan ook reisbeschrijvingen van streken waar Kapuscinski al eerder en uitgebreider over heeft geschreven in zijn journalistieke werk. India bijvoorbeeld. In Herodotos' tijd was India een van de twintig provincies ('satrapieën') van de grootste mogendheid in die dagen, Perzië.

Kapuscinski verbaast zich erover hoeveel dingen in India heilig zijn - een heilige stad, heilige rivier, miljoenen heilige koeien - en hoezeer de mystiek het leven er doordringt, met zijn vele tempels, beeldjes en rituele tekens. Hij voelt broederschap met de arme mensen, het lijkt alsof hij terugkomt in het huis van zijn kindertijd.

Een van de voornaamste preoccupaties in Reizen met Herodotos echter is de taal, dé ultieme poort om toegang te krijgen tot een elementair begrip van vreemde volkeren.

"Elke dag stampte ik woordjes, fanatiek, zonder nadenken (Wat scheen er aan de hemel? The sun. Wat viel er op de aarde? The rain. Wat bewoog de bomen? The wind. Enzovoort, enzovoort, twintig tot veertig woordjes per dag.) Ik las Hemingway, in het boek van pastoor Dubois probeerde ik het hoofdstuk over de kastes te begrijpen. Het begin was niet eens moeilijk: je hebt vier kastes, de eerste, de hoogste, dat zijn de brahmanen, de priesters, mensen van de geest, denkers, zij die de weg wijzen; de tweede kaste, lager zijn de ksatriya’s – strijders en machthebbers, de mensen van het zwaard en de politiek; de derde, nog lager, zijn de vaisya’s – kooplui, handwerkslui, boeren; de laagste kaste ten slotte zijn de sudra’s – mensen die fysieke arbeid verrichten, bedienend personeel, dagloners."

Het Chinees stelt hem later voor nog veel grotere problemen.

"Toegegeven, direct na mijn komst begon ik die zelf, in mijn eentje, te leren. Ik probeerde me door een oerwoud van hiërogliefen en ideogrammen heen te worstelen, tot ik op een doodlopende weg belandde: het bestaan van meerdere betekenissen van één karakter. Zojuist heb ik ergens gelezen dat er meer dan tachtig Engelse vertalingen van Tao Te King (de bijbel van het taoïsme) bestaan en allemaal zijn ze competent en betrouwbaar, maar tegelijk volkomen verschillend! De moed zakte me in de schoenen. Nee, dacht ik, ik red het niet, dat lukt me nooit. De karakters flikkerden voor mijn ogen, schitterden en pulseerden, veranderden van vorm en positie, de relaties en verbindingen, afhankelijkheden en stelsels vermenigvuldigden en deelden zich, vormden rijtjes en kolommen, het ene verving het andere, de vormen met een –ao doken zomaar op in het karakter met een –ou, of ik nam opeens het karakter met een –eng aan voor dat met een –ong, wat echt een gruwel van een fout schijnt te zijn!"

Kapuscinski realiseert zich snel dat de beschavingen van India, China en de Grote Steppe zo rijk, complex en divers zijn, dat om zelfs maar een fragment ervan te leren kennen, je je hele leven eraan zou moeten wijden. Daarom begint hij ook de kant van Afrika op te gaan, omdat Azië hem in verlegenheid brengt. Afrika lijkt hem meer versnipperd, "geminiaturiseerd in zijn veelheid" en daardoor grijpbaarder, toegankelijker.

Maar ook tijdens zijn ervaringen in Ethiopië en Senegal, of wanneer hij over de Afrikaanse slavernij schrijft, blijft de Poolse wereldreiziger Herodotos lezen en - zorgvuldig - citeren. Darius, Xerxes, Alexander de Grote en Mardonios worden uitgebreid getypeerd. Wreedaardige antieke anekdotes - zoals het onderstaande fragment -

"Nu iets over hun oorlogsgebruiken. Elke Skyth zal een slok drinken van het bloed van de eerste tegenstander die hij heeft verslagen. De koppen van alle vijanden die hij op het slagveld heeft omgebracht, levert hij bij het stamhoofd in, want uitsluitend degene die een hoofd heeft afgedragen, mag delen in de buit en anders krijg je niets. Het stropen van de hoofdhuid wordt als volgt gedaan: eerst wordt boven de oren rondom een snede gemaakt; dan pakken ze het hoofdhaar vast en schudden de schedel leeg. De vleesresten worden er met een runderrib uitgepeuterd. De scalp wordt met de handen net zo lang gekneed tot hij soepel is en als een soort handdoekje kan worden gebruikt. Ieder bevestigt die vol trots aan de teugels van zijn eigen rijpaard en wie de meeste van die lappen heeft verzameld, is de grote man. Vaak vervaardigen ze ook jassen van mensenhuid, die ze net zo aaneennaaien als dat voor een leren jak gaat en die ze dan over hun ander kleren aantrekken. […] Mensenvel schijnt sterk te zijn en lijkt door zijn blankheid veel meer glans te hebben dan de huiden van andere schepsels."

wisselen elkaar af met verzuchtingen over geschiedschrijving als zeer prille wetenschappelijke discipline, en algemene levenswijsheden, die Kapuscinski de 'Wetten van Herodotos' noemt.

"Het is veel eenvoudiger de massa om de tuin te leiden dan de eenling."

"Verneder de mensen niet want om die reden zal hun leven beheerst worden door wraakzucht."

Dit boek behoort niet tot zijn beste titels, maar dan nog overstijgt het makkelijk de middelmaat door de gave en de passie van Kapuscinski de zaken zo tastbaar mogelijk voor te stellen.

"Want de Chinezen bouwden aan deze muur, met tussenpozen, gedurende tweeduizend jaar. Ze zijn er al mee te begonnen ten tijde van Boeddha en Herodotos, en ze waren met dat bouwsel nog bezig toen in Europa Leonardo da Vinci, Titiaan en Johann Sebastian Bach hun meesterwerken aan het scheppen waren."

(Gebaseerd op notities van 8 juni 2006.)

> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken
> beknopte bibliografie in de commentaren
> http://en.wikipedia.org/wiki/Herodotus
> http://en.wikipedia.org/wiki/Histories_(Herodotus)

Ryszard Kapuscinski, Reizen met Herodotos
263 p
Uitgeverij De Arbeiderspers, 2006
Oorspr. Podróze z Herodotem (2004)
Vertaald door Ewa van den Bergen-Makala
____

1 opmerking:

Achille van den Branden zei

Hindu manners, customs and ceremonies – J.A. Dubois
Schets van de Indische filosofie – Paul Deussen
Herinneringen. Flitsen uit Bengalen – Tagore
Pantjatantra, ofwel de vijf boeken van de wijsheid van India
Uitgekozen werken – Mao Tse Tung
Het ware boek van de Zuidelijke bloem – Tsjuang-tsy
What’s Wrong with China – Rodney Gilbert
A History of Modern China – K.S. Latourette
A Short History of Confucian Philosphy of East Asia – Lily Abegg
West African Studies – Mary Kingsley
Bantu Philosophy – Placide Tempels
Afrique ambiguë – Georges Balandier
Black Power – Richard Wright

Related Posts with Thumbnails