maandag 11 juni 2007

De allermooiste foto van de wereld - Johan de Vos

Ik verlang van foto-essayistiek, net als van een goede roman, dat ze me scherper leert kijken, grondiger doet interpreteren. Het voordeel van het genre is dat het vertrekpunt van auteur en lezer nu eens haarfijn vastligt: die ene bepaalde foto, dat ene verifieerbare beeld. Dat is bij een roman wel even anders.

Ik profiteer ervan: bij het lezen van dit soort boeken laat ik eerst de foto op mij inwerken en lees pas daarna wat hij bij de beter geoefende waarnemer teweeg bracht. Wat heb ik over het hoofd gezien? Wat zag ik anders? Waarom zou dat zijn?

De hier opgenomen stukken verschenen eerder in de rubriek 'Dag in Dag uit' van de Volkskrant, een krant die ik niet in de papieren versie kan lezen. Iedereen mocht zijn hoogst persoonlijke 'allermooiste foto van de wereld' opsturen naar de redactie. Een paar duizend mensen deden dat en honderd foto's werden op woensdag afgedrukt en besproken door Johan de Vos. Uit deze honderd heeft de auteur weer een selectie van 38 gemaakt voor dit boek.

Het spijt me dat dit alweer een bloemlezing is, want alles wat De Vos vertelt over fotografie interesseert me bij voorbaat. Jammer dat zijn boeken zo moeilijk te krijgen zijn, tweedehands. Iedereen zou De zeer korte liefde of Nogal onfatsoenlijk maar zeer verleidelijk in de kast moeten staan hebben (bundels vergelijkbaar met deze hier) en zijn theoretischere werk Wilde fotografie.

Het zit hem onder andere in het respect waarmee hij de gewonemensenfoto bejegent en de toon van zijn sobere, innemende notities erbij, een toon die me rustig stemt en ontvankelijk maakt.

Dat onderscheidt hem van Rudy Kousbroek, bij mijn weten de enige andere auteur in ons taalgebied die regelmatig over foto's schrijft - misschien moet ik K. Schippers ook meetellen. Ik heb de indruk dat Kousbroek foto's kiest die hem het vlugst brengen naar zijn favoriete cultuurhistorische topics. Ze zijn toch vooral de illustraties bij zijn fascinaties. Kousbroeks Fotosyntheses verschillen weinig van zijn overige essayistische werk.

Johan de Vos echter laat resoluut de foto's zelf spreken. Foto's die - nog een belangrijk verschil - nauwelijks spektakelwaarde hebben, geen curiositeiten laten zien of artistieke pretenties hebben. Het zijn weinig bijzondere foto's. Tot De Vos er zijn licht over laat schijnen.

"Foto’s tonen maar één moment, ze zijn niet de samenvatting van een stemming, ze zijn slechts een – vaak haast toevallige – keuze.
Maar ook al zou dit moment niet representatief zijn, toch is het mooi om zien. En meer nog, het zet de kijker aan het denken. Een foto kan iemand anders laten zien. In een tussenmoment kan een glimp te voorschijn komen van de persoon die het kind later zal zijn. Of één van de personen die hij later zal zijn. Een mens groeit in scheuten en kinderen dragen al de facetten van het latere leven in zich. Daarom zijn foto’s zo leerzaam. Vooral de foto’s van onszelf en de mensen die ons omringen. Ze isoleren de dingen. Ze leggen de tijd stil en tonen ons wat we in de roes van de beweging en het gewemel van de kleuren nauwelijks kunnen waarnemen."


De Vos herstelt in tijden van overvloedige beeldmanipulatie en digitale fotografie de foto als fysiek object in ere.

"Het is een dure foto. En toch, hij is klein en in zwart-wit. Maar de afdruk is vakwerk. Handwerk. Dit kan niet goedkoop zijn. De witte rand rond de foto is smal en ongelijk, iets breder onderaan. De compositie van het beeld, de verdeling van de scherpte en het contrast maken het beeld niet alleen bevallig, maar ook degelijk. Voor de tweede wereldoorlog waren alle foto’s degelijk, maar in de jaren zeventig is vakwerk een uitzondering."

"De afdruk werd niet goed gespoeld, er hangt een bruine wolk boven en door het gezicht van de man. Dit beeld is gedoemd om snel te verbleken en te verdwijnen. Als we het nog willen zien moeten we nu kijken. Over twintig jaar zal het al te laat zijn."

Het gaat in De allermooiste van de foto van de wereld nog vaker dan anders over wat mensen doen met foto's, hun liefdevolle handtastelijkheden. Soms komt daar een schaar aan te pas [zie foto].

"Het objectief van ons fototoestel geeft eigenlijk ronde beelden. Maar de negatieven zijn rechthoekig want in het toestel wordt slechts een rechthoekig stuk van het ronde beeld gebruikt. Het stuk waar de film zit. De rest van het beeld wordt niet geregistreerd, het gaat verloren op de matte zwarte verflaag binnen in het toestel rond de film. We hebben de neiging om – slaafs, of zonder er veel bij na te denken – dit rechthoekige beeld te respecteren, we vinden het zonde om iets van de foto te knippen (er is voor betaald). Soms, een enkele keer, wordt er in foto’s geknipt, als we moedig iets storends wegsnijden, een andere keer wordt de foto in een vlaag van woede of teleurstelling verscheurd. Knippen, scheuren en plakken is nochtans een boeiende activiteit. Ik vind het prachtig dat er in deze foto geknipt werd. Het is een vorm van aandacht. Het knippen diende niet om de foto in een lijstje te werken, neen, de foto werd bloot opgehangen, want boven en onderaan de foto’s zitten respectievelijk twee en één punaisegaten en trouwens, het knipwerk is behoorlijk asymmetrisch. Het gebeurde uit liefde."

Johan de Vos legt uit wat je kan afleiden uit de scherpte van het licht, het formaat van de foto, de pupillen van de gefotografeerde mensen, hun lichaamshouding, het standpunt (op ooghoogte, erboven, eronder) van het toestel.

Hij is tevens een meester in het reconstrueren van het creatieve proces en het sentiment achter de foto's. Hij gaat dieper in op de man of vrouw achter de camera, peilt naar hun bedoelingen, duidt hun ruimtelijke positie ten opzichte van het gefotografeerde - leidt die soms af uit pietluttigheden - zodat de lezer stilaan een prachtig 3-D-beeld krijgt van de situatie. De foto wordt dan een vierkant sleutelgat dat uitzicht geeft op vaak hoogst particuliere taferelen. Dat is opwindend en vertederend.

De afbeeldingen worden vergezeld van opvallend goed geschreven persoonlijke notities van hun makers, meestal mensen uit de provincie. De oorspronkelijke foto's (meestal in kleur) zijn daarbij op de linkerpagina in zwart-wit afgedrukt. Dat is geen slecht idee: als De Vos af en toe opmerkingen maakt over de kleurstellingen, zet dat de fantasie extra aan het werk.

"Kleuren worden vaak mooier met de jaren, kleuren zijn levende pigmenten, ze maken verbindingen met de lucht. De vergane kleuren maken de foto’s minder realistisch. Ook hier, het kleine versleten fotootje krijgt iets van een miniatuurschilderijtje: een fragiel tafereel van vroeger."

Prachtig is De Vos' beschouwing over lachen op foto's. Als de dadendrang van amateurfotografen op familiepartijtjes niet meer te stoppen is, worden we er allemaal toe verleid. Dat blijkt een verrassend recent verschijnsel.

"Lachen op de foto is een westers verschijnsel van na de tweede wereldoorlog. Het is cultureel bepaald. Dat wil zeggen: moderne westerlingen hebben de neiging om te lachen op de foto. Lachen is een uiting van het zich goed voelen en tevens een vorm van welstand. Als mensen moeten kiezen tussen somber, ernstig of lachend op de foto, dan kiezen ze meestal voor lachend. Lachen heeft nochtans nadelen: het is in ieder geval niet ernstig, het verdraait enkele spieren in het gezicht, de ogen worden kleiner, de mond wijder, de tanden zichtbaar, de spieren onder de kin worden samengetrokken, de wangen worden gespannen en er verschijnen extra rimpels in het voorhoofd. Mensen die een rimpelloze huid prefereren kunnen beter niet lachen.
Men kan op twee manieren al lachend op de foto staan. Ten eerste omdat de geportretteerde lacht voor de foto, en ten tweede omdat de fotograaf iemand fotografeert die lacht. Deze foto is van de tweede soort en ook nog dubbel. Het zijn er twee die lachen. En dan treedt een nieuw verschijnsel op: lachen werkt aanstekelijk. De ene vriendin doet de andere lachen, en met zijn tweeën brengen ze ook ons aan het lachen."


> lees een fragment uit dit boek op Prins van Denemarken
> meer over fotografie op Achille
> http://www.johandevos.com/
> http://johandevosfotorecensent.skynetblogs.be/

Johan De Vos, De allermooiste foto van de wereld
159 p.
Uitgeverij Mets, 1999

____fotokey

0 reactie(s):

Related Posts with Thumbnails